Actie 2

Om taalachterstand bij heel jonge kinderen te voorkomen of snel te verhelpen wordt voorinstructie vanaf de peuterklas tot en met het eerste leerjaar ingevoerd. Het eerste leerjaar is hierbij een cesuurmoment omdat leerlingen bij het leren lezen nog een inhaalbeweging kunnen maken in klassikaal verband. Via een eenvoudige taalscreening wordt nagegaan welke kinderen extra ondersteuning nodig hebben. Zij krijgen individuele begeleiding of werken in kleine groepjes tijdens de reguliere schooltijd.
De ondersteuning focust op de Nederlandse taal die nodig is om de leerstof in de klas vlot te kunnen verwerven.

Via welke middelen wordt deze voorinstructie georganiseerd?

sla link op in klembord

Kopieer

Voor deze voorinstructie wordt er een werkingsbudget voorzien dat uit twee componenten bestaat: een gesloten enveloppe en een vastgesteld bedrag. Het bedrag dat een school zal ontvangen, wordt berekend per leerling, meer specifiek per kleuter en leerling basisonderwijs die zes jaar is voor 1 januari van het lopende schooljaar.

De leerling moet daarnaast aan minstens één van de volgende indicatoren voldoen:

  • de thuistaal van de leerling is niet de onderwijstaal,
  • de leerling ontvangt een schooltoeslag,
  • het opleidingsniveau van de moeder.
Belangrijk is het verschil tussen de leerlingen die de middelen genereren via de bovenstaande indicatoren en de leerlingen voor wie de middelen aangewend mogen worden. De school bepaalt zelf welke leerlingen nood hebben aan ondersteuning en heeft hierbij best oog voor de bovenstaande indicatoren.

Het bedrag dat je school ontvangt bestaat uit twee componenten:  

  • jouw deel van de gesloten enveloppes per indicator die verdeeld worden over de scholen à rato van het aantal leerlingen dat aantikt per indicator; 
  • een vast bedrag per leerling per indicator 
De teldag is de eerste schooldag van februari van het voorgaande schooljaar.

Op Mijn Onderwijs voor Directies en Administraties vind je vanaf 1 april  2026 de dienstbrief “Ieder Kind Taalheld” terug. Die dienstbrief bevat een voorlopige berekening van de middelenstromen binnen het decreet, op basis van de teldatum 1 februari 2026. Let op: de berekening is niet definitief en geeft alleen een voorlopig zicht op de te verwachten middelen. Pas na afronding van de verificatie en definitieve berekening van de middelenstromen, ontvang je een definitieve dienstbrief.

Hoe mag je deze middelen aanwenden?

sla link op in klembord

Kopieer

Voor welke leerlingen?

sla link op in klembord

Kopieer

De school bepaalt zelf welke leerlingen nood hebben aan deze voorinstructie. Het is dus niet zo dat de middelen enkel mogen aangewend worden voor de leerlingen die ze hebben gegenereerd. 

Voor welke aankopen/uitgaven?

sla link op in klembord

Kopieer

De middelen kunnen gebruikt worden voor alles wat je nodig hebt in je werking om het doelvoorinstructie met focus op Nederlandse taalkennis nodig voor het behalen van de minimumdoelen, te bereiken. 

Inzet van personeel

sla link op in klembord

Kopieer

Met dit werkingsbudget kan een school ook personeel aanstellen op twee manieren:

  • personeel dat onder het decreet rechtspositie valt
  • contractuele medewerkers die buiten het decreet vallen

Wanneer een school contractuele medewerkers aanstelt, werkt ze samen met een sociaal secretariaat. Dat secretariaat helpt bij de berekening van lonen, vakantiegeld en de eindejaarstoelage.

Deze regeling maakt het mogelijk om ook andere profielen aan te trekken, omdat de regels rond bestaande ambten en bijbehorende bekwaamheidsbewijzen hier niet gelden. Contractuele personeelsleden bouwen in dit geval geen voorrangsrechten op.

Bestedingstermijn: twee schooljaren

sla link op in klembord

Kopieer

Deze middelen moeten telkens besteed worden tijdens het lopende en het daaropvolgende schooljaar. Dat betekent dat de middelen die je krijgt in schooljaar 2026-2027 uiterlijk kunnen gespendeerd worden tussen 1 september 2026 en 31 augustus 2028.

Handvatten

Wil je als basisschool deze actie al voorbereiden, dan kan je ...

  • screenen hoe je nu al de voorinstructie in je klas organiseert, vb. worden er vooraf instructies gegeven bij een verhaal dat later wordt voorgelezen, bij een nieuwe klank of letter of bij een informatieve tekst die samen wordt gelezen?
  • het effect van deze acties onderzoeken en bijsturen waar nodig. 

Contact

Hanne Carrein
projectmedewerker Ieder kind taalheld    
 
kleuteronderwijs
lager onderwijs
      Lien De Feyter
      stafmedewerker
      scholen voor iedereen
       
      basisonderwijs
          Kim Expeels
          pedagogisch begeleider
          curriculum en vakdidactiek
          didactische thema's
          scholen voor iedereen   

          secundair onderwijs
              Evy Ho Tiu
              pedagogisch begeleider
              didactische thema's
              leef- en leerklimaat (leerlinggedrag) 
              scholen voor iedereen
               
              buitengewoon onderwijs
              lager onderwijs
              secundair onderwijs
                  Valerie Mertens
                  pedagogisch begeleider
                  curriculum en vakdidactiek
                  didactische thema's 
                  studieloopbaan 
                   
                  kleuteronderwijs
                  lager onderwijs
                      Katrijn Nys
                      projectmedewerker Ieder kind taalheld

                      kleuteronderwijs
                      lager onderwijs
                          Lotte Vandenbempt
                          projectmedewerker Ieder kind taalheld

                          lager onderwijs
                              Soetkin Werbrouck
                              projectleider Ieder kind taalheld 
                                  ×
                                  Kijkt als...
                                  Niveau
                                  Regio
                                  Kan ik je helpen?