Leerlingen uit het tweede tot en met het zesde leerjaar van het basisonderwijs die niet in aanmerking komen voor de taalheldklas, maar wel extra taalondersteuning nodig hebben, kunnen drie uur extra remediëring krijgen. Deze extra ondersteuning helpt om taalachterstand weg te werken.
Scholen mogen zelf beslissen hoe ze deze drie uur organiseren. Zo kunnen ze die zowel binnen, als buiten de reguliere onderwijstijd aanbieden. Kiest de school ervoor om die buiten de reguliere onderwijstijd in te richten, dan kan de remediëring niet verplicht worden voor de leerlingen. De ondersteuning wordt wel sterk aanbevolen, omdat een goede kennis van de onderwijstaal belangrijk is om de lessen goed te kunnen volgen.
Voor deze remediëring is een werkingsbudget voorzien. Hiervoor wordt er met een gesloten enveloppe gewerkt. Het bedrag dat een school zal ontvangen, wordt berekend per leerling, meer specifiek per leerling basisonderwijs die ouder is dan zeven jaar voor 1 januari van het lopende schooljaar.
De leerling moet daarnaast aan minstens één van de volgende indicatoren voldoen:
Deze indicatoren zijn cumulatief.
Met dit werkingsbudget kan een school, net als bij actie 2, ook personeel aanstellen op twee manieren:
Wanneer een school contractuele medewerkers aanstelt, werkt ze samen met een sociaal secretariaat. Dat secretariaat helpt bij de berekening van lonen, vakantiegeld en de eindejaarstoelage.
Deze regeling maakt het mogelijk om ook andere profielen aan te trekken, omdat de regels rond bestaande ambten en bijbehorende bekwaamheidsbewijzen hier niet gelden. Contractuele personeelsleden bouwen in dit geval geen voorrangsrechten op.
Handvatten
Wil je als basisschool deze actie al voorbereiden, dan kan je ...