Vanaf schooljaar 2026-2027 kunnen scholen taalheldklassen organiseren voor elke anderstalige nieuwkomer die nieuw instroomt in het Vlaams onderwijs en die ingeschreven is in het tweede leerjaar of hoger, ongeacht de verblijfsstatus. Leerlingen uit de taalheldklas stromen zo snel mogelijk door naar het reguliere onderwijs. In deze klas zijn na de beslissing van de klassenraad ook leerlingen welkom die onvoldoende basiskennis hebben om aan het reguliere programma deel te nemen. Wanneer blijkt dat een anderstalige nieuwkomer het Nederlands al voldoende beheerst, hoeft deze leerling de taalheldklas niet te volgen. Ook hierover beslist de klassenraad. We denken hier bijvoorbeeld aan een anderstalige nieuwkomer wiens thuistaal niet Nederlands is, onderwijs gevolgd heeft in Nederland en nu naar Vlaanderen komt.
De taalheldklas is er voor elke anderstalige nieuwkomer die nieuw instroomt in het Vlaamse onderwijs en die op basis van de administratieve groep* ingeschreven is in het tweede leerjaar of hoger, ongeacht de verblijfsstatus.
Als een schoolbestuur er, op basis van zijn pedagogisch project, voor kiest om leerlingen niet per leerjaar te registreren in de administratieve toepassingen van het Vlaamse Ministerie van Onderwijs en Vorming, worden taalheldklassen georganiseerd voor de anderstalige nieuwkomers die nieuw instromen in het Vlaamse onderwijs en die vóór 1 januari van het lopende schooljaar 7 jaar of ouder zijn. Leerlingen uit de taalheldklas stromen zo snel mogelijk door naar het reguliere onderwijs.
In deze klas zijn na de beslissing van de klassenraad ook leerlingen welkom die onvoldoende basiskennis hebben om aan het reguliere programma deel te nemen, op voorwaarde dat eerder genomen remediërende taalmaatregelen ontoereikend waren.
De taalheldklas is er voor elke anderstalige nieuwkomer die nieuw instroomt in het Vlaamse onderwijs en die op basis van de administratieve groep ingeschreven is in het tweede leerjaar of hoger, ongeacht de verblijfsstatus.
Als een schoolbestuur er, op basis van zijn pedagogisch project, voor kiest om leerlingen niet per leerjaar te registreren in de administratieve toepassingen van het Vlaamse Ministerie van Onderwijs en Vorming, worden taalheldklassen georganiseerd voor de anderstalige nieuwkomers die nieuw instromen in het Vlaamse onderwijs en die vóór 1 januari van het lopende schooljaar 7 jaar of ouder zijn. Leerlingen uit de taalheldklas stromen zo snel mogelijk door naar het reguliere onderwijs.
In deze klas zijn na de beslissing van de klassenraad ook leerlingen welkom die onvoldoende basiskennis hebben om aan het reguliere programma deel te nemen, op voorwaarde dat eerder genomen remediërende taalmaatregelen ontoereikend waren.
Wanneer blijkt dat een anderstalige nieuwkomer het Nederlands al voldoende beheerst, hoeft deze leerling de taalheldklas niet te volgen. Ook hierover beslist de klassenraad. We denken hier bijvoorbeeld aan een anderstalige nieuwkomer van wie de thuistaal niet Nederlands is, die onderwijs gevolgd heeft in Nederland en nu naar Vlaanderen komt.
* een administratieve groep: een entiteit binnen de onderwijsstructuur die wordt geïdentificeerd door een uniek administratief groepsnummer. Een administratieve groep wordt gebruikt binnen de administratieve toepassingen van het Vlaamse Ministerie van Onderwijs en Vorming.
In een taalheldklas krijgen leerlingen intensieve onderwijsactiviteiten waarbij ze ondergedompeld worden in de onderwijstaal. Zo verwerven ze het Nederlands in functie van een zo snel mogelijke integratie in de reguliere onderwijsactiviteiten. De klassenraad van de taalheldklas bepaalt wanneer een leerling klaar is om in te stromen in het reguliere onderwijsaanbod.
Scholen stemmen vooraf met de ouders van de betrokken leerlingen de organisatie en inhoud van de taalheldklassen af. Daarnaast worden ouders op regelmatige tijdstippen geïnformeerd over de evolutie van hun kind en de prognose met betrekking tot de integratie in de reguliere klassen.
Een traject in de taalheldklas duurt maximaal één schooljaar. Wanneer een leerling pas instroomt op of na de eerste schooldag van mei, kan dit traject uitzonderlijk verlengd worden tot maximaal twee schooljaren.
De minimumdoelen van het basisonderwijs vormen het uitgangspunt. Leraren in de taalheldklas focussen vooral op de minimumdoelen die essentieel zijn voor een vlotte aansluiting bij het reguliere basisonderwijs. Scholen bepalen zelf welke minimumdoelen het best aansluiten bij de noden van hun leerlingen. Deze doelen worden nagestreefd op populatieniveau.
Heeft een school of scholengemeenschap te weinig leerlingen om een voltijds traject te organiseren, dan kan ze de doelstellingen van de taalheldklas ook geïntegreerd realiseren.
Daarnaast kunnen scholen binnen een scholengemeenschap samenwerken om taalheldlessen te organiseren. In dat geval kan een leerling vanaf het begin van het schooljaar en gedurende het volledige schooljaar voltijds les volgen in een andere school dan waar hij of zij is ingeschreven. De school communiceert dit duidelijk aan de ouders en licht ook de praktische regeling toe, bijvoorbeeld rond vervoer.
De taalheldklas moet zich op een redelijke afstand bevinden van de school waar de leerling is ingeschreven. De scholen binnen de scholengemeenschap maken hierover onderlinge afspraken. Daarbij wordt steeds de vrije schoolkeuze van de ouders gerespecteerd. Een ouder kan niet verplicht worden om zijn of haar kind een taalheldklas te laten volgen in een school van een ander onderwijsnet zonder voorafgaande toestemming.
Het schoolbestuur of de schoolbesturen van de betrokken scholengemeenschap duiden één school aan die als het contactpersoon fungeert ten aanzien van de bevoegde diensten van de Vlaamse Gemeenschap.
Scholen die gelegen zijn in het werkingsgebied van een LOP, maken afspraken op dat niveau inzake opvang, het aanbod van de taalheldklas, de toeleiding van anderstalige nieuwkomers naar de taalheldklas of het onthaalonderwijs en de opvolging bij doorstroom naar het reguliere aanbod.
Een scholengemeenschap (of een school als ze niet tot een scholengemeenschap behoort) ontvangt per leerling aanvullende lestijden via een open enveloppe. Die lestijden worden berekend op basis van het aantal leerlingen dat in aanmerking komt op de eerste schooldag van oktober, zie simulatietool.
Bij elke stijging of daling van vier leerlingen ten opzichte van het leerlingenaantal op de eerste teldag van oktober volgt een herberekening. Die gebeurt telkens aan 1,2 lestijden en loopt tot het einde van het schooljaar.
Naast de aanvullende lestijden per leerling is er ook een vastgesteld pakket aanvullende lestijden voor scholengemeenschappen of voor scholen die buiten een scholengemeenschap vallen. In totaal worden 8.849 lestijden verdeeld. Deze lestijden worden niet herberekend en mogen uitsluitend worden gebruikt voor de organisatie van taalheldklassen.
De teldag voor deze berekening is de eerste schooldag van februari van het voorafgaande schooljaar. In april 2026 ontvangen scholen via een dienstbrief een voorlopige berekening van het vastgestelde pakket aanvullende lestijden voor het schooljaar 2026-2027.
De toewijzing van de lestijden aan scholen gebeurt pro rata op basis van hun aandeel in het aantal leerlingen dat op de eerste lesdag van februari van het vorige schooljaar voldoet aan de volgende cumulatieve voorwaarden:
Handvatten
Wil je als basisschool deze actie al voorbereiden, dan kan je ...
