Ontwerpen van krachtige leeromgevingen

Hoe bouw jij als leraar een ontwikkelingsgerichte krachtige leeromgeving uit voor jouw leerlingen?

Opdracht vier van Opdrachten voor het katholiek basisonderwijs in Vlaanderen luidt: werken aan de ontplooiing van ieder kind, vanuit een brede zorg. Dat komt tot stand binnen een krachtige leeromgeving.” Het eenvoudig schema Ontwerpen van een krachtige leeromgeving met Zin in leren! Zin in leven!: zo doe je dat ondersteunt je in het gericht werken aan die krachtige leeromgeving voor elk kind.

Hier staat ingevoegde content uit een social media netwerk dat cookies wil schrijven of uitlezen. Je hebt hiervoor geen toestemming gegeven.Klik hier om dit alsnog toe te laten.

Het schema visualiseert de zes stappen die je als leraar of schoolteam doorloopt bij het ontwerpen van krachtige leeromgevingen: (1) een focus bepalen, (2) ervaringskansen inschatten, (3) een onderwijsarrangement uitwerken, (4) het onderwijsarrangement uitvoeren, (5) leerlingen evalueren en (6) kwaliteitsontwikkeling.

Elke stap doet ertoe in het ontwerpen, maar de sleutelrol blijft weggelegd voor jou en het schoolteam. Jullie zijn spilfiguren in alle onderwijsarrangementen, soms als trekkers, soms als coaches.

Wil je met dit schema aan de slag tijdens bijvoorbeeld een personeelsvergadering of een oefenmoment dan kun je gebruik maken van een presentatie waarin het systematisch wordt opgebouwd.

Focus bepalen

sla link op in klembord

Kopieer

Bij het ontwerpen van een krachtige leeromgeving staat een waartoe-vraag centraal: waartoe richten we de leeromgeving in? Het antwoord op die vraag bepaalt de focus. Een focus omvat de leerdoelen die in een bepaalde periode voor bepaalde leerlingen en vanuit vooropgestelde leeruitkomsten in het leerplan Zin in leren! Zin in leven! binnen de context van de school centraal staan. Je focus goed bepalen, stelt meteen ook scherp wat je later evalueert.

Afhankelijk van de leerling(en), de context of de aard van de ontwikkeling die erin nagestreefd wordt, kun je een leeromgeving inrichten voor een langere periode of een korte periode. Een leeromgeving kun je zowel inrichten op school-, groeps- of leerlingenniveau.

Eigen aan een goed antwoord op de waartoe-vraag is een focus met een beperkte set doelen. Het maakt leren overzichtelijk en beheersbaar voor jou en de leerling.

De focus is richtinggevend bij het voorbereiden, uitvoeren en evalueren. Ook na het beëindigen van een ‘leerperiode/leermoment’ meet je de effectiviteit van je werk met de vraag: “In welke mate was deze leeromgeving krachtig genoeg om deze leerdoelen te realiseren voor iedere leerling?”.

Wie zijn de leerlingen? Wat zijn hun opvoedings- en onderwijsbehoeften?

sla link op in klembord

Kopieer

Leerlingen komen niet onbeschreven de school binnen. Denk aan reeds verworven kennis, vaardigheden, inzichten en attitudes. Maar ook de kenmerken van de thuisomgeving (bijvoorbeeld de socio-economische status, lees hierover meer in de bouwsteen armoede) en waaraan leerlingen behoefte hebben in de school (Wat willen ze leren? Waar ligt hun interesse?) hebben invloed op hun verdere ontwikkeling. Daarnaast kunnen leerlingen barrières ervaren die hun leren in de weg staan.

Betrek leerlingen en ouders (thuisomgeving) actief. In het werken aan kwaliteitsvolle relaties met iedereen is een basishouding van flexibiliteit, dialoog en samenwerking en leren-van-elkaar onontbeerlijk.

In de bouwsteen krachtige leeromgeving van het Vademecum zorgbreed en kansenrijk onderwijs vind je reflectievragen om na te denken over de kenmerken van leerlingen op jouw school.

Wat biedt/vraagt de context?

sla link op in klembord

Kopieer

Iedere school functioneert in een specifieke context die van belang is voor wat de school doet en welke keuzes ze maakt. Denk aan de schoolpopulatie, de schoolgrootte, de infrastructuur, het schoolteam, de samenwerking met de omgeving en de financiële ondersteuning, de grenzen en de mogelijkheden van de uitbouw van de klas- en schoolpraktijk.

Ook groeperingsvormen hebben een bijkomend effect op prestaties van leerlingen. Dat betekent dat je als schoolteam bewust moet nadenken over groeperingen: wanneer werken we met individuen, kleine of grote groepen, heterogene of homogene groepen, groepsdoorbrekend ...? Maak daarbij optimaal gebruik van de infrastructuur van de school zelf.

Contextelementen kunnen zowel ondersteunend werken als barrières vormen. Zorg dat je zicht hebt op barrières in de context die het leren van je leerlingen in de weg kunnen staan, maar ook op de ondersteunende elementen in diezelfde context.

In de bouwsteen krachtige leeromgeving van het Vademecum zorgbreed en kansenrijk onderwijs vind je reflectievragen om na te denken over de context van jouw school.

In welke mate realiseren we het leerplan?

sla link op in klembord

Kopieer

Het leerplan Zin in leren! Zin in leven! reikt een samenhangend onderwijsaanbod aan en omvat in tien ontwikkelvelden de totale, harmonische ontwikkeling voor elk kind in de basisschool. Zin in leren! Zin in leven! is het gevalideerde doelenkader met het gemeenschappelijk curriculum voor katholiek basisonderwijs. In de bibliotheek op de Zill-site vind je de concordanties met ontwikkelingsdoelen en eindtermen en praktijkvoorbeelden.

In de bouwsteen krachtige leeromgeving van het Vademecum zorgbreed en kansenrijk onderwijs vind je reflectievragen om na te denken over de mate waarin je het leerplan realiseert.

Ervaringskansen inschatten

sla link op in klembord

Kopieer

Al bij de bepaling van de focus heb je een vermoeden van de wijze waarop je te werk gaat. Dat heet kortweg: je onderwijservaring inzetten. Dat beslissingsproces voltrekt zich vaak snel, spontaan en ad hoc. De uitkomst ervan bepaalt de richting voor het verdere ontwerp van een of ander onderwijsarrangement.

Zin in leren! Zin in leven! promoot een aanpak waarbij elke leerling kansen krijgt om veelvuldige en verscheiden leerervaringen op te doen. Alle leerlingen zijn daar namelijk erg bij gebaat. Gevarieerde leerkansen laten hen toe om leerinhouden vanuit verschillende perspectieven te benaderen. Het is ook een uitgelezen gelegenheid om de kansen die de diversiteit biedt, aan te wenden.

Het schema typeert vier ervaringskansen die – op hun eigen wijze – bijdragen aan de persoonsgebonden en cultuurgebonden ontwikkeling van elke leerling.

We onderscheiden ervaringskansen tot (1) ontmoeten, (2) zelfstandig spelen en leren, (3) begeleid exploreren en beleven en (4) geleid spelen en leren.

Ervaringskansen zijn geen afgebakende fases of leermomenten, eerder een continuüm in eenzelfde onderwijsarrangement of opeenvolgende arrangementen. Het onderscheid is enkel bedoeld om het eigen onderwijsaanbod kwalitatief te onderzoeken en waar nodig te versterken en bij te sturen.

Wie meer informatie wil rond ervaringskansen, kan terecht op de ZillSite. In de bibliotheek op deze site vind je heel wat praktijkvoorbeelden en illustraties vanuit diverse ervaringskansen.

Een onderwijsarrangement uitwerken

sla link op in klembord

Kopieer

Zodra de focus bepaald is en je relevante ervaringskansen ingeschat hebt, werk je een onderwijsarrangement uit. Een onderwijsarrangement omvat de wijze waarop een vooropgestelde ontwikkeling en doelen nagestreefd worden: lessen, leeractiviteiten, geboden ervaringskansen, organisatie van leerlingengroepen, belangstellingscentra, projecten, leeruitstappen, inrichting van je speelplaats, samenwerking met ouders en je brede buurt … kortom alles wat je op school organiseert in functie van een harmonische ontwikkeling van elke leerling.

Onderwijsarrangementen kunnen groot of klein zijn, lang of kort duren en gericht op de gehele school, een groep en/of een individuele leerling.

Bij de uitwerking van een onderwijsarrangement denk je zeker na over de materialen die je zult gebruiken. De kijkwijzers leermiddelen helpen je om juiste keuzes te maken, zowel bij beperkter inzetbare leermiddelen als bij het gericht kiezen van een methode voor een decretaal leergebied. Deze kijkwijzers zijn voor onze scholen het ideale handvat om vanuit de visie van ons leerplan en de uitbouw van een krachtige leeromgeving naar leermiddelen te kijken. Zo kunnen schoolteams de best passende keuze voor hen maken. Deze kijkwijzers worden, bij interessante nieuwe input uit het werkveld en /of onderzoek, steevast versterkt

Een onderwijsarrangement uitvoeren

sla link op in klembord

Kopieer

Eenmaal een gepland onderwijsarrangement loopt en de leerlingen erin aan de slag zijn, stuur je gaandeweg het arrangement bij waar nodig. Je benut formatieve evaluatie om je onderwijsleerproces gericht bij te sturen. Doe dat vooral in functie van het beter bereiken van de vooropgestelde focus. Soms zet een onderwijsarrangement ook onverwachte leerprocessen in gang, wat de aanleiding kan zijn om de focus bij te sturen, aan te vullen of totaal te veranderen.

Leerlingen evalueren

sla link op in klembord

Kopieer

De keuze voor een evaluatieprocedure neem je van meet af aan mee bij het ontwerpen van een onderwijsarrangement. Bij het vastzetten van de focus denk je daarom meteen na over hoe je:

  • gegevens verzamelt (data);
  • gegevens beoordeelt;
  • handelt (waarbij feedback een belangrijk wapen is);
  • communiceert over de gerealiseerde ontwikkeling met de leerling zelf, ouders, collega’s en eventueel externen (CLB, school secundair onderwijs …).

Alle informatie rond ‘leerlingen evalueren’ vind je overzichtelijk op één pagina.

We streven de ‘te verwachten leeruitkomst’ na bij elk kind, maar gunnen elk kind ook een ont-wikkeltraject dat aansluit bij zijn of haar individuele leerbehoeften. Op die manier garanderen we dat ieder kind op een gedifferentieerde manier in de richting van de voorspelde leeruitkomst vordert.

Evalueren doe je voortdurend met het doel de leerling te begeleiden naar een volgende ontwikkelstap binnen de leerlijn. Je gaat na wat de leerling bereikte, wat de volgende stap is of waar het leerproces vastliep. Dan zoek je naar een andere aanpak. Heel vaak gaat het om aanpassingen zoals differentiatie naar tempo, middelen, niveau of instructie of om remediëringsactiviteiten.

Bij de uitwerking van een krachtige leeromgeving kun je ook kiezen voor andere ervaringskansen in functie van de behoeften van de leerling. Je bewaakt dat je alle ervaringskansen aanbiedt aan elke leerling. Je houdt aanpassingen en hun effecten bij voor opvolging, ondersteuning en bijsturing bij het onderwijsarrangement.

Kwaliteit opvolgen

sla link op in klembord

Kopieer

Al meteen bij de uitvoering van het onderwijsarrangement ervaar je of je aanpak en aanbod de vooropgestelde leerdoelen zullen realiseren bij de leerling(en). Waar nodig stuur je je aanpak meteen bij en pas je aan. Zo toon je immers jouw professionele grondhouding.

Ook na het afronden van een onderwijsarrangement reflecteer je vanuit:

  • Wat werkte goed?
  • Wat werkte minder goed?
  • Hoe pak ik/pakken we het volgende keer aan?

Je kunt als leraar of schoolteam na verloop van tijd ook doelenoverzichten (week-maand-trimester) genereren in je digitale planningstool.  Die data laten de benutte kansen en groeimarge zien. Elke softwareleverancier stelt minimaal deze overzichten ter beschikking:

  • gewicht persoonsgebonden en cultuurgebonden ontwikkelvelden: in hoeveel % van de onderwijsarrangementen wordt ingezet op binnen- en/of buitencirkel?
  • gewicht ontwikkelvelden: in hoeveel % van de onderwijsarrangementen komen de ontwikkelvelden aan bod?
  • aanbod ontwikkelthema’s: welke ontwikkelthema’s komen (niet) vaak voor?
  • integratie ontwikkelvelden: in welke mate combineer ik het gekozen ontwikkelveld met andere ontwikkelvelden?
  • Hoeveel keer werd aan een generiek doel gewerkt en in welke onderwijsarrangementen?

Je vindt een handleiding en reflectievragen om deze overzichten optimaal in te zetten voor verdere kwaliteitsontwikkeling bij het overzicht van kwaliteitsinstrumenten die we aanreiken.

Contact

David Day
pedagogisch begeleider
      0486 95 06 58
      Marijke De Meyst
      pedagogisch begeleider
          02 507 06 99
          Patrick Malfait
          pedagogisch begeleider
              0468 15 35 13
              ×
              Kijkt als...
              Niveau
              Regio