Met je klas: oorzaken en gevolgen om op door te denken

De leerlingen denken na over oorzaken (van oorzaken) en gevolgen (van gevolgen) van een actuele kwestie of probleem en visualiseren dit.

Doelstelling

sla link op in klembord

Kopieer

De leerlingen visualiseren de oorzaken en gevolgen van een probleem. Ze krijgen inzicht in de complexiteit van het probleem.

Doelgroep

sla link op in klembord

Kopieer

Leerlingen basis- en secundair onderwijs.

Ongelooflijk hoe jonge leerlingen doordenken over een complex thema als armoede. Hen doen nadenken over mogelijke gevolgen stimuleerde hen automatisch om zowel negatieve gevolgen te benoemen als positieve zaken.

Verloop

sla link op in klembord

Kopieer

Voorbereiding

sla link op in klembord

Kopieer

De leraar is zelf voldoende geïnformeerd over het complexe probleem dat de leerlingen zullen bespreken. Dit dient niet om de leerlingen te sturen (integendeel), maar wel om zich voldoende veilig te voelen en de juiste vragen te stellen.

Wat zie je?

sla link op in klembord

Kopieer

De leerlingen zitten in een kring op de grond. De leraar legt ongeveer 25 foto’s op de grond die iets te maken hebben met het thema, armoede bijvoorbeeld. Het volgende is er bijvoorbeeld op te zien:

  • een kind op straat dat zijn hand uitsteekt;
  • diverse slaapkamers (met veel/weinig meubels);
  • een woonkamer met vocht op de muren;
  • schoenen met een gat in;

De leerlingen kijken in stilte naar de foto’s. De leraar vraagt: wat zie je?

Tip: oudere leerlingen kunnen aanvullende informatie opzoeken in teksten of op het internet.

De leerlingen vertellen over een foto. De leraar vraagt door zodat alle leerlingen naar de foto in zijn geheel en naar de details kijken. Een aantal foto’s worden zo besproken.

De leraar noteert elk antwoord in kernwoorden en ondersteunt door middel van eenvoudige pictogrammen in het midden van een flap. Alle kernwoorden en pictogrammen staan rond het centrale probleem (het thema armoede bijvoorbeeld).

Gevolgen

sla link op in klembord

Kopieer

Zonder het woord ‘gevolgen’ te moeten gebruiken, vraagt de leraar naar wat er allemaal kan gebeuren (of net niet) als je arm bent. Bijvoorbeeld: als je arm bent, dan ...

  • heb je weinig geld;
  • kun je dokter niet betalen;
  • kun je geen kleren kopen;
  • kun je geen cadeau kopen voor iemands verjaardag;
  • kun je wél een tekening maken voor iemands verjaardag;
  • ...

 

De leerlingen sommen allerlei gevolgen op die de leraar noteert aan de rechterkant van het probleem. Waar mogelijk trekt de leraar pijlen om aan te tonen wat elkaar opvolgt.

Oorzaken

sla link op in klembord

Kopieer

Zonder het woord ‘oorzaken’ te moeten gebruiken, vraagt de leraar naar het waarom, hoe het komt, dat mensen leven in armoede. De leerlingen denken na, de leraar noteert opnieuw alle kernwoorden ondersteund door pictogrammen op de flap, aan de linkerkant van het centrale probleem. Bijvoorbeeld:

  • als je centen verspilt, dan word je arm;
  • als je geen werk hebt, dan ben je arm;
  • als je ziek bent, dan heb je geen werk en dan ben je arm;
  • ...

Waar mogelijk trekt de leraar pijlen om aan te tonen wat elkaar opvolgt. De oorzaken en gevolgen kunnen in verschillende kleuren genoteerd worden, om het verschil te duiden.

Doordenken

sla link op in klembord

Kopieer

Problemen zoals armoede zijn vaak heel complexe problemen. Daarom is het goed om ook duidelijk te maken aan de leerlingen dat dit niet te vatten is in ‘oorzaak → probleem → gevolg’.

Als het nog niet aan bod kwam, vraagt de leraar nu naar oorzaken van een reeds genoemde oorzaak en naar gevolgen van een reeds genoemd gevolg. Bijvoorbeeld:

  • een oorzaak van armoede is geen werk hebben, een oorzaak van geen werk hebben is ziekte; 
  • een gevolg van armoede is weinig geld hebben, een gevolg van weinig geld hebben is geen kleren kunnen kopen, een gevolg van geen kleren kunnen kopen is raar bekeken worden of het koud hebben in de winter.

Met pijlen duidt de leraar op de flap de verschillende relaties aan. De leerlingen kunnen de flap blijven uitbreiden en de ketting van oorzaken en gevolgen langer maken.

Reflectie

sla link op in klembord

Kopieer

De leraar hangt de flap op in de klas en vraagt de leerlingen aan de hand van de kernwoorden en pictogrammen na te vertellen waartoe ze zijn gekomen. Indien nodig verduidelijkt de leraar de betekenis van de pijlen.

Links en bronnen

sla link op in klembord

Kopieer

  • Methode systeemdenken: een denk- en werkwijze voor het basisonderwijs: 40 lessen en meer dan 50 werkvormen, Djapo, Acco, Leuven (2014).
  • www.edo-valies.be

Over deze databank

Wil je aan de slag in je klas rond inspirerend burgerschap? In deze toolbox vind je inspirerende werkvormen om zo met je leerlingen te starten! 
Werk je in het basisonderwijs? In de Zill-bib vind je een steeds groeiend aanbod aan praktijkvoorbeelden die aansluiten bij inspirerend burgerschap voor het basisonderwijs.

×
Kijkt als...
Niveau
Regio