20 maart 2025 – Extra controles op huisonderwijs

Aanvankelijk stelde alleen Roosmarijn Beckers een vraag over het huisonderwijs, maar na het uitstellen van die vraag tijdens de vorige commissievergadering kwam er nu een tweede vraag bij van Karolien Grosemans. Huisonderwijs was wel degelijk een wettelijke mogelijkheid om aan de leerplicht te voldoen en zat kwantitatief in de lift, maar er waren blijkbaar ook problemen (nwvr: in de pers werd van “thuisonderwijs” gesproken, de legistieke term is “huisonderwijs”). Tijdens de bespreking van de Onderwijsspiegel 2024 ging het er ook al over. In de vragen van de twee vragenstellers was er aandacht voor diverse aspecten: de stijging tout court en het aantal ernstige probleemgevallen, de personeelscapaciteit van de Onderwijsinspectie, het verband met het Vertrouwenscentrum Kindermishandeling.

Minister Demir had er inderdaad over gecommuniceerd naar aanleiding van problemen. Ze wees op de risico’s van huisonderwijs, een systeem dat overigens heel vaak wél goed liep. Er zou een snellere tweede controle volgen, wanneer problemen werden vastgesteld, en er was het protocol met de Vertrouwenscentra Kindermishandeling. Bij de keuze voor huisonderwijs moesten ouders geen motivering geven, dus daarvan bestond ook geen duidelijk overzicht. Het volgende rapport over huisonderwijs van de Onderwijsinspectie zat er wel aan te komen en bij haar bezoeken polste de Onderwijsinspectie net ook naar de motivering van de ouders. Via samenwerking met AGODI en AHOVOKS was de controle van huisonderwijs door de Onderwijsinspectie al verstevigd en die controle bleef de minister een kernopdracht vinden (in het kader van de overkoepelende kerntaak “onderwijskwaliteit”). De controlecapaciteit van de Onderwijsinspectie werd ook bekeken.

Vragensteller Grosemans beaamde de aanpak van de minister en via de kerntakenkwestie herinnerde ze nog even aan het onderzoeksthema bij de Onderwijsinspectie aan het eind van vorige legislatuur, waartegen toenmalig Onderwijsminister Ben Weyts geageerd had. Vragensteller Beckers toonde zich ook tevreden over het antwoord van de minister, het kerntakendebat binnen de Onderwijsinspectie incluis.

Voor interveniënt Hannelore Goeman moest huisonderwijs de uitzondering blijven en zij zag ook nog een nieuw fenomeen: deeltijds huisonderwijs op grond van een doktersattest, volgens haar pedagogisch geen optimale oplossing voor leerlingen die op school niet de nodige rust zouden vinden of de nodige ondersteuning zouden krijgen. Zulke zaken moesten op school zelf aangepakt worden in het kader van de brede basiszorg en verhoogde zorg, aldus Goeman.

Minister Demir wilde die medische kwestie wel opnemen met de artsenverenigingen. Voor het overige herhaalde ze de kernboodschap uit haar antwoord. Net zoals de twee vragenstellers in hun slotwoord trouwens. Ik vond wel dat vragensteller Beckers met haar (toename van) huisonderwijs als kanarie in de koolmijn toch rijkelijk overdreef, wat het vertrouwen in het Vlaamse onderwijs tout court betrof.

Reageren kan bij Wilfried Van Rompaey: wilfried.vanrompaey@katholiekonderwijs.vlaanderen

Verwante artikels

OVER DEZE BLOG

Deze blog is niet bedoeld als formeel standpunt van Katholiek Onderwijs Vlaanderen, evenmin als een puur verslag, maar wel als een niet-neutraal, persoonlijk commentaar op vooral ook politieke aspecten van de parlementaire onderwijsactiviteiten, zowel in de Commissie Onderwijs en de plenaire vergadering van het Vlaams Parlement als uitzonderlijk ook in een andere vakcommissie die occasioneel relevant kan zijn voor het beleidsdomein Onderwijs.

×
Kijkt als...
Niveau
Regio