Voorbeeld - Procenten in folders

In deze opdracht bestemd voor leerlingen B-stroom krijgen leerlingen wat meer inzicht in procentberekeningen en gebruiken we daarbij reclamefolders.
Deze opdracht is gelinkt aan het inhoudelijke leerplandoel:

  • LPD5 De leerlingen voeren met functioneel gebruik van ICT eenvoudige berekeningen uit met gehele getallen, kommagetallen, breuken, procenten en verhoudingen in betekenisvolle contexten.
Er wordt ook gewerkt aan procedurele doelen:
  • LPD1 De leerlingen lossen vanuit betekenisvolle contexten problemen op door wiskundige concepten en vaardigheden in te zetten.
  • LPD2 De leerlingen gebruiken met de nodige nauwkeurigheid meetinstrumenten en hulpmiddelen.

Start van de les: activeren van voorkennis

sla link op in klembord

Kopieer

Bij de start van de les activeren we de voorkennis van leerlingen rond procenten. We expliciteren ook twee oplosstrategieën die leerlingen in het vervolg van de les nodig zullen hebben.

Noteer wat herhaald wordt functioneel aan het bord, zodat je er later kunt naar terugverwijzen.

  • Laat leerlingen een blaadje nemen.
  • Stel enkele vragen, laat leerlingen afzonderlijk oplossen, loop rond.
    • % is per … (100)
    • Bereken 40 % van 25 euro
    • Ik betaal 15 euro, op het ticket stond er 20 euro. Hoeveel % korting kreeg ik?
  • Bespreek de vragen. Laat telkens een leerling uitleggen.
    Heb je vreemde en/of leuke antwoorden opgemerkt? Ga in op misconcepties.
  • Sta bij de laatste oefening stil bij de oplosstrategieën (ookwel heuristieken) die je erbij kunt gebruiken. Je combineert er ‘van achter naar voren werken’ met ‘een probleem in deelproblemen verdelen’.
    Ik ben namelijk op zoek naar korting in %, maar wat ik krijg staat in euro. Dus
    1) ik bereken de korting in euro
    2) ik bereken de korting als %
    En ook stap 2 is weer in deelstappen te verdelen (die deelstappen hangen af van de aangeleerde werkwijze), bijvoorbeeld:
    a) ik heb het ‘deel’ en het ‘geheel’ nodig: korting is het deel, 20 euro is het geheel
    b) ik moet het ‘deel’ delen door het ‘geheel’
  • Expliciteer: geef die strategieën een naam, noteer ze aan het bord. Leerlingen zullen die straks nodig hebben.

De opdracht: op zoek naar ontbrekende getallen

sla link op in klembord

Kopieer

Druk deze documenten af:

  • Laat leerlingen per twee werken. Eén leerling maakt het ene blad, de andere het andere, achteraf moeten leerlingen in duo hun antwoorden aan elkaar uitleggen.
  • Geef leerlingen 'een steun' die ze kunnen gebruiken bij het oplossen en uitleggen. Gedacht kan worden aan volgende vijf stappen, die kun je voorstructureren in een tabel.
  1. Dit moet ik zoeken (omschrijf de grootheid en de eenheid):
  2. Deze gegevens heb ik nodig:
  3. Deze berekeningen maak ik:
  4. Dit is mijn antwoord:
  5. Dit betekent mijn antwoord:

Hierbij oefenen leerlingen enkele oplosstrategieën (of heuristieken). In functie van stap 2 en stap 3 moeten leerlingen ‘van achteren naar voren werken’ combineren met ‘het probleem verdelen in deelproblemen’, zoals je samen hebt gedaan bij aanvang van de les.

Voor de opdrachten in deze folder kunnen de vijf opgesomde stappen volgende antwoorden opleveren:

Vraag op het einde van deze les/dit lesdeel aan leerlingen om één tip te bedenken voor de buur voor een volgende keer probleemoplossend denken. Geef enkele voorbeelden: eerst goed alle informatie bekijken, het antwoord controleren, gestructureerd noteren …

Differentiatie

sla link op in klembord

Kopieer

Als steun kun je verwijzen naar de strategieën die je aan het bord hebt genoteerd. 
Bij verschillen in tempo, zijn er enkele mogelijke werkwijzes.

  • Je kunt leerlingen eerst de eerste oefening laten maken en uitleggen aan elkaar, dan de tweede. Je kunt dan voor bepaalde groepjes beslissen om slechts één oefening te laten maken.
  • Je kunt groepjes zo samenstellen dat iemand sterk samenwerkt met iemand die wiskundig wat zwakker is. Let er dan wel op dat de wil om uit te leggen er is.
  • Wie blad 1 heeft kan als extra opdracht bij A bepalen wat past:
    1+1 gratis, 1+2 gratis of 2+1 gratis
  • Wie blad 2 heeft kan als extra opdracht bij C de korting als % noteren.
  • Als een volledig groepje klaar is, kun je een extra vraag geven. Bijvoorbeeld:
    In één liter sap gaat 3 kilogram fruit.
    Welk sap is het goedkoopste? Hoeveel kost het per liter?
    Welk sap is het duurste? Hoeveel kost het per liter?
    Hier zijn verschillende werkwijzes mogelijk. Eén methode is voor alle citrusvruchten de prijs voor drie kilogram berekenen.
    Aan de hand van de prijs per kilogram kunnen leerlingen ook gericht de prijs van drie kilogram eetsinaasappelen berekenen (de goedkoopste). Dat is 3 x 1,75 = 5,25 euro. De duurste is dan bladmandarijnensap. 3 x 2,80 = 8,40 euro.
  • ...

Extra ideetje voor in de klas

sla link op in klembord

Kopieer

Je kunt leerlingen de opdracht geven een folder mee te nemen van een supermarkt. Dat kan ook van een bouwmarkt of drogisterij zijn (bv. Gamma, Kruidvat).

  • Start met één pagina met twee opdrachten per leerling.
  • Laat leerlingen met etiketten de antwoorden wegkleven voor medeleerlingen.
  • Laat leerlingen de ‘steun’ voor hun vraag invullen op een fiche met aan de voorkant hun klasnummer. Zo ben je wat zekerder dat wat leerlingen wegkleven ook berekenbaar is.
  • Laat leerlingen dan op het etiket ook hun klasnummer noteren.
  • Ofwel neem je nu eerst de fiches mee naar huis om te corrigeren, ofwel vertrouw je het genoeg en gebruik je ze meteen.
  • Laat de folderbladen met vragen circuleren.
  • Leg de oplossingsfiches op een bank.
  • Laat leerlingen per twee oplossen en hun antwoord checken met de fiches.

Deze opdrachten zijn gemaakt met de folder die je vindt via deze link.

×
Kijkt als...
Niveau
Regio