Tot slot van de commissievergadering was het dan om 16.08 uur tijd voor de laatste vraag om uitleg van dit werkjaar, gelijk ook het laatste volledige werkjaar van mijn beroepsactieve periode. Over de zgn. start- en ijkingstoetsen van het hoger onderwijs voor nieuwe studenten. De eerste sessie daarvan was nog maar net achter de rug en op 3 juli 2026 had de Vlaamse regering de lijst van opleidingen met een verplichte starttoets nog geactualiseerd (nwvr: enkele technische correcties; voor 2027-2028 uitbreiding met vier academische bacheloropleidingen en de nieuwe regeling voor de educatieve bacheloropleidingen; nu voor advies bij de Raad van State). Ik herinner graag nog even aan zowat het eerste debat over dit thema aan het begin van de huidige legislatuur (14 november 2024) en aan een veel recentere bespreking n.a.v. een kritisch Vlor-advies over het thema (12 maart 2026), want een aantal zaken kwamen hier natuurlijk terug.
Minister Demir legde de bovenvermelde wijzigingen uit, alsook de regeling inzake de verplichte remediëring na de starttoetsen voor de betrokken studenten. Vragensteller Warnez drong aan op een algemene studie over de al of niet zinvolheid van de toetsen, ook in samenhang met de vraag rond de evaluatie van de studievoortgangsmaatregelen. Die zaken hingen inderdaad aan elkaar. Interveniënten Tom Seurs en Hiba Faraji zetten nog even de zinvolheid van de starttoetsen in de verf als constructief instrument bij een goede studiekeuze.
Minister en commissievoorzitter rondden beiden de vergadering af met welgemeende woorden van dank. Mooi zo.
Lees de bespreking van de “Vraag om uitleg over de evaluatie en de verdere uitrol van de verplichte starttoetsen in het hoger onderwijs van Brecht Warnez” aan minister Zuhal Demir.
Reageren kan bij Wilfried Van Rompaey: wilfried.vanrompaey@katholiekonderwijs.vlaanderen