30 april 2026 - Hoorzitting over het voorstel van resolutie over menswaardig busvervoer voor leerlingen van het buitengewoon onderwijs en de conceptnota voor nieuwe regelgeving over een menselijk, rechtvaardig en efficiënt leerlingenvervoer voor leerlingen in het buitengewoon onderwijs: een persoonlijk commentaar

Over leerlingenvervoer buitengewoon onderwijs vind je alleen al in het meer recente deel van mijn archief (zomer 2023 tot nu) ettelijke vermeldingen, wanneer je de zoekterm “leerlingenvervoer” intikt. Niet elke vermelding achter de voorgaande hyperlink is relevant, beste lezer, maar dat vergeef jij me wel, niet? Alleszins zie je zo meteen toch ook wat wél relevant is en inderdaad, de vermeldingen zijn talrijk.

De bespreking (hoorzitting) nu was het directe gevolg van twee eerdere parlementaire initiatieven: een voorstel van resolutie van Groen en een conceptnota voor nieuwe regelgeving van Vooruit (nwvr: de timing in de voorgeschiedenis zie je ook via de bedoelde hyperlinks).

De externe sprekers in de hoorzitting waren: Ann Schoubs (directeur-generaal VVM De Lijn), Jan De Vos (coördinator pilootproject leerlingenvervoer regio Antwerpen), Bart Malfliet (coördinator pilootproject leerlingenvervoer regio Leuven), Mher Ghazarian (coördinator pilootproject leerlingenvervoer regio Midwest), Pieter Stock (directeur Dominiek Savio, Specifiek leersteuncentrum type 4), Guy Leyssens (coördinator busbegeleiding) en Tineke Verschoren (coördinator busbegeleiding).

Ik haal graag enkele zaken uit de hoorzitting, kort, want heel wat van de aangehaalde elementen en problemen waren erg herkenbaar vanuit de lange voorgeschiedenis. Er waren rijk gestoffeerde presentaties trouwens, waarover ik door omstandigheden niet beschik. Er was veel werk van gemaakt en er werd met veel expertise gesproken, ook door wie geen slides projecteerde, zoals Guy Leyssens, prima:

  • De Lijn hoopte de nodige informatie voor het plannen van de busritten vroeger te krijgen, aldus Ann Schoubs, maar de vraag bleef toch of dat door de eigenheid van de onderwijssituatie wel echt mogelijk zou zijn;
  • dé constante in de bespreking, leek mij: veel meer een beroep doen op verschillende verkeersmodi dan alleen op (grote) bussen, zoals nu (cf. ook dat hoge percentage leerlingen die relatief dicht bij de school wonen); meerdere sprekers pleitten voor meer maatwerk, meer flexibiliteit, meer vrijheid in het gebruik van de middelen (cf. ontkleuring van middelen viel een paar keer);
  • als term wilden de coördinatoren van de pilootprojecten “leerlingenvervoer” weg en daarvoor in de plaats spraken zij van “gepaste ondersteuning bij de verplaatsing van en naar school”, net om die gewenste, multimodale aanpak in de verf te zetten;
  • er waren wat vragen aan de pilootprojecten over “waarom nu toch terug naar meer experimenteren in die projecten?”; men wist na die jaren projectwerk intussen toch wel wat men beter wél en niet deed, was de redenering; het antwoord hield vooral in dat er inderdaad intussen weliswaar heel wat bereikt was en geleerd was, maar nu gericht ruimte krijgen om bepaalde zaken toch nog te verbeteren, te finetunen was erg welkom; wellicht kon dat ook bijdragen aan het beleid waaraan minister Demir momenteel werkte;
  • hét probleem van het huidige subsidiesysteem was dat het gebaseerd was op de ritduur, die voor de leerlingen bij voorkeur zo kort mogelijk bleef, maar dat bracht het gesprek gelijk op de penibele situatie en het statuut van de busbegeleiders (kortere ritten waren nadelig voor de busbegeleiders, hun contract van tien maand en het recente probleem van de hervorming van de werkloosheidsvergoeding); ik hoorde een pleidooi voor een specifiek ambt voor hen binnen Onderwijs; de huidige subsidie betrof trouwens alleen de verloning van de busbegeleiders, niets anders, terwijl er nog andere noden waren daarrond, die niet gesubsidieerd werden en dus uit andere middelen moest komen;
  • een paar keer werd de recente brief van De Lijn aan scholen nog vermeld, maar daarover ging het al in de plenaire vergadering van 29 april 2026;
  • Ann Schoubs van De Lijn verwoordde haar belangrijkste nood als: een aanpassing van het huidige regelgevende kader;
  • algemeen vond ik dat de bespreking soms wel verdronk in een heleboel punctuele zaken en zelfs heel specifieke details (en lange uiteenzettingen tot ongeveer 13.30 u, terwijl men toch redelijk stipt kort na 09.30 u begonnen was; dezelfde vaststelling soms bij de vragen van de parlementsleden zelf), wat het soms wat moeilijk om te volgen maakte, maar goed, dat is wellicht eigen aan het thema. Enkele keren vielen ook de “Scholen voor iedereen” (nwvr: op het moment dat ik deze regels typ (5 mei 2026, namiddag) is de lijst van pioniersscholen nog altijd niet goedgekeurd), die uiteraard ook veel met het voorliggende thema te maken hebben en we kunnen alleen maar hopen dat die de huidige gordiaanse knoop (of ben ik te pessimistisch?) van het leerlingenvervoer in het buitengewoon onderwijs een stuk beter kunnen ontwarren.

Ik verwijs tot slot heel graag naar de video [vanaf 10:20] van de bespreking op de website van het Vlaams Parlement.

Reageren op dit commentaar kan bij Wilfried Van Rompaey wifried.vanrompaey@katholiekonderwijs.vlaanderen.

OVER DEZE BLOG

Deze blog is niet bedoeld als formeel standpunt van Katholiek Onderwijs Vlaanderen, evenmin als een puur verslag, maar wel als een niet-neutraal, persoonlijk commentaar op vooral ook politieke aspecten van de parlementaire onderwijsactiviteiten, zowel in de Commissie Onderwijs en de plenaire vergadering van het Vlaams Parlement als uitzonderlijk ook in een andere vakcommissie die occasioneel relevant kan zijn voor het beleidsdomein Onderwijs.

×
Kijkt als...
Niveau
Regio
Kan ik je helpen?