Van het basisonderwijs gingen we dan naar de rationalisatieoefening bij de graduaatsopleidingen van de hogescholen (cf. ook in de media en precedenten op 10 juli resp. 20 november 2025). We wisten al langer dat minister Demir, conform het regeerakkoord, aan de Vlhora de opdracht gegeven had om de bewuste oefening (autonoom) te doen en recent was het dus zover. Iets soortgelijks zou volgen voor de bacheloropleidingen (Vlhora) en de bachelor- en masteropleidingen (Vlir) (tegen juni 2026) met het oog op een nieuw programmatiemodel. Voor de graduaatsopleidingen stond daar ook een financiële tegenprestatie (nwvr: de minister legde gedetailleerd die financiële aanpak in 2026, 2027 en volgende jaren uit) tegenover, want inderdaad, de financiering van die opleidingen was een probleem. Dat wisten we ook al vanuit het verleden. Wat mij niet bekend was, was de specifieke invalshoek van de vragen van Tina Van Havere, met name over de praktijkassistent in de zorg, waarvoor wel een federaal erkend profiel bestond (en een door de Vlaamse regering erkende onderwijskwalificatie), maar nog geen graduaatsopleiding (was in ontwikkeling). Daardoor was het op dit moment nog niet mogelijk om bij het Vlaamse Departement Zorg een erkenning als praktijkassistent aan te vragen. Vragensteller Van Havere wist dan blijkbaar wel niet dat het zgn. moratorium op bijkomende graduaatsopleidingen iets was dat de hogescholen zichzelf opgelegd hadden, niet de minister, en dus kon die minister het moratorium ook niet opheffen. Maar de vermelde financiële ingrepen vormden volgens haar wel de belangrijkste incentive voor het opgeven van het moratorium door de hogescholen. Wat meer algemeen het nieuwe programmatiemodel voor het hele hoger onderwijs betrof, liep het overleg met Vlhora en Vlir. En over het belang van graduaatsopleidingen, met name ook voor educatief kinderbegeleider, bestond bij de politici een kamerbrede consensus.
Lees de bespreking van de “Vraag om uitleg over de rationalisatie van de campussen voor graduaatsopleidingen in het hoger onderwijs van Brecht Warnez, over de rationalisatie van de graduaatsopleidingen van Hiba Faraji, over de zorgrichtingen in de graduaatsopleidingen van Tina Van Havere en over de rationalisatie van de graduaatsopleidingen van Tom Seurs” aan minister Zuhal Demir.
Reageren kan bij Wilfried Van Rompaey: wilfried.vanrompaey@katholiekonderwijs.vlaanderen