In de eerste graad B-stroom en in de arbeidsfinaliteit moeten de leerplandoelen bereikt worden in betekenisvolle contexten. Het doel is o.a. de leermotivatie van de leerling positief te beïnvloeden. Dit artikel doet een suggestie om de leerstof te laten aanleunen bij de leefwereld van de leerling om de motivatie voor wiskunde (nog) te verhogen. Centraal hierbij staat het concept ‘wiskundige wereldverkenning’.
In de eerste graad B-stroom en in de arbeidsfinaliteit moeten de leerplandoelen bereikt worden in betekenisvolle contexten. Het doel is o.a. de leermotivatie van de leerling positief te beïnvloeden. Dit artikel doet een suggestie om de leerstof te laten aanleunen bij de leefwereld van de leerling om de motivatie voor wiskunde (nog) te verhogen. Centraal hierbij staat het concept ‘wiskundige wereldverkenning’. De kerngedachte is dat de leerlingen oog (leren) hebben voor de wiskunde die dagelijks zichtbaar is. Dit biedt mogelijkheden om nieuwe wiskundige concepten en/of vaardigheden visueel en betekenisvol aan te brengen en te onderwijzen. Hieronder vind je enkele voorbeelden met de gelinkte leerplandoelen. De voorbeelden kunnen gebruikt worden als betekenisvolle inleiding op een onderwerp, als een betekenisvolle toepassing of voor een betekenisvolle heropfrissing.
Suggestie - versterken van wiskundige verbeelding: dacht je hier al aan?
Scroll eens door je foto’s en vraag je af welke wiskundige vraag je bij een bepaald beeld kan stellen. Je zal versteld staan hoeveel wiskunde rondom ons dagelijks te ontdekken valt.
In onderstaande voorbeelden vind je een foto, een verwijzing naar het overeenkomstige leerplandoel en soms een voorstel om dit te gebruiken.
Vraag 1: Je ziet hier een vooraanzicht van een gebouw. Van welke ruimtefiguur kan dit dan een vooraanzicht zijn?
Vraag 2: Je kan op dit vooraanzicht evenwijdige rechten vinden. Teken 2 evenwijdige rechten in het groen. Teken hierna een rode rechte op het vooraanzicht die loodrecht staat op deze groene rechten. Duid hierna 4 loodrechte hoeken in het blauw aan.
Vraag 3: teken een rechte ten opzichte waarvan de voorzijde van het gehele gebouw symmetrisch is.
Vraag 4: Schat hoe hoog dit gebouw is (tip: zoek een referentiemaat op de foto)
Gebruik deze foto om referentiematen rond lengte af te spreken of te herhalen.
Vraag 5: Op de bovenste verdieping zijn er 4 ramen. Een hoeveelste deel nemen de ramen bij benadering in van de bovenste verdieping. Druk in een breuk uit
De glas-gevelverhouding is relevant. Je kunt met leerlingen bespreken waarom (warmte – warmteverlies – lichtinval – uitzicht – bouwkosten – glazenwasser kosten) dit is en als bijvraag een percentage geven waarmee ze moeten vergelijken (bv. “ik vroeg het aan jullie techniekleraar, blijkbaar is 30% tot 35% optimaal. Is dat hier zo?”)
Vraag 1: Schat hoe groot deze reiger is (tip: zoek een referentiemaat op de foto)
Gebruik deze foto als evaluatie na het bespreken van de vorige oefening.
Vraag 1: Kleur een deel van de voorzijde van het gebouw in dat bij benadering 50% van het gebouw voorstelt.
Vraag 2: Kleur een deel van de voorzijde van het gebouw in dat bij benadering 1/8 van het gebouw voorstelt.
Als intro bij een les waarin je het zult hebben over optellen van ongelijknamige breuken
Vraag 1: Ik heb dit jaar zitten twijfelen: verkoop ik mijn aandelen of niet? Kies 1 moment waarop verkopen een goed idee zou zijn geweest en 1 moment waarop ik achteraf spijt zou hebben gehad. (Eerst duiden wat een belegging is en wat rendement hierop betekent)
Vraag 2: Bij welke waarden op de verticale as heb je een positief rendement? Wat betekent dit in je eigen woorden? Bij welke waarden op de verticale as heb je een negatief rendement? Wat betekent dit in je eigen woorden?
Vraag 3: In welke maand steeg het rendement van mijn belegging ?
Vraag 1: Wat is het totaalbedrag dat je moet betalen aan de kassa?
Vraag 2: Wat is dit totaalbedrag exclusief de BTW?
Vraag 3: Op welke artikelen betaal je 6% BTW?
Vraag 4: Voor de paaseieren betaalde ik 10,77 euro. De prijs exclusief BTW was 10,16 euro en de BTW zelf 0,61 euro. Hoeveel procent is 0.61 euro van 10,16 euro? Lees af op het ticket.
Vraag 5: laat door een berekening zien dat 6% van 10.16 euro gelijk is aan 0.61 euro.
Suggestie - versterken van wiskundige verbeelding: en nu is het aan de leerling
Bij bovenstaande voorbeelden worden verschillende leerplandoelen binnen een betekenisvolle context nagestreefd. Leerlingen voelen zich misschien niet automatisch aangesproken om zulke vragen op te lossen, omdat het niet hun foto’s zijn. Laat ze dan zelf eens scrollen door hun galerij, vraag hen bij een foto minstens één wiskundige vraag te stellen. Stimuleer ze om te kijken met wiskundige ogen naar hun foto’s. Verzamel deze vragen, hang ze op, laat ze door de medeleerlingen bespreken. Op deze manier stimuleer je enerzijds de wiskundige wereldverkenning en anderzijds is dit een manier om je lessen nog dichter tegen de leefwereld van je leerlingen te laten aanleunen.




