Een belangrijke doelstelling bij de realisatie van schaalvergroting is de verhoging van de bestuurskracht, ook op het vlak van personeelsbeleid.
Een werkbare schaalgrootte is een essentiële voorwaarde om het beleidsvoerend vermogen optimaal te laten renderen. Het is een uitdaging om via een krachtig personeelsbeleid de middelen zo effectief mogelijk in te zetten voor de primaire processen. De bestuurlijke optimalisatie schept de ruimte voor de schoolleiders om zich nog meer te focussen op het pedagogisch beleid met respect voor de schoolcultuur.
Het bestuur krijgt de kans om de belangrijke secundaire processen te centraliseren en hiervoor een bredere expertise op te bouwen. We kunnen onder meer het infrastructureel, financieel, administratief, aankoop- en preventiebeleid tot deze processen rekenen.
In het gesubsidieerd onderwijs kan het mandaat van ‘algemeen directeur’ worden toegewezen op voorwaarde dat het schoolbestuur minstens twee instellingen onder haar bevoegdheid heeft én 2000 leerlingen telt. De algemeen directeur oefent een betrekking van directeur uit en wordt door het schoolbestuur een ruimere verantwoordelijkheid toegewezen.