5 februari 2026 – Bezorgdheden over uitrol van het plan “Ieder kind taalheld”

We hadden nog maar net de actuele vraag van Griet Vanryckegem op 21 januari 2026 en de hoorzitting(en) in kwestie op 29 januari 2026 (voormiddag en namiddag) gehad of er waren alweer twee nieuwe vragen om uitleg. De bezorgdheden (cf. inderdaad dat Vlor-advies) over de concrete uitvoering van het taalplan van minister Demir waren natuurlijk wel niet onterecht. En het al langer gevraagde, concretere, financiële overzicht was voorlopig ook uitgebleven. De twee (kleinere) coalitiepartners voelden de minister dus opnieuw aan de tand met het oog op verdere concretisering. De dag na deze commissievergadering zou de decretale versie van het taalplan voor de tweede keer door de Vlaamse regering goedgekeurd worden. Dat ging nu voor advies naar de Raad van State.

De timing (start 1 september 2026) bleef wat die was, zo begon de minister, overigens parallel aan die van de minimumdoelen basisonderwijs. Maar dát en veel van wat daarna volgde, wisten we al van de bovenvermelde precedenten. Uiteraard kenden we toen de (aangepaste) decretale vertaling van 6 februari nog niet. De minister voegde daaraan nog wel een eigen ervaring toe rond een soort taalheldklasinitiatief in Sint-Niklaas.

De verdere bespreking ging vooral over welbepaalde aspecten van de concrete uitvoering van al de plannen, waarover de twee vragenstellers maar zeker ook interveniënt Kim Buyst zich bezorgd toonden. Uitstel (nwvr: net zomin als bij de ochtendvergadering over eventueel uitstel bij de invoering van de minimumdoelen basisonderwijs) was echter niet aan de orde. Oké, maar het finale succes van deze erg omstandige operatie zal toch, alle uitgesproken hoge ambities ten spijt, afhangen van de concretisering op de werkvloer zelf, met alle grenzen aan tijd en middelen van dien. De minister zou wel nog overleggen met de Vlor en ook handelen via de LOP’s, wat allemaal hopelijk de concrete uitvoering van de plannen alleen maar ten goede zal komen. Vanuit haar persoonlijke ervaring als anderstalige destijds, wat ook mij inderdaad een bijzonder perspectief lijkt in dit verhaal, was minister Demir alleszins vol vertrouwen. Als we nu nog voldoende kandidaat-taalleraren zullen hebben, zal dat inderdaad wel goed komen, maar vragensteller Vandrommes opmerking over gedaalde studentenaantallen (nwvr: ze gaf alleen het voorbeeld van Toegepaste taalkunde, maar ik vrees dat de situatie in andere talenopleidingen, waaruit toch die nodige leraren moeten komen, niet echt anders is…) was erg relevant in heel deze context. Haar bijkomend idee om zangeres/actrice Pommelien Thijs ambassadeur van het Nederlands te maken was ongetwijfeld origineel. Dus, Pommelien Thijs, mocht jij dit lezen…

Reageren kan bij Wilfried Van Rompaey: wilfried.vanrompaey@katholiekonderwijs.vlaanderen

Verwante artikels

OVER DEZE BLOG

Deze blog is niet bedoeld als formeel standpunt van Katholiek Onderwijs Vlaanderen, evenmin als een puur verslag, maar wel als een niet-neutraal, persoonlijk commentaar op vooral ook politieke aspecten van de parlementaire onderwijsactiviteiten, zowel in de Commissie Onderwijs en de plenaire vergadering van het Vlaams Parlement als uitzonderlijk ook in een andere vakcommissie die occasioneel relevant kan zijn voor het beleidsdomein Onderwijs.

×
Kijkt als...
Niveau
Regio
Kan ik je helpen?