Hoe verloopt een pedagogische inspectie internaten?
Informatie over de doorlichting
Microsoft Word - informatie-over-de-doorlichting-int
Verloop van de doorlichting
Op de website van de onderwijsinspectie vind je alle info en documenten: Doorlichtingsproces bij onderwijsinternaten | Vlaanderen.be
Eind mei 2024 stuurde de onderwijsinspectie een bevraging uit naar alle internen en ouders (voor alle onderwijsinternaten van alle netten). In deze bevraging stonden ongeveer dezelfde vragen als die van de try-outbezoeken. Alle data die de onderwijsinspectie hieruit verzamelt, gebruikt ze als een soort van responswijzer.
Eind mei 2025 en 2026 werden ook opnieuw linken naar de bevragingen gestuurd naar de onderwijsinternaten.
De internaten kunnen dan de resultaten van hun eigen bevragingen (die blijven gebeuren tijdens de inspectiebezoeken) leggen naast de resultaten van de responswijzer. Hoe reageren andere ouders en internen hier?
Een inspectiebezoek wordt aangekondigd en de inspectie plant een digitaal overleg in. Daar overloopt de inspectie gedetailleerd en in overleg het verloop van het inspectiebezoek en maken ze afspraken met jou als de directeur over hoe het bezoek het best kan verlopen.
Je kan het verloop van een inspectiebezoek rustig nalezen in het document Informatie over de doorlichting.
We lichten het verloop van een inspectie toe in onderstaande presentatie.
De inspectie start steeds op maandag. De gesprekken met de verschillende mensen worden via bepaalde methodieken aangepakt om echt tot een dialoog te kunnen komen. Dinsdag en/of woensdag zijn de inspecteurs langer aanwezig op internaat om een aantal momenten mee te beleven en met internen in gesprek te gaan. Op donderdag vinden normaal het reflectiegesprek (1,5 uur) en het synthesegesprek (30 minuten) plaats.
De onderwijsinspectie publiceert per trimester een overzicht van de internaten die aan de beurt komen dat trimester: Aangekondigde bezoeken van de onderwijsinspectie. Enkele weken op voorhand krijg je als internaat ook een e-mail met de aankondiging.
De directeur beslist wie rond de tafel zit van teamleden en van internen. Uiteraard kunnen inspecteurs tijdens de rondgang spontaan mensen aanspreken, alsook internen. De inspecteurs nemen immers deel aan bepaalde momenten in de werking.
De inspectie gaat niet met ouders in gesprek.
Het reflectiegesprek dat vóór het synthesegesprek komt, is een uitwisseling, waar best dezelfde mensen op aanwezig zijn die ook deelnamen aan de eerste gesprekken rondom het beleid, de kwaliteitsontwikkeling, het personeels- en professionaliseringsbeleid. De directeur bepaalt zelf welke opvoeders hij/zij inzet voor de verschillende gesprekken die gevoerd worden.
De pedagogische begeleiding mag niet aanwezig zijn tijdens het reflectiegesprek.
Het synthesegesprek is het laatste gesprek van een halfuur waar louter kort de attestering wordt meegedeeld. De toelichtingen gebeurden vooraf tijdens het reflectiegesprek en deze worden ook genoteerd in het inspectieverslag.
Aangezien de onderwijsinspectie zelf aangaf dat het weinig zin heeft om aanwezig te zijn tijdens het synthesegesprek van een halfuur waar enkel toegelicht wordt wat het advies is, zal de pedagogische begeleiding omwille van efficiëntiewinst daar ook niet aanwezig zijn.
We raden wel sterk aan dat iemand van het bestuur aanwezig is bij het synthesegesprek.
Best is de notulist iemand die de werking van het internaat wat kent. Een secretariaatsmedewerker van een betrokken school bv. kan ingezet worden als notulist tijdens het reflectie- en synthesegesprek.
Wanneer de persoon die de notulen verzorgt, minder emotioneel betrokken is bij het proces, is de kans groter dat alles goed wordt geregistreerd.
Een notulist is enkel toegelaten in het reflectiegesprek en het synthesegesprek, dus niet tijdens de andere fasen van het inspectiebezoek
Er bestaan verschillende adviezen die de inspectie kan toekennen; meer info vind je op de website van de onderwijsinspectie. Het advies wordt toegekend via de ontwikkelingsschalen.
Er zijn 2 soorten adviezen mogelijk: gunstig of ongunstig. Per categorie zijn er opnieuw 2 mogelijkheden, wat resulteert in 4 mogelijke adviezen.
De onderwijsinstelling komt tegemoet aan de erkenningsvoorwaarden. De erkenning kan worden voortgezet, al dan niet met tekorten.
1A: Gunstig advies: De onderwijsinstelling komt tegemoet aan de erkenningsvoorwaarden.
1B: Gunstig advies met tekorten: De onderwijsinstelling komt tegemoet aan de erkenningsvoorwaarden, maar er zijn tekorten waaraan verplicht moet worden gewerkt.
Er is geen termijn geformuleerd waarbinnen de tekorten moeten worden weggewerkt. Bij de volgende doorlichting is het mogelijk dat deze tekorten in de doorlichtingsfocus staan.
De onderwijsinstelling komt niet tegemoet aan de erkenningsvoorwaarden. De onderwijsinspectie adviseert de Vlaamse Regering om de procedure tot intrekken van de erkenning op te starten.
2A: Ongunstig advies, met mogelijkheid om de erkenning niet in te trekken
De onderwijsinstelling komt niet tegemoet aan de erkenningsvoorwaarden. De procedure tot intrekking van de erkenning kan enkel vermeden worden, wanneer het bestuur zich engageert om zich extern te laten begeleiden bij het bijwerken van de tekorten en vermeldt hoe alle tekorten zullen worden weggewerkt. Een model van engagementsverklaring hiervoor is te vinden op de website van de onderwijsinspectie. Deze moet binnen de 30 kalenderdagen volgend op de ontvangst van het doorlichtingsverslag gericht worden naar de inspecteur-generaal. Daarnaast moet er ook verplicht externe begeleiding ingeschakeld worden. De inschakeling van externe begeleiding moet ook vermeld worden in de engagementsverklaring.
Ten vroegste 90 kalenderdagen na ontvangst van het doorlichtingsverslag volgt een nieuwe doorlichting, tenzij het om erg dringende/acute zaken zou gaan waarvan de inspectie vraagt dat ze sneller weggewerkt worden. De periode wordt vermeld in het doorlichtingsverslag.
Wat na een ongunstig advies met mogelijkheid om de erkenning niet in te trekken?
2B: ongunstig advies zonder mogelijkheid om de erkenning niet in te trekken
De onderwijsinstelling komt niet tegemoet aan de erkenningsvoorwaarden en de procedure tot intrekking van de erkenning wordt opgestart. Het bestuur kan wel beroep indienen.
Je moet alle leden van het team inlichten over het doorlichtingsverslag.
Als internaat hoef je aan de ouders het doorlichtingsverslag niet te bezorgen. De doorlichtingsverslagen worden wel steeds publiek online toegankelijk gesteld. Dit gebeurt meestal een drietal maanden na de doorlichting. Ouders kunnen het dus zelf opzoeken.
Sommige internaten zijn naar aanleiding het decreet gefusioneerd. Het is de directeur die aangeeft of de vestigingen als geheel of afzonderlijk geïnspecteerd worden.
Nieuw regelgevend kader voor fixatie en vrijheidsbeperkende maatregelen
Onderwijsdecreet XXXIV brengt een nieuw regelgevend kader met zich mee voor fixatie en vrijheidsbeperkende maatregelen, ook voor internaten. Het is duidelijk dat dit zeer uitzonderlijke maatregelen zijn binnen een context van bijzondere pedagogische situaties; met name in internaten die toegespitst zijn op internen met een specifieke medische problematiek.
Een doorsnee onderwijsinternaat zal deze maatregelen niet toepassen en hoeft bijgevolg geen specifiek kader op te nemen in het reglement. Internaten die dit echter wel systematisch toepassen gezien hun doelpubliek, moeten hierrond een kader opnemen in het reglement (cfr. het model internaatsreglement).
In de meeste onderwijsinternaten zal dit dus niet aan de orde zijn. We raden altijd aan om maximaal in te zetten op preventie, en dat waar nodig de internaatsmedewerker samen met de groep weggaat van de intern die eventueel agressief wordt of een woedeaanval krijgt.
Aan de hand van ontwikkelingsschalen beoordelen onderwijsinspecteurs de kwaliteit en de kwaliteitsontwikkeling. De ontwikkelingsschalen bestaan telkens uit 4 niveaus en zijn gebaseerd op het RiK.
In het document Microsoft Word - informatie-over-de-doorlichting-int vind je een overzicht van de documenten die je nodig hebt. Je bezorgt ze een week op voorhand aan de inspectie.
We geven hier meer informatie over enkele van de documenten die je moet indienen.
De onderwijsinspecteurs hebben de expliciete opdracht gekregen om na te gaan of de verplichte elementen die in het internaatreglement moeten opgenomen zijn (zoals staat vermeld in het decreet) ook daadwerkelijk zijn opgenomen in het eigen internaatreglement. Dit zal nagegaan worden tijdens een desk analysemoment.
Het professionaliseringsplan dat opgevraagd wordt, gaat enkel over internaatmedewerkers die opvoedkundige taken op zich nemen. Logistiek en arbeidspersoneel hoeft dus niet opgenomen worden in het professionaliseringsplan, alhoewel je dat uiteraard wel mag doen als je dat zinvol vindt als directeur.
Professionalisering moet steeds gekoppeld zijn aan de visie en de strategische doelen die het onderwijsinternaat nastreeft. Ook doelen van individuele medewerkers kunnen nagestreefd worden. Wees je bewust van de diverse mogelijkheden bij professionalisering: externe professionalisering (nascholing, opleiding, studiedagen) en interne professionalisering (supervisie, intervisie, collegiale visitatie, coaching, mentoring, casusbespreking in team). Vergeet aanvangsbegeleiding (algemeen en individueel) niet te vermelden in je professionaliseringsplan. Ook de mogelijke ingezette financiële middelen worden best genoteerd bij de professionaliseringsinitiatieven.
Weet je niet goed hoe je aan zo een professionaliseringsplan moet starten? Bezoek dan onze PRO.-pagina Professionaliseringsplan internaten.
De inspectie kan tijdelijk toegang vragen tot een ev. gebruikt internenvolgsysteem. Door de inspecteurs tijdelijk deze toegang te verlenen, overtreed je als directeur niet de GDPR-wetgeving, dit is afgetoetst op het hoogste niveau.
Gegevens die ze raadplegen worden door hen niet bewaard of verspreid. Na de inspectie moet je de tijdelijke toegangsrechten van de inspecteurs terug verwijderen.
Voor de internen die doorverwezen zijn via een jeugdhulpmaatregel: de inspectie gaat na of het AKOP is opgemaakt volgens de decretale bepalingen (vormelijk) en of het AKOP gezamenlijk met alle partners wel degelijk wordt aangewend om de begeleiding van deze internen te optimaliseren (inhoudelijk). Het doorgegeven AKOP vormt ook de basis voor de toekenning van de bijkomende ORE voor deze doelgroepinternen.
Meer info over samenwerking met Welzijn en het AKOP vind je hier.
Als je als internaatsdirecteur binnenkort een doorlichting krijgt, dan kun je steeds mogelijke vragen rondom de voorbereiding stellen aan je regionale verbindingspersoon, aan Barbara Vrijdags (pedagogisch begeleider) of Anja Dingenen (stafmedewerker internaten).
Na de doorlichting zal de regionale verbindingspersoon en een centrale medewerker (Anja of Barbara) contact met je opnemen om je ervaringen te beluisteren. We vragen ook graag het doorlichtingsverslag op en het verslag van het reflectiegesprek. Dit zijn leerrijke documenten waarop we onze professionalisering enten.
Hoe aan de slag na een gunstige doorlichting (met werkpunten)? Ook hier kunnen we je ondersteunen aan de hand van modeldocumenten en methodieken.
Onderwijsinternaten die een ongunstig advies gekregen hebben, nemen best zo snel mogelijk contact op met de regionale verbindingspersoon die de begeleiding op zich zal nemen.