Wanneer je AI in het onderwijs gebruikt, krijg je te maken met verschillende soorten regels. Sommige verplichtingen volgen uit wetgeving, andere uit de gebruiksvoorwaarden van een toepassing of uit afspraken van je school. Maak dat onderscheid duidelijk: een aanbeveling of lokale afspraak is niet automatisch een wettelijke verplichting.
Er bestaat geen afzonderlijke Vlaamse AI-wet voor het onderwijs, maar scholen werken wel binnen een juridisch kader dat onder meer bestaat uit de Algemene Verordening Gegevensbescherming, de Europese AI-verordening en andere toepasselijke regels. Welke verplichtingen gelden, hangt af van het concrete systeem, het beoogde doel, de gebruikscontext, de verwerkte gegevens en de mogelijke impact op personen. Maak daarom altijd onderscheid tussen wetgeving, gebruiksvoorwaarden van een aanbieder, beleidsadvies en eigen schoolafspraken.
De Europese AI-verordening benadrukt dat gebruikers van AI-systemen verplicht zijn om de gebruikersinstructies van de aanbieder te volgen. Veel aanbieders van generatieve AI-tools nemen in hun gebruiksvoorwaarden leeftijdsvoorwaarden op. Vaak geldt daarbij een minimumleeftijd van 13 jaar. Voor minderjarigen tussen 13 en 18 jaar kan ook ouderlijke toestemming vereist zijn, afhankelijk van de tool. De voorwaarden zijn echter geen algemene Vlaamse of Belgische wettelijke leeftijdsgrens: het gaat om contractuele bepalingen van de aanbieder. Dat is iets anders dan de leeftijdsgrens uit de AVG, die enkel speelt wanneer een online dienst rechtstreeks aan een kind wordt aangeboden én toestemming de rechtsgrond is voor de verwerking van persoonsgegevens.
Voor hoogrisicotoepassingen in onderwijs, denk aan systemen voor toelating, evaluatie van leerresultaten of examenmonitoring, geldt dat de school als gebruiksverantwoordelijke het systeem moet inzetten volgens de gebruiksaanwijzing van de aanbieder, met voldoende transparantie en menselijk toezicht. Dit is een belangrijk onderdeel van de regelgeving die ervoor zorgt dat AI-systemen op een veilige, betrouwbare en ethische manier worden gebruikt. Het naleven van deze instructies helpt ongewenste gevolgen te voorkomen en draagt bij aan transparantie en verantwoordelijkheid in het gebruik van AI.
Wil je dieper in deze Europese AI-act duiken? Bekijk dan zeker dit dossier van VRT NWS.
Het kenniscentrum Digisprong heeft ethische richtsnoeren voor het gebruik van artificiële intelligentie en data bij onderwijzen en leren voor onderwijsactoren opgesteld voor het gebruik van artificiële intelligentie (AI) in het onderwijs, met nadruk op transparantie, menselijke controle, privacy en het vermijden van discriminatie. Hieronder worden deze principes verder toegelicht.
Hoewel de Europese AI-verordening geen specifieke leeftijdsgrenzen oplegt voor het gebruik van AI-systemen, benadrukt ze wel het belang van verantwoord gebruik en AI-geletterdheid. Scholen die AI inzetten, worden geacht hun personeel én andere gebruikers (zoals leerlingen) op een correcte manier te begeleiden in het gebruik ervan.
Daarnaast wijst UNESCO in haar publicatie Guidance for generative AI in education and research - UNESCO Digital Library erop dat de meeste generatieve AI-tools ontwikkeld zijn voor volwassenen en vaak onvoldoende afgestemd zijn op de ontwikkelingsnoden van kinderen en jongeren. De inhoud die AI genereert, kan onnauwkeurig zijn of onvoldoende pedagogisch gefilterd. UNESCO beveelt daarom aan om een minimumleeftijd van 13 jaar te overwegen voor zelfstandig, onbegeleid gebruik van generatieve AI-platformen. Deze aanbeveling is geen bindende wetgeving, maar een beleidsadvies. Onder die leeftijd sluit UNESCO gebruik niet uit, op voorwaarde dat er voldoende begeleiding is door een leerkracht of ouder.
We stellen vast dat een duidelijk juridisch kader voor het concreet gebruik van AI in het onderwijs nog steeds ontbreekt. Daarom is het momenteel moeilijk om concrete tekstvoorstellen te formuleren voor de modellen van schoolreglement voor het schooljaar 2026-2027.
Momenteel loopt er een juridische analyse in opdracht van het departement Onderwijs en Vorming om meer duidelijkheid te krijgen. Er werd ons geadviseerd door het kenniscentrum Digisprong om het resultaat van deze analyse af te wachten, met het oog op het verschaffen van eenduidige en consistente informatie. Voor scholen is het belangrijk dat zij aandacht besteden aan AI-geletterdheid bij personeel en leerlingen
We voorzien in onze modellen de mogelijkheid om leerlingen te laten werken met generatieve artificiële intelligentie, onder begeleiding van een volwassene en mits naleving van de gebruikersvoorwaarden van de AI-tool.
Leerlingen uit het basisonderwijs mogen daarbij geen eigen account aanmaken. Voor het secundair onderwijs stappen we af van het vragen van expliciete toestemming van de ouders voor begeleid AI-gebruik binnen de onderwijscontext. Het is immers de taak van scholen om AL hun leerlingen (met het oog op gelijke kansen) verantwoord en kritisch te leren omgaan met (generatieve) AI. Scholen informeren ouders wel transparant over de afspraken, doelen, gebruikte toepassingen en begeleiding.
We proberen de richtlijnen en verdere evoluties op de voet op te volgen en hopen dat er snel meer duidelijkheid komt in deze regelgeving. We zullen indien nodig onze visie en tekstsuggesties aanpassen aan nieuwe evoluties.