Een persbericht van minister Demir op 20 april 2026 zette Loes Vandromme en Griet Vanryckegem aan tot deze vragen om uitleg over de gestegen aantallen leerlingen in duaal leren. Er waren inderdaad al enkele aanpassingen doorgevoerd aan de organisatie van dat systeem, maar het bleef daarnaast ook nog gaan over leerlingen voor wie het systeem nog te hooggegrepen was (nwvr: vorige en deze legislatuur talrijke precedenten, ik beperk me hier tot een verwijzing naar het Actieplan duaal leren, een vraag om uitleg van Kristof Slagmulder van 9 oktober 2025 en één van Gianna Werbrouck van 7 mei 2026).
Minister Demir loste enige verwarring over de gebruikte cijfers bij vragensteller Vandromme op, tenminste, als ik dat goed begrepen had. Voor het overige, beschreef ze het bestaande systeem (met de erkenning van ondernemingen voor werkplekken). Ze gaf wat bijkomende cijfers om de omvang van de hele zaak te duiden en wees nog eens o.a. op de rol van de RTC’s als bruggenbouwer tussen scholen en ondernemingen. De Onderwijsinspectie bewaakte de kwaliteit van duaal leren als geheel, samen met de Vlaamse Sociale Inspectie voor de werkplekken. Tot slot kondigde de minister opnieuw een voorstel aan rond flexibele leerwegen voor wie duaal leren (nog) te hooggegrepen was (timing: na de zomer).
Vragensteller Vandromme maakte in vraagvorm de koppeling met het ruimere plaatje van de besparingsoefening in het secundair onderwijs en de hertekening van de matrix aldaar. Vragensteller Vanryckegem wilde in kaart (laten) brengen hoeveel leerlingen niet over een werkplek beschikten of die niet vonden binnen het onderwijs. Hoewel ik de betekenis van dat laatste niet helemaal begreep, maar dat kon aan mij liggen.
Lees de bespreking van de “Vraag om uitleg over het stijgende aantal leerlingen in duaal leren van Loes Vandromme en over de uitdagingen na de hervorming van het duaal leren van Griet Vanryckegem” aan minister Zuhal Demir.
Reageren kan bij Wilfried Van Rompaey: wilfried.vanrompaey@katholiekonderwijs.vlaanderen