In 2025 stelde Katholiek Onderwijs Vlaanderen haar nieuwe beleidsplan voor, met zeven richtingen voor de toekomst. Als vijfde doelstelling formuleerden we:
Vanuit een effectieve en efficiënte participatiestructuur behartigen we de belangen van de leden en het netwerk op een daadkrachtige manier.
De voorbije maanden ging een gedifferentieerde werkgroep hiermee aan de slag; het uitgewerkte voorstel werd op 23 april door de Raad van Bestuur bekrachtigd.
Vanaf september 2026 gaat Katholiek Onderwijs Vlaanderen aan de slag met een vernieuwde participatiestructuur, die we toelichtten tijdens de inforonde van 24 april. De komende weken verkiezen we de leden van de niveaugebonden adviesraden basis-, buitengewoon en secundair onderwijs voor de komende vier schooljaren.
We onderscheiden drie soorten participatie-organen: niveaugebonden adviesraden, niveau-overstijgende strategische onderwijsraden en themaraden.
Er zijn acht niveaugebonden adviesraden: drie voor het leerplichtonderwijs (BaO, SO en BuO) en bijkomende adviesraden volwassenonderwijs, leersteuncentra, hoger onderwijs, Brussel en onderwijsinternaten.
De drie adviesraden leerplichtonderwijs bestaan telkens uit 20 directeurs, die aangeduid worden via verkiezingen (vier per regio en twee plaatsvervangers), en 5 bestuurders uit de regionale COBESsen (één bestuurder per regio).
De samenstelling voor de bijkomende adviesraden wordt per adviesraad bepaald. Hier worden geen verkiezingen voor uitgeschreven.
De voorzitters van de adviesraden worden bij voorkeur aangeduid binnen de leden van de adviesraad zelf. De voorzitter maakt als adviserend lid deel uit van onze raad van bestuur.
De niveau-overschrijdende strategische onderwijsraden zijn ad hoc samengesteld uit bestuurders, directeurs, externen en internen. Ze zijn tijdelijk van aard. De voorzitter is extern en wordt voorgedragen.
‘Identiteit’ en ‘lerarenopleiding’ worden vanaf 01 september 2026 themaraden genoemd. De samenstelling blijft dezelfde.
Belangrijk is dat we in de toekomst de niveaugebonden adviesraden niet langer gebruiken om te informeren. Hiervoor zullen we andere kanalen gebruiken. Tijdens deze adviesraden staat de discussie centraal in functie van standpuntbepaling en advies voor de raad van bestuur.
Alle thema’s en dossiers die een bespreking vragen, worden gelabeld en krijgen een plaats in onze adviesstructuur.
Wordt het label ‘contextueel’ gegeven, dan volgt er een bespreking op de niveaugebonden adviesraad. De besprekingen zijn (re)actief en gaan over eerder operationele, technische of pedagogische thema’s die betrekking hebben op de dagelijkse werking van een onderwijsinstelling. De niveaugebonden adviesraden geven advies aan de raad van bestuur over het beleid en standpuntbepaling binnen die contextuele thema’s, zoals organisatie schooljaar en Ieder Kind Taalheld. De voorzitters lichten ze toe op de raad van bestuur. Zij koppelen de formele feedback uit de raad van bestuur vervolgens terug aan hun adviesraad.
Wordt het label ‘strategisch-inhoudelijk’ toegekend, dan volgt er een bespreking op de niveau-overschrijdende strategische onderwijsraad, met vertegenwoordigers en experten van alle onderwijsniveaus. De besprekingen gebeuren in functie van het beleidsplan van Katholiek Onderwijs Vlaanderen en onderwijsbeleid op de middellange termijn, en gaan over dossiers zoals loopbaan van de leraar, memorandum, scholengemeenschappen en -besturen, scholen voor iedereen en de heroverweging. De strategische onderwijsraden leggen na afloop een eindrapport voor aan de Raad van Bestuur.