A-routedoelen Nederlands en communicatie voor anderstalige nieuwkomers

Deze leerroute geeft meer duiding bij de A-route Nederlands en communicatie voor anderstalige nieuwkomers. Ze verduidelijkt voor wie de A-route bedoeld is, vanuit welke uitgangspunten de doelen zijn opgesteld, hoe de A-route zich verhoudt tot de G-route en welke plaats sociaal-emotioneel leren inneemt.

De doelgroep van de A-route

sla link op in klembord

Kopieer

De A-route is ontwikkeld voor anderstalige nieuwkomers die instromen in het Vlaamse basisonderwijs en het Nederlands nog onvoldoende beheersen om de lessen te kunnen volgen. Vanaf het tweede leerjaar voorziet de Vlaamse overheid voor deze leerlingen een taalheldklas waarvoor de school lestijden genereert.

Decretaal bepaald

sla link op in klembord

Kopieer

Decretaal gaat het om anderstalige nieuwkomers die aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • Anderstalige nieuwkomers (AN) vanaf het tweede leerjaar
  • 7 jaar of ouder voor 1 januari van het lopende schooljaar
  • Verblijfsduur in België: niet meer in rekening gebracht
  • Thuistaal niet-Nederlands
  • AN beheerst onvoldoende de onderwijstaal om met goed gevolg de lessen te kunnen volgen
  • AN was niet in een door de Vlaamse overheid gefinancierde of gesubsidieerde school ingeschreven op de eerste schooldag van februari van het vorige schooljaar of het daaraan voorafgaande schooljaar

Taalheldwerking

sla link op in klembord

Kopieer

De school organiseert met de lestijden een taalheldwerking voor deze anderstalige nieuwkomers. Een anderstalige nieuwkomer volgt binnen die werking een taalheldtraject. Zo'n traject hoeft niet noodzakelijk in een voltijds afzonderlijke klas plaats te vinden. Een school kan de doelstellingen ook (semi-) geïntegreerd realiseren.

De uitgangspunten van de A-routedoelen

sla link op in klembord

Kopieer

Ook voor anderstalige nieuwkomers vertrekken we vanuit de principes van een kennisrijk curriculum. Een anderstalige nieuwkomer beschikt al over kennis en taalvaardigheid in de moedertaal en/of andere talen, maar zal het Nederlands nog verwerven. De anderstalige nieuwkomer heeft nog weinig kansen gehad om thuis en in de omgeving via dagelijkse contacten met het Nederlands in aanraking te komen. We spreken hier over blootstellingsachterstand.

Taalvaardigheden ontwikkelen zich samen

sla link op in klembord

Kopieer

Nederlands leren gaat verder dan leren luisteren en spreken. Lezen en schrijven zijn vormen van secundaire kennis: ze worden niet vanzelf verworven door dagelijkse interactie, maar vragen expliciete instructie en inoefening. Voor anderstalige nieuwkomers is het daarom belangrijk om niet te wachten met leren lezen en schrijven tot ze het Nederlands mondeling voldoende beheersen. Praktijkervaringen uit het secundair onderwijs bevestigen het belang om hier tijdig op in te zetten.

Daarom krijgen alfabetisering, vlot en vloeiend lezen en correct schrijven vanaf de start een expliciete plaats in de A-route. Daarnaast blijft het belangrijk om doelgericht te werken aan woordenschat en mondeling taalgebruik, zodat de leerling het Nederlands steeds beter leert begrijpen en gebruiken. Woordenschat speelt daarin een centrale rol en ondersteunt het begrijpen en gebruiken van het Nederlands bij luisteren, spreken, lezen en schrijven. Deze verschillende aspecten van taalverwerving ontwikkelen zich naast en in samenhang met elkaar. Gerichte instructie en inoefening gaan daarbij samen met veel kansen om het Nederlands te horen, te begrijpen en zelf te gebruiken in leer- en communicatiesituaties.

Diversiteit

sla link op in klembord

Kopieer

Anderstalige nieuwkomers vormen een zeer diverse groep. Ze verschillen in leeftijd, moedertaal, eerdere schoolse ervaringen en wat ze al kennen en kunnen. Ook hun persoonlijke ervaringen en thuissituatie kunnen sterk verschillen. Een zevenjarige leerling heeft bijvoorbeeld andere onderwijsbehoeften dan een leerling die op tienjarige leeftijd instroomt. Een leerling die eerder onderwijs volgde op een internationale school brengt andere schoolse ervaringen mee dan een leerling die weinig of geen onderwijs heeft gevolgd. Ook de moedertaal speelt een rol: sommige talen vertonen meer overeenkomsten met het Nederlands dan andere.

De leerling als uitgangspunt

sla link op in klembord

Kopieer

Bij het schrijven van de doelen hielden we bewust een leerling met een complexe beginsituatie voor ogen: een anderstalige nieuwkomer van ongeveer tien jaar, zonder schoolse ervaring en die nog niet kan lezen en schrijven. Voor leraren is het een bijzonder uitdagende opdracht om voor deze leerling de juiste keuzes te maken: wat is essentieel om nu aan te leren en wat is nodig om deze oudere leerling zo goed mogelijk voor te bereiden op de doorstroom naar het secundair onderwijs? Door vanuit deze beginsituatie te vertrekken, kozen we doelen die relevant zijn voor deze leerling.

De A-routedoelen maken haalbare tussenstappen zichtbaar die de leerling ondersteunen om vanuit de eigen beginsituatie verder te groeien.

De verhouding tussen de A-route en de G-route

sla link op in klembord

Kopieer

Een taalheldtraject start met een goede beeldvorming van de leerling. De klassenraad brengt in kaart wat de anderstalige nieuwkomer al kent en kan, zowel in het Nederlands als in de moedertaal en/of andere talen.

Kijken voorbij de taalbarrière

sla link op in klembord

Kopieer

Wat een leerling in het Nederlands begrijpt of kan uitdrukken, laat niet altijd zien wat die leerling al kent en kan. Een beperkte beheersing van het Nederlands mag daarom niet leiden tot lagere verwachtingen. De leraar houdt rekening met eerder verworven kennis en vaardigheden en vertrekt vanuit hoge verwachtingen van wat de leerling verder kan leren. Hoge verwachtingen betekenen daarbij niet dat elke leerling de gemeenschappelijke leerplandoelen onmiddellijk moet bereiken.

Meer dan Nederlands alleen

sla link op in klembord

Kopieer

Vanuit die beeldvorming en hoge verwachtingen bepaalt de klassenraad waar verdere leerkansen liggen. Die leerkansen hebben niet alleen betrekking op Nederlands en communicatie. De leerling neemt ook deel aan het onderwijs in de andere disciplines, met de ondersteuning die daarvoor nodig is. Het is de verantwoordelijkheid van het schoolteam om dit onderwijs en de nodige ondersteuning samen vorm te geven. Zo krijgt het taalheldtraject vorm vanuit de brede ontwikkeling en onderwijsdeelname van de leerling.

Doelgerichte keuzes

sla link op in klembord

Kopieer

Binnen Nederlands en communicatie maakt de leraar op basis van de beeldvorming en de leerkansen doelgerichte keuzes uit de A-route en de G-route. De A-routedoelen vormen een gemeenschappelijk kader voor het taalheldtraject. Tegelijk sluit de leerling waar mogelijk aan bij de gemeenschappelijke leerplandoelen van de G-route. Een leerling hoeft dus niet eerst alle doelen van de A-route te doorlopen.

Afhankelijk van de leerling

sla link op in klembord

Kopieer

Welke A-routedoelen nog nodig zijn en bij welke doelen van de G-route de leerling al kan aansluiten, hangt samen met de leeftijd en de beginsituatie van de leerling. Er zullen veel overeenkomsten zijn tussen de trajecten van anderstalige nieuwkomers, maar afhankelijk van hun beginsituatie kunnen andere accenten nodig zijn. Voor een leerling die op zevenjarige leeftijd instroomt, ziet die aansluiting er bijvoorbeeld anders uit dan voor een leerling die op tienjarige leeftijd instroomt, al dan niet met eerdere schoolse ervaring.

Voortbouwen op wat de leerling al kan

sla link op in klembord

Kopieer

Daarbij bouwen we voort op wat een leerling al heeft geleerd. Wat al verworven is, hoeft niet opnieuw aangeleerd te worden. Een leerling die al kan lezen in de moedertaal, hoeft het leesproces niet opnieuw vanaf nul te leren. Leerlingen die in hetzelfde schrift gealfabetiseerd zijn, kunnen veel van hun verworven leesvaardigheden benutten bij het leren lezen in het Nederlands. Wel moeten zij leren wat in het Nederlands nieuw of anders is, zoals nieuwe klanken en klank-tekenkoppelingen.

Voor leerlingen die gealfabetiseerd zijn in een ander schrift, ligt dat anders. Zij moeten het Nederlandse schriftsysteem en de bijbehorende klank-tekenkoppelingen verwerven en vertrouwd raken met de kenmerken van het Nederlands schrift, zoals de leesrichting. Ook zij kunnen daarbij voortbouwen op eerder verworven leesvaardigheden.

Gemeenschappelijke doelen

sla link op in klembord

Kopieer

De A-route ondersteunt zo het gericht toewerken naar de gemeenschappelijke leerplandoelen. Het doel is dat de anderstalige nieuwkomer zo veel mogelijk samen met leeftijdsgenoten aan die gemeenschappelijke doelen werkt.

Ook wanneer een leerling steeds meer aansluit bij de reguliere klas, blijft de ontwikkeling van het Nederlands aandacht vragen. Die taalontwikkeling is een gedeelde verantwoordelijkheid van het schoolteam. Waar nodig krijgt de leerling verdere ondersteuning om steeds zelfstandiger aan het onderwijs te kunnen deelnemen.

Sociaal en emotioneel leren binnen de taalheldwerking

sla link op in klembord

Kopieer

Anderstalige nieuwkomers zijn in de eerste plaats leerlingen die, net als alle andere leerlingen, nood hebben aan positieve relaties, veiligheid, verbondenheid en een omgeving waarin ze tot leren kunnen komen.

Wanneer een leerling bijkomende ondersteuning nodig heeft, bijvoorbeeld door ingrijpende ervaringen, kijkt de school naar de behoeften van die leerling. Sociaal en emotioneel leren maakt deel uit van de taalheldwerking én van de schoolwerking. De gemeenschappelijke leerplandoelen voor sociaal en emotioneel leren bieden daarvoor een kader.

Ook sterk klasmanagement draagt daaraan bij. Duidelijke routines en verwachtingen, positieve relaties en een veilige en voorspelbare leeromgeving ondersteunen alle leerlingen.

×
Kijkt als...
Niveau
Regio
Kan ik je helpen?