Op 27 maart 2025 (cf. ook exact een jaar eerder) kwam Statistiek Vlaanderen met deze nieuwe cijfers over het studierendement in het hoger onderwijs. Traditiegetrouw was dat enkele onderwijscommissarissen niet ontgaan en dus werd het een thema in de plenaire vergadering. Overigens was het thema ook nog niet langer geleden dan 13 februari 2025 aan bod gekomen in de Onderwijscommissie. Onder andere met dat laatste voel jij me al komen, beste lezer: daardoor kan ik het ook hier kort houden, te meer omdat, zoals vragensteller Brecht Warnez ietwat teleurgesteld in zijn slotwoord zei, 90 procent van het antwoord van minister Demir gegaan was over het leerplichtonderwijs (en zeker over het intussen bekende verhaal van kleuter- en lager onderwijs). Welnu, ook dat overigens heel terechte onderdeel van dit hogeronderwijsverhaal hadden we de voorbije weken bij herhaling al gehoord. 30 april naderde trouwens en dat was de datum waarop de zgn. Commissie-Muijs haar voorstel van minimumdoelen voor het basisonderwijs moest “deliveren”. En ook het “Plan Nederlands” van de minister (goed voor iets meer dan 400 miljoen euro), eveneens relevant in deze context, zou vorm krijgen.
Misschien toch nog één opvallend iets: de stapsgewijze uitbreiding van zgn. starttoetsen naar alle bacheloropleidingen, zoals in het regeerakkoord stond, noemde minister Demir nu ineens toch maar een “pleister op een houten been”…: ze had daarover second thoughts dus blijkbaar. De geplande evaluatie van de zgn. “harde knip” (cf. precedenten) zou eventueel wat vervroegd kunnen worden, aldus nog minister Demir.
Lees de bespreking van de “Actuele vraag over de dalende slaagkansen binnen de vooropgestelde studieduur in het hoger onderwijs van Brecht Warnez, over het dalend studierendement van studenten in bacheloropleidingen van Tom Seurs en over het alsmaar groeiende probleem van studieduurvertraging in het hoger onderwijs van Kristof Slagmulder” aan minister Zuhal Demir.
Reageren kan bij Wilfried Van Rompaey: wilfried.vanrompaey@katholiekonderwijs.vlaanderen