Deze visietekst beschrijft het standpunt van Katholiek Onderwijs Vlaanderen over kennisrijk muzisch onderwijs, in aansluiting bij de visietekst van de Vlaamse overheid over de nieuwe minimumdoelen. Het leerplan muzische vorming is onderdeel van Op.stap, leerroutes voor iedereen en vertrekt vanuit de overtuiging dat elk kind de behoefte én het recht heeft om zich expressief te uiten, te verbeelden, te creëren en betekenis te geven aan de wereld waarin het leeft. Binnen muzische vorming nodigen we leerlingen uit om de wereld van kunst en cultuur intens te ervaren, te beleven, te onderzoeken en ervan te genieten. Dat genieten is essentieel: het vormt de basis voor beleving, creativiteit, expressie en betekenisvol leren. Wanneer leerlingen plezier ervaren, groeit hun emotionele betrokkenheid, verdwijnt faalangst en wordt authentieke expressie mogelijk. Genieten helpt om kunst te verbinden met de eigen leefwereld, leerlingen leren zichzelf en de anderen beter te begrijpen, groeien in empathie en openstaan voor diversiteit.
Door kunst te beschouwen, in dialoog te gaan over de boodschap ervan, betekenis te geven aan muzische ervaringen en zelf creaties te realiseren, ontwikkelen de leerlingen gevoeligheid voor kunst. Ze ontdekken hoe kunstenaars zich uitdrukken, welke technieken en bouwstenen ze gebruiken en hoe zij tot betekenisvolle vormgeving kunnen komen. Dit gebeurt via een brede en gevarieerde initiatie in de vijf muzische domeinen: muziek, beeld, dans, drama en media.
Deze domeinen worden bij voorkeur geïntegreerd aangeboden, de grenzen tussen deze muzische domeinen zijn immers dun.
Leerlingen worden aangemoedigd hun muzische ervaringen met elkaar te delen. Zo ontwikkelen ze een taal waarmee ze deze ervaringen kunnen verwoorden en vastleggen. Deze taal groeit geleidelijk en ondersteunt hen bij het begrijpen, interpreteren, waarderen en presenteren van muzische ervaringen. De muzische grondhouding is erop gericht om een open houding te ontwikkelen ten opzichte van de wereld van de kunsten en de expressie. Durf en nieuwsgierigheid zijn daarbij belangrijke elementen, alsook het besef dat kunstbeleving persoonsgebonden is. Leerlingen die over een muzische grondhouding beschikken staan open voor nieuwe muzische en kunstzinnige ervaringen, nemen actief deel en durven eigen voorkeuren tonen.
Binnen muzische vorming leren de leerlingen al spelend experimenteren, imiteren en creëren. Ze ontwikkelen inzicht in hun eigen mogelijkheden en talenten door te oefenen met maakstrategieën en door verbeelding in te zetten, want aan de basis van elke muzische of kunstzinnige ervaring ligt de verbeelding. ‘Verbeelden’ verwijst daarbij zowel naar fantaseren en verzinnen van nieuwe contexten als naar het daadwerkelijk creëren. Leerlingen onderzoeken hoe bouwstenen, materialen, technieken, vormgevingsmiddelen en media bijdragen aan de zeggingskracht van hun creaties.
In onze diverse en vaak meertalige, context zijn de muzische talen van bijzondere waarde. Ze reiken kinderen een andere taal dan de standaardtaal aan om zich te uiten, ook wanneer hun verbale taalontwikkeling nog in volle groei is. Zo ondersteunen de muzische talen zowel de taalontwikkeling als het emotioneel en creatief welzijn van elk kind.
We streven binnen muzische vorming naar een onderwijspraktijk die leerlingen breed, bewust en betekenisvol laat groeien in hun omgang met kunst en creativiteit:
Kennis in muzische vorming omvat in de eerste plaats inzicht in diverse kunstvormen en hun waarde in de samenleving. Theoretische kennis en praktische vaardigheden zijn nauw met elkaar verbonden en versterken het creatieve proces.
Leraren worden aangemoedigd om met leerlingen een breed spectrum aan kunstuitingen te verkennen. Zij behouden hierin keuzevrijheid, maar krijgen bij elk domein onder het subdomein repertorium, richtinggevende suggesties. Zo kunnen ze bijvoorbeeld stilstaan bij belangrijke kunstperiodes, stijlen, genres, artistieke creaties en kunstenaars. Het is niet de bedoeling een overzicht van de kunstgeschiedenis te geven, maar wel om deze kennis functioneel te gebruiken, zodat kunst begrepen wordt in haar geografische, historische en maatschappelijke context.
De bouwstenen vormen de basiselementen waarmee kunstenaars vorm en betekenis geven aan hun werk. Door deze bewust in te zetten, bepalen ze de beleving en interpretatie van de toeschouwer. Kennis en inzicht in deze bouwstenen is daarom essentieel: wie de taal van de kunsten verstaat, kan kunst beter begrijpen én zelf betekenisvol communiceren via kunstzinnige expressie.
Technieken en vaardigheden zijn praktische toepassingen van kennis, ze worden ontwikkeld via exploratie, experiment en herhaalde oefening. Vormgevingsmiddelen - de materialen en middelen die daarbij worden ingezet - zijn gekoppeld aan de vaardigheidsdoelen binnen elk domein. Samen ondersteunen ze leerlingen in het maken van weloverwogen keuzes tijdens het creëren.
Een centraal principe in muzische vorming is het steeds terugkerende muzisch proces:
Door muzische vorming te structureren in vijf muzische domeinen – muziek, beeld, drama, dans en media - krijgen leerlingen de kans om kennis en vaardigheden binnen elk domein te ontwikkelen en te verdiepen. Dit stelt hen in staat om talenten te ontdekken en persoonlijke voorkeuren te ontwikkelen. Tegelijk zijn de grenzen tussen de domeinen dun en bevat het leerplan een sterke horizontale samenhang onder meer door het domeinoverschrijdende luik. Via verticale, horizontale en diagonale coherenties wordt de samenhang zowel binnen de discipline, als over de verschillende disciplines heen, in het leerplan geduid. Deze coherenties zijn structureel verankerd in de leerplanopbouw en worden ondersteund via de digitale leerplantool.
Essentiële declaratieve kennis omvat de bouwstenen van de domeinen, geordend in de vorm van clusters:
Essentiële procedurele kennis omvat onder andere:
De leerlijnen beschrijven de ontwikkeling van leerlingen binnen en tussen de domeinen:
Deze leerlijnen staan niet los van elkaar, maar staan in voortdurende relatie tot elkaar. Integratie met andere disciplines zoals Nederlands en communicatie, wetenschap en techniek, wiskunde, geschiedenis, lichamelijke opvoeding en motoriek… bevordert een holistische ontwikkeling.
Coherentie vormt een essentieel uitgangspunt van het leerplan muzische vorming. Ze zorgt ervoor dat leerinhouden, leerlijnen en doelen logisch op elkaar aansluiten en samen een stevig, kennisrijk en geïntegreerd curriculum vormen. De coherentie wordt gerealiseerd via een duidelijk ordeningskader van domeinen, subdomeinen en clusters, én via de samenhang tussen doelen binnen en over domeinen en disciplines heen.
Het leerplan muzische vorming is opgebouwd rond zes domeinen: domeinoverschrijdend, muziek, beeld, drama, dans en media. Binnen elk domein zorgen subdomeinen voor verdere verfijning.
Het domein domeinoverschrijdend omvat de subdomeinen:
In de vijf muzische domeinen (muziek, beeld, drama, dans en media) keren telkens volgende subdomeinen terug:
Bij het domeinoverschrijdende deel nemen we in het leerplan de muzische grondhouding expliciet op. We beschouwen deze grondhouding als essentieel en funderend. Ze vormt de fond waarop muzische vorming wordt gebouwd. De expliciete plaats van de muzische grondhouding onderstreept dat muzische vorming meer is dan techniek of prestatie: het gaat om leren kijken, luisteren, ontdekken, reflecteren en openstaan voor kunst en expressie. De muzische grondhouding vormt de basis waarop alle andere leerprocessen rusten. De clusters ondersteunen deze ordening verder.
Het leerplan Op.stap, leerroutes voor iedereen werkt met routedoelen die verschillende leerwegen zichtbaar maken. Naast de gemeenschappelijke leerplandoelen (G-doelen) zijn er ook precurriculaire (P-doelen) voorzien. Daarnaast voorzien specifieke leerplandoelen (S-doelen) ondersteuning bij de opbouw van een individueel aangepast curriculum (IAC). Zo combineert het leerplan een gedeelde kennisbasis met gerichte ondersteuning, in functie van gelijke onderwijskansen.
Bijlage 1 bij deze visietekst geeft een overzicht van alle domeinen, subdomeinen en clusters in de discipline muzische vorming en verduidelijkt hoe deze ordening bijdraagt aan een systematische kennisopbouw.
Verticale coherentie verwijst naar de logische en cumulatieve opbouw van kennis en vaardigheden binnen één vakdiscipline over de leerjaren heen. Binnen de discipline muzische vorming worden de meeste verticale leerlijnen expliciet opgebouwd vanaf de jongste kleuters, voor sommige domeinen worden bovendien precurriculaire doelen beschreven. Deze maken zichtbaar welke voorbereidende kennis en basiservaringen nodig zijn om latere doelen succesvol te realiseren, en versterken zo de coherente kennisopbouw en gelijke onderwijskansen voor alle leerlingen in het kader van scholen voor iedereen.
Door herhaling, verdieping en uitbreiding bouwen leerlingen stapsgewijs aan een steeds rijker repertoire van muzisch begrip en muzische vaardigheid. De leerprogressie ondersteunt gelijke onderwijskansen en zorgt voor een herkenbare opbouw die logisch en haalbaar is voor alle leerlingen.
Horizontale coherentie verwijst naar de inhoudelijke afstemming van leerinhouden binnen hetzelfde leerjaar, over de (sub)domeinen heen. Deze horizontale coherentie komt op verschillende manieren tot uiting. Bij muzische vorming ontstaat deze samenhang onder meer door gedeelde bouwstenen zoals licht in zowel media als beeld. Relaties tussen de domeinen dans en muziek (bv. tempo, ritme, structuur) en kruisverbanden tussen vaardigheden en bouwstenen per muzisch domein binnen eenzelfde muzische activiteit. Wanneer leerlingen bijvoorbeeld bouwstenen gaan onderzoeken gebruiken zij automatisch vaardigheden en vormgevingsmiddelen die in een ander subdomein zijn uitgewerkt. Het leerplan biedt zo een geïntegreerde structuur die het muzisch proces ondersteunt.
Waar zinvol streeft muzische vorming naar samenhang met andere disciplines. Gedeelde concepten, kernideeën en kennis worden op elkaar afgestemd zodat leerlingen deze in uiteenlopende contexten herkennen en betekenisvol kunnen toepassen.
Voorbeelden hiervan zijn:
Deze vakoverschrijdende verbanden versterken inzicht en dragen bij aan een geïntegreerd, kennisrijk curriculum.
Diagonale coherentie ontstaat wanneer verticale en horizontale samenhang elkaar versterken. Het duidt op een consistente en geïntegreerde kennisopbouw over verschillende leerjaren en disciplines heen. Een concreet voorbeeld hiervan is hoe de in wiskunde aangeleerde basiskennis over vormleer later wordt toegepast bij de bouwstenen van het domein beeld. Diagonale coherentie zorgt ervoor dat leerlingen steeds complexere verbanden kunnen leggen en dat leerinhouden niet geïsoleerd blijven, maar ingebed zijn in een breed, samenhangend geheel.
Hoewel de discipline muzische vorming een relatief groot aantal doelen bevat, is dit een bewuste en doordachte keuze. De doelen zijn concreet geformuleerd zodat duidelijk wordt welke kennis, vaardigheden en attitudes opgebouwd dienen te worden, en hoe deze bijdragen aan een rijk en betekenisvol muzisch leerproces. Deze concreetheid verhoogt de helderheid, maar kan de indruk wekken dat het leerplan moeilijk haalbaar is binnen de beschikbare onderwijstijd voor muzische vorming. Deze perceptie wordt echter genuanceerd door de opbouw en logica van de leerplanstructuur. De doelen zijn niet bedoeld om afzonderlijk of geïsoleerd onderwezen te worden. Muzische vorming vertrekt vanuit geïntegreerde activiteiten waarin doelen uit meerdere domeinen en subdomeinen gelijktijdig aan bod komen. Een krachtige muzische activiteit activeert bijna altijd verschillende bouwstenen, vaardigheden en domeinoverschrijdende doelen zoals creativiteit, muzische grondhouding en kunst beschouwen. In de praktijk worden veel doelen ook in samenhang gerealiseerd, vaak binnen één betekenisvolle les of activiteit. Bovendien veronderstellen sommige doelen slechts korte, gerichte interacties, terwijl andere doelen worden gerealiseerd wanneer leerlingen regelmatig deelnemen aan muzische processen zoals beschouwen, creëren, reflecteren en presenteren. Daarnaast worden diverse doelen van muzische vorming verwezenlijkt binnen andere disciplines, zoals Nederlands en communicatie, wiskunde, lichamelijke opvoeding en motoriek, wetenschap en techniek… Deze kruisverbanden versterken de kennisschema’s binnen een kennisrijk curriculum en benutten beschikbare lestijd op een efficiënte en geïntegreerde manier.
De digitale leerplantool en de leerroutes zullen de coherenties en combinatiemogelijkheden expliciet zichtbaar maken. Ze zullen tonen hoe doelen logisch gegroepeerd kunnen worden, welke integraties vanzelfsprekend zijn en hoe binnen de onderwijsplanning realistische, haalbare en doordachte keuzes gemaakt kunnen worden. Zo ontstaat inzicht in de haalbaarheid én de pedagogische kracht van een kennisrijk muzisch curriculum.
Dit zal verder aangevuld worden met zorgvuldig ontwikkeld ondersteunend materiaal, waaronder infofiches over de bouwstenen, overzichtsschema’s, inspiratie rond kunstenaars, leerroutes met didactische wenken, woordverklaringen en andere verhelderende bronnen. Deze materialen bieden concreet houvast en illustreren hoe doelen in de onderwijspraktijk vorm kunnen krijgen. Ze versterken het vertrouwen om stap voor stap, haalbaar en met voldoende begeleiding een kwaliteitsvolle muzische werking uit te bouwen.
Kwalitatieve muzische vorming steunt op een sterke samenhang tussen beleving, proces en product. Creatieve denkbeelden, expressie en verbeelding komen vooral tot uiting tijdens het creatieproces zelf: in observaties, spontane interacties, reflectiemomenten en gesprekken. Ook bij het beoordelen van het eindproduct gaat het niet uitsluitend om technische aspecten, maar om de mate waarin leerlingen betekenis geven aan hun werk.
Evaluatie gebeurt aan de hand van vooraf vastgelegde succescriteria die duidelijk maken wat van leerlingen verwacht wordt. Evalueren is daarbij geen geïsoleerd moment, maar een geïntegreerd onderdeel van de muzische activiteit. Gerichte feedback ondersteunt leerlingen in hun groei, stimuleert reflectie en helpt hen inzicht te verwerven in hun leerproces. Een zorgvuldige en kwalitatieve evaluatie vraagt een pragmatische aanpak, met aandacht voor de aard en het doel van de muzische activiteit, de ontwikkeling van het muzisch leerproces en de eigenheid van muzische expressie, die niet steeds in één eindproduct kan worden gevat. Door in te zetten op procesgerichte evaluatie, formatieve feedback en duidelijke criteria krijgt het muzisch leren een realistische en pedagogisch verantwoorde plaats binnen de schoolwerking.
Het realiseren van kennisrijk, duidelijk en samenhangend muzische onderwijs veronderstelt ook geschikte materiële randvoorwaarden. Concreet en didactisch doordachte materialen ondersteunen leerlingen bij het verkennen van de werkelijkheid. Ook binnen muzische vorming zijn passende materialen (vormgevingsmiddelen) essentieel. Ze ondersteunen het muzisch proces en maken mogelijk dat leerlingen bouwstenen, technieken en vaardigheden effectief kunnen onderzoeken. Wanneer binnen een muzisch domein wordt verwacht dat leerlingen bepaalde technieken of vaardigheden verkennen en toepassen, dient de school minimaal geschikte middelen te voorzien om deze leerervaringen mogelijk te maken. Dit hoeft geen gespecialiseerd of kostbaar materiaal te zijn; eenvoudige basisuitrusting volstaat, zolang leerlingen de bedoelde vaardigheden effectief kunnen ontwikkelen.
Bijlage 2 bij deze visietekst biedt een overzicht van de materialen die scholen kunnen inzetten om de leerplandoelen van muzische vorming binnen Op.stap, leerroutes voor iedereen vorm te geven. Deze lijst dient steeds bekeken te worden vanuit de eigen schoolcontext, infrastructuur en de noden van de leerlingen. Scholen hoeven dit echter niet alleen te dragen: voor specifieke materialen kunnen zij samenwerken met lokale partners, zoals cultuur- en jeugdorganisaties, uitleendiensten, academies of gemeentelijke diensten. Op die manier kunnen leerlingen toch kennismaken met uiteenlopende instrumenten, materialen en technieken zonder dat de school elk item zelf hoeft aan te kopen
Muzische vorming ondersteunt leerlingen in hun groei tot creatieve, breeddenkende, open en empathische jonge mensen. Door kunst leren zij hun stem vinden, hun blik verruimen en hun verbeeldingskracht inzetten om actief en betekenisvol mee vorm te geven aan de wereld om hen heen.
Muzische vorming draagt niet alleen bij aan kennisverwerving, maar ook aan persoonsvorming. Door te creëren, te ervaren en betekenis te geven, leren leerlingen zich verhouden tot zichzelf, tot anderen en tot wat hen omringt. Zo verruimen zij hun leefwereld zonder de onttovering die soms ontstaat wanneer onderwijs te sterk focust op controle, beheersing of louter functionele resultaten. Kunst en creativiteit bieden ruimte voor verwondering, verbinding en openheid – voor kinderen én voor leraren. Wanneer kunst en muzische expressie hun volwaardige plaats krijgen, wordt school een omgeving waar vanuit vertrouwen en hoop verbindingen worden gelegd tussen leren, leven en samenleven.
Biesta, G. (2021). Door kunst onderwezen willen worden: Kunsteducatie ‘na’ Joseph Beuys. ArtEZ Press.
Björkvold, J. R. (1992). De muzische mens: Het kind en het lied, spelen en leren in alle levensfasen. Rotterdam: Ad. Donker.
Core Knowledge Foundation. (z.j.). Core Knowledge Curriculum. Charlottesville, VA: Core Knowledge Foundation.
Council for the Curriculum, Examinations and Assessment (CCEA). (2007/2009). The Northern Ireland Curriculum: Primary. Belfast: CCEA.
Crul, K. & Oetang bvba. (2018). De kleine zeppelin: Kunstzinnig werken met kleuters. Pelckmans.
Crul, K. (2017). Zeppelin: Didactiek voor muzische vorming. Pelckmans.
Cultuurkuur. (z.j.). Cultuurkuur. Brussel: Departement Cultuur, Jeugd en Media.
Curriculum.nu. (2019). Leergebied Kunst & Cultuur – Voorstel ontwikkelteam. Den Haag/Zoetermeer/Utrecht: PO‑Raad, VO‑raad i.s.m. SLO.
Departement Onderwijs en Vorming, CANON Cultuurcel. (2016). De cultuurspiegel: Jouw gids voor cultuur op school. Geraadpleegd op https://www.vlaanderen.be/publicaties/de-cultuurspiegel-jouw-gids-voor-cultuur-op-school
Haanstra, F. (2011). Authentieke kunsteducatie: een stand van zaken. In Cultuur + Educatie, 31, 8–36. Utrecht: Cultuurnetwerk Nederland.
Heijnen, E. (2015). Remixing the Art Curriculum: How Contemporary Visual Practices Inspire Authentic Art Education (Proefschrift). Nijmegen: Radboud University.
Katholiek Onderwijs Vlaanderen. (2018). Zin in leren! Zin in leven! (ZILL). Brussel: Katholiek Onderwijs Vlaanderen.
Kennisrijke minimumdoelen in het Vlaamse basisonderwijs. Rapport van de Commissie Muijs. (2025). Brussel: Departement Onderwijs en Vorming (DOV).
Krathwohl, D. R., Bloom, B. S., & Masia, B. B. (1964). Taxonomy of Educational Objectives, Handbook II: Affective Domain. New York, NY: David McKay.
Magsamen, S., & Ross, Y. (2023). Your Brain on Art. New York, NY: Random House.
Mediawijsheid.nl. (z.j.). Mediawijs‑met‑beeld. Den Haag/Utrecht: Netwerk Mediawijsheid.
Mocca. (2015). Raamleerplannen voor beeldende vorming, cultureel erfgoed, dans, drama, letteren en muziek. Amsterdam: Mocca – expertisenetwerk cultuureducatie.
Pauwels, C. (2021). Ode aan de verwondering. Academia Press.
Rata, E. (2019). Knowledge‑rich teaching: A model of curriculum design coherence. In British Educational Research Journal, 45(4), 681–697. Oxford: Wiley‑Blackwell.
Robinson, K. (2016). Het element. Utrecht: Uitgeverij Spectrum.
Schmidt, H., & Rutten, K. (2021). Mogen wij nog verwonderd zijn? Een pleidooi voor meer kunstonderwijs op school. Owl Press.
SLO. (2014). Leerplankader kunstzinnige oriëntatie. Enschede/Amersfoort: SLO – nationaal expertisecentrum leerplanontwikkeling.
SLO. (2021). Kunstzinnige oriëntatie – TULE. Enschede/Amersfoort: SLO – nationaal expertisecentrum leerplanontwikkeling.
Surma, T., Kirschner, P. A., Vanhees, C., Wils, M., Nijlunsing, J., Crato, N., Hattie, J., Muijs, D., Rata, E., & Wiliam, D. (2025). Kennisrijk kansrijk: Naar een curriculum voor diepe denkers. Lannoo Meulenhoff.
Tielemans, M., & Crul, K. (2023). Muzische inspiratiegids: Dansexpressie. Kalmthout: Pelckmans.
Van Dorsten, T. (2023). De kracht van verbeelding. Groningen: Rijksuniversiteit Groningen.
Van Heusden, B. (2010). Cultuur in de spiegel: Naar een doorlopende leerlijn cultuuronderwijs. Groningen: Rijksuniversiteit Groningen (in samenwerking met SLO).
Van Heusden, B. (2020). Het leven verbeeld: kunst, cultuur en cognitie. Groningen: University of Groningen Press.
Vlaams Parlement (2025). Minimumdoelen en visieteksten voor het derde jaar kleuteronderwijs, het vierde jaar lager onderwijs en het zesde jaar lager onderwijs. Geraadpleegd op 1 september 2025, van https://www.vlaanderen.be/onderwijs-en-vorming/opleidingsinhouden/opleidingsinhouden-per-onderwijsniveau/nieuwe-minimumdoelen-basisonderwijs
VVKBAO. (1999). Leerplan Muzische Opvoeding (+ deelleerplannen). Brussel: DOKO vzw.