De gezondheidspatronen van Gordon vormen een wetenschappelijk onderbouwde classificatie om binnen de gezondheidszorg gegevens te verzamelen over de totale persoon.
Het ICF-schema is een internationale classificatie van het functioneren van mensen. Op die manier ligt binnen de zorg de focus niet op een gezondheidsprobleem of deficit maar op het functioneren van mensen.
Volgende presentatie en verduidelijking, brengen een koppeling met de leerplandoelen uit het leerplan Gezondheidszorg III DA.
Mogelijke linken gezondheidspatronen van Gordon en ICF-schema met leerplandoelen Gezondheidszorg III D/A-finaliteit
Je kan beide kaders koppelen aan verschillende leerplandoelen in het leerplan Gezondheidszorg. In de wenken bij de leerplandoelen, vind je een verwijzing naar beide classificaties indien van toepassing. Omdat beide kaders uit de gezondheidszorg komen, kan je ze vooral linken aan de doelen van zorg, maar ook met doelen uit de andere bouwstenen is er een mogelijke link. Een overzicht:
LPD 1 Leerlingen handelen belevingsgericht vanuit een holistische, dynamische en emancipatorische mensvisie met aandacht voor het opbouwen van een professionele zorgrelatie.
Leerplandoel 1 vormt het uitgangspunt voor het ganse leerplan en de studierichting. Het belevingsgericht handelen en het opbouwen van een professionele zorgrelatie staan centraal. Hiervoor is afstemming op de unieke persoon en zijn omgeving cruciaal. We kijken naar die unieke persoon als geheel van lichamelijke, geestelijke, sociale en spirituele elementen (holistische) die in voortdurende relatie staat met zijn omgeving , blijft ontwikkelen (dynamische) en zelf de regie voor het eigen leven in handen neemt (emancipatorische).
Om belevingsgericht te kunnen handelen, kijken we niet alleen naar de lichamelijke aspecten maar naar de totale persoon. Om gegevens over de totale mens te verzamelen, kan je de gezondheidspatronen van Gordon gebruiken. De focus is hierbij niet een gezondheidsprobleem of deficit, maar wel het totale functioneren. Om dit in kaart te brengen, kan je het ICF-schema gebruiken.
LPD 3 De leerlingen observeren de cliënt, signaleren veranderingen in de gezondheidstoestand en rapporteren in team en in het zorgdossier.
Om de cliënt en zijn omgeving op een doelbewuste manier te observeren, kan je gebruik maken van verschillende modellen. Omdat we vertrekken van de holistische mensvisie en de focus leggen op het functioneren van mensen, kan je beide kaders gebruiken om gegevens te verzamelen, te ordenen, te signaleren en rapporteren.
LPD 7 De leerlingen hanteren een systematische aanpak bij het plannen, organiseren, uitvoeren en evalueren van een zorg conform het zorg- en ondersteuningsplan.
Omdat het gebruik van beide classificaties voortvloeit vanuit de impact van de visie op kwaliteitsvol leven, wonen en zorgen op de zorgprocessen, raden we aan om beide kaders op een systematische manier aan te wenden als eerste stap bij het hanteren van een systematische aanpak bij het informeren, plannen, uitvoeren en evalueren van een zorg conform het zorgplan (LPD 7).
LPD 29 De leerlingen lichten een visie op kwaliteitsvol leven, wonen en zorg en de impact op zorgprocessen toe.
Voor leerplandoel 29 kan je vertrekken van de evolutie in de visie op zorg : van een taak- of probleemgerichte zorg, naar een meer generalistische (bio-psychosociale) zorg waarbij een meer relationele benadering met persoonsgerichte zorg verwacht wordt die niet alleen de kwaliteit van zorg ondersteunt, maar ook gericht is op kwaliteit van leven en wonen.
Deze veranderde visie heeft een impact op de zorgprocessen. In het lexicon worden zorgprocessen omschreven als ‘het proces binnen het verlenen van zorg aan een cliënt gaande van het ontvangen en verwerken van informatie- en zorgvragen, vaststellen van de nodige zorg, zorgbemiddeling, zorgtoewijding, uitvoeren van zorg- en ondersteuningsplan, tot evaluatie/bijsturen en eventueel afsluiten van de geboden zorg’.
Om een zorgvraag te kunnen beantwoorden heeft men dus informatie nodig over de totale mens (gezondheidspatronen van Gordon), informatie over de omgeving, en informatie over de invloed van de zorgvraag op het functioneren van mensen (ICF-schema).
In de lessen ‘anatomie en fysiologie’ leren de leerlingen de lichaamsstelsels en fysiologische processen kennen. In de lessen zorg bouwen ze daarop voort en leren ze per lichaamsstel:
Afstemming tussen de bouwstenen ‘anatomie en fysiologie’, en ‘zorg’ is dus wenselijk. Men bekijkt de volgorde van de aanpak van de stelsels, of sommige aandoeningen al dan niet aan bod komen in anatomie en fysiologie en hoe beide bouwstenen elkaar kunnen versterken. Ondersteuning bij de afstemming kan je in dit document terugvinden.
Ook tussen de doelen zorg is er een onderlinge samenhang. Daarom en omwille van het feit dat de meeste van die doelen handelingsgericht zijn, vertrek je best van een casus. Met behulp van de casussen kan je ook de verschillende contexten en doelgroepen in het leerplan aan bod laten komen. Omdat we de gezondheid van de totale mens willen bekijken, vertrekken we voor de opmaak van de casussen vanuit de verschillende gezondheidspatronen. Je gaat dan per patroon als volgt te werk:
De meest relevante gezondheidspatronen die je kan uitwerken zijn
Indien voldoende tijd kunnen ook de andere gezondheidspatronen aan bod komen.
Je kan het werken met casussen ook uitbreiden naar de andere clusters van leerplandoelen en zo inzetten op de integratie van de verschillende leerplandoelen. Op die manier bereid je de leerlingen optimaal voor op de stages.
Documenten die je kan gebruiken bij je lessen.
Ter inspiratie maakten we ook 2 casussen, één van Dina (WZC) en één van Suzanne (thuiszorg). Deze casussen kunnen het vertrekpunt zijn om per gezondheidspatroon een verdiepende casus op te stellen.

