Het principe van voedselveiligheid is om de kwaliteit van voedingsmiddelen in de handel te garanderen en om de risico's van voedsel voor de gezondheid van de consument zoveel mogelijk te beperken.
De overheid is vanzelfsprekend verantwoordelijk voor maatregelen om de voedselketen te beschermen en te controleren. Maar ook bedrijven, scholen en particulieren kunnen bijdragen aan de voedselveiligheid. Het Federaal Agentschap voor de veiligheid van de voedselketen (FAVV) ondersteunt je hierbij.
De belangrijkste wetgeving en richtlijnen met toelichting vind je op de website van het Federaal voedselagentschap.
Een registratie volstaat als je alleen dranken en/of voorverpakte voedingsmiddelen aanbiedt met een houdbaarheid van minimum 3 maanden bij kamertemperatuur. Wanneer je niet verpakte, te koelen levensmiddelen en bereidingen aanbiedt dien je toelating te vragen. Zowel voor de registratie als voor de toelating betaal je een jaarlijkse heffing. Uitzonderingen hierop vind je op de website van het van het FAVV.
Autocontrole is het geheel van maatregelen dat ervoor zorgt dat voedingsmiddelen in alle stadia van de productie, verwerking en distributie voldoen aan de wettelijke voorschriften inzake voedselveiligheid, kwaliteit en traceerbaarheid. Het autocontrolesysteem bevat Goede hygiënepraktijken (GHP) en dient gebaseerd te zijn op de HACCP – principes (Hazard Analysis and Critical Control Points).
Het toepassen van een autocontrolesysteem is verplicht. Er bestaan echter versoepelingen op vlak van HACCP. Wat dit concreet betekent voor jouw onderwijsinstelling vind je op de website van het FAVV.
Je moet de consument correct en volledig informeren betreffende allergenen. Je kan dit doen door zichtbaar te melden welke allergenen in de voeding aanwezig kunnen zijn. Of je kan ook verwijzen naar een medewerker die op de hoogte is van de allergenen en de juiste uitleg kan geven.
Meer informatie hierover vind je op de website van het FAVV.