14 oktober 2026 – Impact van dalend leerlingenaantal op Vlaams onderwijslandschap en lerarentekort

We moesten eerst nog wel heel wat commotie passeren bij het eerste thema van de plenaire vergadering n.a.v. recente rellen in Brussel, met enkele vragen aan minister Demir in haar hoedanigheid van Vlaams minister van Justitie (cf. ook ouderlijke verantwoordelijkheid, waaraan de minister aan het werken is). Oké, maar dan kwam als tweede thema Onderwijs eraan. Vorige vrijdag al was onze directeur-generaal Bruno Vanobbergen ’s ochtends vroeg te gast in De Ochtend op Radio 1 en publiceerden we ons persbericht, incl. heel wat cijfers en analyse. De dag nadien stond er in De Morgen een interessant artikel (voor abonnees), waarin ook KU Leuven-professor Kristof De Witte aan het woord kwam. Zoals ik al wel vaker schreef over actuele vragen in het Vlaams Parlement, wat viel er, na al die voorafgaande berichten over de zaak, nu nog te zeggen in het parlementaire debat? Niet onverwacht een aantal herkenbare zaken bij de vragenstellers, de minister en de interveniënten.

Vragensteller Koen Daniëls gebruikte een voorbeeld van een (beperkte) rationalisatienorm in het basisonderwijs, die hij overigens zelf verbond met onderwijskwaliteit, om dan te verwijzen naar de uitspraken van onze directeur-generaal (cf. supra) en te eindigen bij de vraag aan de minister dat zij toch zeker geen fusies zou gaan verplichten. Alsof iemand dat gezegd zou hebben... Daniëls’ punt in zijn intro over plaatsoverschot op bepaalde plaatsen versus plaatstekort op andere plaatsen, dat ook tweede vragensteller Stephanie D’Hose aanhaalde, was wel terecht. D’Hose wees op het verschil katholiek onderwijs/Gemeenschapsonderwijs in dit cijferverhaal, wat volgens haar flexibiliteit in de organisatie van onderwijs vergde en dus vroeg ze aan de minister kort wat haar plan was.

Over de kern van wat toen volgde (ook bij de interveniënten), kan ik kort zijn:

  • heel snel (en terecht) belandde het debat bij… de lopende gesprekken over het onderwijspact, dat eigenlijk de onderwijsorganisatie voor de volgende 10, 15 jaar zou moeten uittekenen;
  • concreet over wat op schools niveau en wat op een bovenschools niveau het best georganiseerd zou gaan worden;
  • én met daarbij gelijk het belang van “nabijheid” van scholen, zeker toch in het basisonderwijs;
  • als enige wees vragensteller D’Hose tot slot op de medeverantwoordelijkheid van netten/koepels/structuren, waar meer efficiëntie nodig was want daar ging, volgens haar, heel veel geld naartoe.

Reageren kan bij Wilfried Van Rompaey: wilfried.vanrompaey@katholiekonderwijs.vlaanderen

Verwante artikels

OVER DEZE BLOG

Deze blog is niet bedoeld als formeel standpunt van Katholiek Onderwijs Vlaanderen, evenmin als een puur verslag, maar wel als een niet-neutraal, persoonlijk commentaar op vooral ook politieke aspecten van de parlementaire onderwijsactiviteiten, zowel in de Commissie Onderwijs en de plenaire vergadering van het Vlaams Parlement als uitzonderlijk ook in een andere vakcommissie die occasioneel relevant kan zijn voor het beleidsdomein Onderwijs.

×
Kijkt als...
Niveau
Regio
Kan ik je helpen?