De nieuwste Onderwijsspiegel vraagt om een heldere en evenwichtige lezing. 18 procent van de doorgelichte scholen krijgt een ongunstig advies. In het secundair onderwijs loopt dat op tot bijna één op vier scholen. Tegelijk krijgt 38 procent van de scholen een gunstig advies zonder meer en 44 procent een gunstig advies met werkpunten. Het beeld is dus duidelijk. Veel scholen realiseren kwaliteit, maar op te veel plaatsen staan onderwijskwaliteit en kwaliteitsontwikkeling onder druk.
De Onderwijsspiegel is een belangrijk instrument om zicht te krijgen op de kwaliteit van ons onderwijs. De cijfers vragen aandacht, maar vertellen niet het verhaal van onwil of onverschilligheid. Ze tonen vooral hoe schoolteams elke dag proberen kwaliteitsvol onderwijs waar te maken in een context die voor veel scholen steeds complexer wordt. Die werkpunten moeten we onder ogen zien en opnemen vanuit een gedeelde verantwoordelijkheid. Scholen staan daarin niet alleen.
De inspectie legt opnieuw een aantal hardnekkige werkpunten bloot op de klasvloer. Instructie, effectieve feedback, evaluatie, onderwijs op maat en afstemming op sterke doelenkaders. Daarnaast blijkt ook de vertaling van visie en beleid naar de klaspraktijk in veel scholen moeilijk te blijven. Net daar ligt vandaag een grote opgave. Niet alleen een richting uitzetten, maar die ook schoolbreed en tot in de klas waarmaken, opvolgen en bijsturen. Duurzame kwaliteitsontwikkeling vraagt dat beleid, klaspraktijk en opvolging op elkaar afgestemd zijn.
Dat meer scholen een ongunstig advies krijgen, toont dat de druk op scholen toeneemt. Elk onderwijsniveau heeft een eigen opdracht en eigen uitdagingen. Wat de Onderwijsspiegel vooral zichtbaar maakt, is dat scholen in alle onderwijsniveaus vandaag werken in een veeleisende context, met lerarentekorten, personeelswissels en een grote druk op de dagelijkse werking.
Voor Katholiek Onderwijs Vlaanderen bevestigen deze resultaten hoe belangrijk gerichte begeleiding blijft. Scholen met een ongunstig advies hebben nood aan ondersteuning die helpt om opnieuw richting, samenhang en houvast op te bouwen. Dat vraagt geen losse ingrepen, maar trajecten die aansluiten bij de concrete context van scholen en die volgehouden kunnen worden in de tijd.
De toename zit vandaag vooral bij scholen die een ongunstig advies krijgen, maar nog de kans hebben om met begeleiding en opvolging bij te sturen. Het aantal adviezen in de zwaarste categorie stijgt niet. Dat is geen sluitend bewijs, maar het wijst er wel op dat begeleiding, opvolging en tussentijdse versterking scholen kunnen helpen om niet verder af te glijden.
Naast de werkpunten toont de Onderwijsspiegel ook waar scholen vooruitgang boeken of al sterk staan. Organisatiebeleid blijft in veel scholen een relatief sterk onderdeel van kwaliteitsontwikkeling. De begeleiding van startende leraren verbetert. Ook scholen die sterk samenwerken met partners zoals pedagogische begeleiding, leersteuncentra, CLB, ouders en andere externe partners bouwen vaker sterker beleid uit.
Daarnaast is in het buitengewoon basisonderwijs een positieve evolutie zichtbaar. Ook op leerlingenbegeleiding in het buitengewoon onderwijs en op de aanwending van GOK-middelen zijn er bemoedigende vaststellingen, al blijven ook daar in veel scholen duidelijke werkpunten bestaan. Dat alles toont dat in heel wat scholen deskundigheid, inzet en groeikracht aanwezig zijn.
Voor Katholiek Onderwijs Vlaanderen bevestigt de Onderwijsspiegel de keuze om de pedagogische begeleiding verder te versterken. Dat sluit aan bij de beweging die we in ons beleidsplan al hebben ingezet om meer samenhang te brengen tussen beleid, professionalisering en klaspraktijk, de uitvoering en effecten beter op te volgen en sterker in te zetten op veranderingen die duurzaam verankerd raken in het dagelijkse werk van scholen en leraren.
De focus ligt daarbij niet op losse interventies, maar op planmatige en duurzame trajecten die scholen helpen om visie, professionalisering, klaspraktijk en opvolging beter met elkaar te verbinden, met een sterke focus op wat werkt in de klas. Daarbij evolueert onze begeleiding verder naar meer planmatige en evidence-informed trajecten, met een nauwe betrokkenheid van ons hele netwerk. In het basisonderwijs krijgt die beweging onder meer vorm in het kennisrijk curriculum van ons nieuwe leerplan Op.Stap, met hoge verwachtingen voor elke leerling.
Kwaliteitsontwikkeling vraagt duidelijke verwachtingen, ondersteuning en tijd. Net daarom blijven we samen met onze scholen inzetten op trajecten die niet alleen op papier zichtbaar zijn, maar ook in de klas en in het leren van leerlingen het verschil maken. Katholiek Onderwijs Vlaanderen blijft benadrukken dat kwaliteitsontwikkeling een gedeelde opdracht is van scholen, overheid en ondersteunende partners.