Wil een bedrijf herkenbaar worden, dan gaat het op zoek naar een passend, uniek logo. Deze logo's bestaan in alle vormen, maten en kleuren. Die kleuren helpen klanten om merken en logo's gemakkelijker te herkennen, want ze zijn het eerste wat we onderscheiden als we naar iets kijken en werden door bedrijven of organisaties heel zorgvuldig uitgekozen. In deze lessuggestie leren je leerlingen de verborgen boodschappen van kleuren kennen.
Als instap kan je de leerlingen zelf laten ondervinden hoe herkenbaar kleuren zijn. In de onderstaande tabel staan zestien logo's van bekende bedrijven, maar door een verkeerde knop zijn alle kleuren verdwenen. Kunnen je leerlingen de juiste kleuren terugvinden en ze inkleuren?
Aansluitend kan je erop wijzen dat bovenstaande bedrijven deze kleuren geenszins toevallig gekozen hebben. Integendeel, kleuren roepen vaak emoties en associaties op, zo hebben we vaak een lievelingskleur, waarnaar je als leraar kort zou kunnen vragen.
Merken beseffen dit en gebruiken het in hun voordeel. Zo houden ze bij hun kleurkeuze rekening met de doelgroep die ze willen bereiken, de sfeer die ze willen uitstralen, ...
De volgende tabellen zijn alvast ingekleurd. De leerlingen mogen bij elke kleur het bedrijf plaatsen dat er hierboven mee uitpakt. Gelukt? Dan zoeken ze, rekening houdend met het imago van het merk, naar de betekenis of associatie van deze kleuren.
Wellicht zijn de leerlingen nieuwsgierig naar de correcte antwoorden, waardoor je een kleurrijk spectrum uit de marketingwereld kan tonen. Voor wie nog een uitdaging wil: laat je leerlingen per kleur bijkomende voorbeelden zoeken.
Uit de vorige lesfase bleek duidelijk dat kleuren een dieperliggende, psychologische betekenis hebben en ons onbewust kunnen beïnvloeden.
Stel dat je directeur zich enorm opwindt over en zich zelfs ergert aan het zwerfafval dat dagelijks rond de schoolpoort terug te vinden is. Om dit probleem op te lossen wil hij een sensibiliseringscampagne opzetten voor leerlingen, ouders, leerkrachten. Welke kleur zou hij volgens het spectrum het best gebruiken om zijn frustratie, opwinding uit te drukken?
Als leraar kan je verduidelijken dat deze opdracht geïnspireerd is op een realistische casus. De communicatiemedewerkers van de stad Genk stonden voor een gelijkaardige uitdaging, zoals beschreven in het artikel hieronder. Laat je leerlingen het rustig doornemen waarna ze per twee of drie de bijbehorende vragen mogen beantwoorden.
Elk groepje stelt vervolgens een vertegenwoordiger aan die de antwoorden klassikaal toelicht. Na de inhoudelijke vragen kan je ook ruimte voorzien voor reflectievragen. Het nieuwe bord doet volgens de medewerkers van de stad Genk namelijk denken aan de vele infoborden rond beschermde monumenten, wat een berm uiteraard niet is. Als leraar kan je de leerlingen dan ook vragen of de kijker hier misleid wordt of is dit volgens hen vooral een voorbeeld van slimme communicatie.
Eén simpel 'verkeersbord' zorgt voor een pak minder zwerfvuil: “We kozen bewust voor die bruine kleur”
Zwerfvuil langs de weg aanpakken: in Genk proberen ze het met een slim psychologisch trucje. Door bermen als ‘beschermd’ te bestempelen met behulp van een soort verkeersbord, lijkt het sluikstorten er opvallend snel af te nemen.
Bermen die geteisterd worden door zwerfvuil zijn in Genk omgetoverd tot “beschermde bermen”. Dat betekent officieel helemaal niets. De bermen krijgen geen andere juridische status of een meer ecologisch bermbeheer. Er is gewoon een bord dat aangeeft dat het om een “beschermde” berm gaat. Meer is het niet.
Het gaat om een bruin bord, dat doet denken aan de toeristische infoborden langs onze snelwegen of de borden die het Werelderfgoed van Unesco aanduiden. Een half jaar na de introductie van die borden is het zwerfvuil in de “beschermde bermen” in Genk met een kwart gedaald.
Milliseconde
“Dat is een mooi, maar nog voorzichtig resultaat”, zegt Nick van de Hei. Van de Hei is medeoprichter van het Nederlandse creatief bureau ‘Fama Volat’ (Latijn voor: “Het gerucht krijgt vleugels”). De borden tegen het sluikstorten zijn hun uitvinding en zijn al op minstens vijftien plekken in Nederland uitgerold. Genk is de eerste Belgische klant. “Op de meeste plekken noteren we een daling tot 60 en 70 procent na de installatie van de borden”, zegt Van de Hei, die met het ontwerp van de borden sluikstorters doelbewust wil laten geloven dat het om ‘erfgoed’ gaat.
“Het gaat om sluikstorters die vooral vanuit hun auto afval dumpen. Dat is een heel moeilijke doelgroep, die kan je heel moeilijk benaderen. Het komt erop neer dat je ze in één oogopslag van gedachte moet proberen te veranderen. Door te werken met de bruine borden die bekend zijn van het Unesco-werelderfgoed, maken bestuurders in een milliseconde die associatie. ‘Dit is blijkbaar een gebied waarvoor zorg wordt gedragen, dus misschien doe ik dat maar beter ook’. Sluikstorters gaan twee keer nadenken, want op ‘erfgoed’ of in een ‘beschermde zone’, dump je toch geen afval?”
En dat lijkt dus te werken. In Genk is het dalende zwerfafval hoofdzakelijk terug te leiden naar een daling van blikjes en flesjes: afval dat typisch uit auto’s gegooid wordt.
Grootste natuurgebied
De vraag is hoe duurzaam dat effect is. Gaat een sluikstorter – zeker als ze ook kranten lezen – niet snel doorhebben dat die eigenlijk in de maling genomen wordt? “Het is een relatief nieuw initiatief, dus we moeten afwachten wat de resultaten zijn op lange termijn”, zegt Van de Hei, die het eerste bord nu al bijna drie jaar geleden in Tilburg plaatste.
“Maar we moeten het effect ook anders zien: de borden moeten het gesprek openen. ‘Waarom hou ik me wel in als er een bord staat?’ Bermen moeten we ook beginnen te zien als een klein stukje natuur. Het is het leefgebied voor fauna en flora en een corridor voor wild. Waarom nemen we dat niet serieuzer? Als dat werkt via het bord, prima. Al zou het natuurlijk geweldig zijn als die ‘beschermde bermen’ ook officieel erkenning krijgen. Tel ze allemaal samen en we hebben het grootste natuurgebied van Vlaanderen en Nederland.”
Uit: Het Nieuwsblad, 16 januari 2026
De keuze voor de kleur bruin die doet denken aan toeristische infoborden en geassocieerd wordt met authenticiteit en aarde, blijkt een heel slimme zet die misschien ook navolging verdient. Het kan dan ook de moeite lonen om samen met de leerlingen wat verder te kijken en andere campagnes rond dezelfde thematiek, het sluikstorten, onder de loep te nemen. Je kan de leerlingen in kleine groepen zelf voorbeelden laten zoeken of er hen aanleveren, waarbij je hen via een vergelijkende oefening laat stilstaan bij de beelden, kernboodschappen, emoties, kleuren en eventuele logo's.
Via een dergelijke oefening kan je als leraar ook ruimte laten voor vergelijkende v. Je kan peilen naar gelijkenissen en verschillen. Wat emoties betreft, springt bijvoorbeeld de vijfde campagne in het oog. Hier wordt het positieve benadrukt omdat de skater deelneemt aan operatie proper.
Als leraar peil je best ook naar een toonaangevende kleur, een kleur die m.a.w. in de meeste campagnes voorkomt. Wellicht noemen de leerlingen blauw, rood en misschien groen, waarna ze zelf proberen te achterhalen waarom die zo vaak voorkomen.





