'Lezen is goed voor je" - dit is een boodschap die leerlingen vaak te horen krijgen. Ook wetenschappelijke inzichten bevestigen dit voordeel: dankzij het lezen vergroten we onze kennis, trainen we onze concentratie, stimuleren we onze taalontwikkeling en we zouden zelfs langer kunnen leven.In deze les ontdekken leerlingen via rijke teksten verschillende levensfases in de natuur, terwijl ze tegelijk hun woordenschat uitbreiden.
Doel? Motivatie stimuleren, voorkennis activeren
De leerlingen krijgen een stapeltje afbeeldingen. De leraar geeft enkel de instructie dat ze de kaartjes in duo’s moeten gaan sorteren.
Hieronder zie je de megalopalarve en een volwassen krab, een larve en een vlinder. Andere mogelijke voorbeelden van dieren die een metamorfose ondergaan zijn: de libel, kwal, lieveheersbeestje, bij …
De leerlingen bespreken per twee de afbeeldingen, wat ze zien, wat ze eventueel al kennen en welke plaatjes ze nu moeten gaan samenleggen.
Doel? Voorspellen waarover de tekst gaat + woordassociaties maken
De leerlingen krijgen de instructie om hun lege bingoformulier in te vullen. Ze krijgen enkel de titel van de tekst ‘Vlinder’. Nu moeten ze elk nadenken over woorden die met de vlinder te maken hebben en elk woord in een hokje noteren.
Wanneer je ziet dat er heel wat leerlingen moeite hebben met het zoeken naar woorden, kan je ze even laten rondstappen in de klas om te gaan kijken op de bingoformulieren van de klasgenoten. Zo raken ze geïnspireerd om hun eigen bingoblad aan te vullen. Je kan hun voorkennis ook activeren via een een korte video, zoals 'Van ei tot vlinder'.
Daarna geeft de leraar de instructie dat de leerlingen goed moeten luisteren naar de tekst. Wanneer ze een woord horen dat ook op hun formulier staat, mogen ze dit aanduiden. Wie scoort er als eerste een rijtje?
Nood aan differentiatie?
Je kan het bingoformulier ook groter maken (4X4 of 5X5), afhankelijk van de beginsituatie van jouw leerlingen.
De leraar leest de tekst voor: Vlinder.
Ga na welke woorden nog op hun formulier stonden? Welke woorden konden ze eventueel nog toevoegen die ze nu uit de tekst hebben gehaald?
Het formulier en de tekst bevatten voor sommige leerlingen misschien enkele weinig frequente woorden die dan ook moeilijker te lezen en te begrijpen zijn, zoals cocon, fladderen, knabbelen, vervelen, vervellen, van hot naar her, een tukkie doen, ... Schrijf ze op het bord en zeg ze voor, waarna de leerlingen ze in koor nazeggen. Kunnen de leerlingen via de context of de tekst achterhalen wat ze betekenen?
Doel? Tekstbegrip stimuleren, informatie combineren
De leerlingen krijgen nu de tekst Page, maar wel in stukjes geknipt. Zo moeten ze eerst rangschikken volgens chronologie. Zo leggen ze de alinea’s met tussentitel Eitje, Rupsje, Rups, Pop en Vlinder in de juiste volgorde.
Bespreek met de leerlingen hoe ze daar wel/ niet in geslaagd zijn? Welke strategie hebben ze toegepast? Welke woorden hebben hen kunnen helpen (Na een week, vervolgens, dan …)?
Nu bekijken de leerlingen de afbeelding die hoort bij de tekst Page. Kunnen ze de stukjes tekst op de juiste plaats leggen? Zien ze hetzelfde als ze lezen? Zien ze meer dan dat er beschreven staat?
Verder lezen de leerlingen de tekst De atlasvlinder en ze duiden de verschillen aan in de metamorfose tussen de nachtvlinder en de page. Dat kan op een lijstje dat ze zelf opstellen, maar kan evengoed op de tekst zelf worden aangeduid. Zo vergelijken ze beide – soortgelijke – teksten en speuren naar de verschillen tussen deze twee organismen.
Doel? Voorspellend lezen
Voorspel waarover de tekst Wachten gaat? Bekijk de afbeeldingen? Wie zijn de personages? Wat zou er kunnen gebeuren? Wat zou de titel willen betekenen?
Nood aan differentiatie?
Voorzie taalsteun voor zwakkere leerlingen. Zinsstarters, zoals “Ik denk dat …” of “Misschien gebeurt er …”, kunnen hen helpen hun gedachten vorm te geven, te verwoorden.
Hou hier even halt om tekstbegrip te controleren.
Laat de leerlingen voorspellen hoe dit verhaal verder zal verlopen. Moeten ze hun eerdere voorspellingen gaan aanpassen?
Ga na het lezen na of hun voorspellingen juist waren.
Extra: Je kan de tekst expressief voorlezen of laten voorlezen.




