Grondformule van de goniometrie – toepassing in een meetkundige context

De grondformule van de goniometrie vormt een fundamenteel verband tussen sinus en cosinus en komt aan bod in alle leerplannen wiskunde van de tweede graad D- en DA-finaliteit. In dit voorbeeld wordt deze formule toegepast in een meetkundige context waarbij oppervlaktes en lengtes gecombineerd worden. Dit artikel illustreert hoe leerlingen de formule functioneel kunnen inzetten om een onbekende te bepalen en toont ook een alternatieve oplossingsmethode zonder goniometrie.

Opdracht

sla link op in klembord

Kopieer

In de gegeven figuur is de vierhoek ABCD een vierkant met oppervlakte 34. De oppervlakte van vierkant EFGH is 4 .

Bereken de hoek BÂF.

Oplossing

sla link op in klembord

Kopieer

Uit de gegeven oppervlaktes kunnen we de lengte van de zijden van beide vierkanten berekenen.
 De gevraagde hoek BÂF is een scherpe hoek van de rechthoekige driehoek ABF. We berekenen de sinus en cosinus van deze hoek om na te gaan of we hiermee deze hoek kunnen berekenen. Hierbij stellen we |BF| gelijk aan a.

Met de grondformule voor de goniometrie berekenen we de waarde a.

Op zich is het niet echt nodig om de grondformule van de goniometrie te gebruiken. We bekomen dezelfde vierkantsvergelijking in a door de stelling van Pythagoras toe te passen in driehoek ABF.

We berekenen de gevraagde hoek BÂF.

Anders bekeken

sla link op in klembord

Kopieer

We kunnen de waarde a ook met behulp van oppervlaktes berekenen.
Hiervoor bekijken we het vierkant ABCD als een samengestelde figuur bestaande uit 4 congruente rechthoekige driehoeken en het vierkant EFGH.

Analoog als in de vorige oplossing kunnen we nu de waarde a en de hoek α berekenen.

Deze methode vermijdt de grondformule van de goniometrie en vertrekt volledig vanuit oppervlaktes. Ze kan gebruikt worden als opstap of controle van de eerste methode.

Didactisch kader

sla link op in klembord

Kopieer

In deze opdracht passen leerlingen de grondformule van de goniometrie functioneel toe binnen een meetkundige context. Deze formule wordt hier gebruikt om de lengte a te bepalen.
Het is belangrijk om expliciet te maken waar de rechthoekige driehoek zich in de figuur bevindt en hoe sinα en cosα uitgedrukt worden in functie van de onbekende a, zodat de formule niet als een louter rekenprocedé wordt gebruikt.
Leerlingen ervaren vaak moeilijkheden om te herkennen dat goniometrie in deze context toepasbaar is en maken geregeld fouten bij het kwadrateren van een tweeterm en het oplossen van de vergelijking. Ondersteuning kan geboden worden door te werken met gerichte tussenstappen en een duidelijk figuur waarop alle afmetingen aangeduid zijn. Voor sterkere leerlingen kan het zinvol zijn beide oplossingsmethodes te laten vergelijken en te reflecteren over de gekozen aanpak.

×
Kijkt als...
Niveau
Regio
Kan ik je helpen?