Breng de wereld in je klas met GIS en geografische tools!
Een sterke les begint niet bij de nieuwe leerstof, maar bij wat er al in de hoofden van onze leerlingen zit. Het gericht activeren van de passende voorkennis is cruciaal; nieuwe informatie kan zich namelijk pas echt hechten als er bestaande 'haakjes' zijn om aan vast te blijven zitten.
In deze fase van de les leggen we de basis met een actieve terugblik. Dit doen we niet door simpelweg te vertellen wat we de vorige keer hebben gedaan, maar door elke leerling aan het werk te zetten. Door middel van activerende werkvormen en slimme werkvormen dwingen we het brein tot retrieval practice: het actief ophalen van informatie uit het langetermijngeheugen.
Dit lesontwerp staat in directe relatie met LPD 7 uit leerplan II-mavo-a, waarbij we onderzoeken hoe menselijke activiteiten onze ruimte vormgeven. We focussen specifiek op de ruimtelijke gevolgen van demografische processen en consumptie.
Wat gaan we onderzoeken?
Stel je voor: van de ene op de andere dag is de stad die je altijd als het centrum van je land kende, niet langer de hoofdstad. Waarom zou een regering besluiten om alles op te pakken en honderden kilometers verderop opnieuw te beginnen? Is het een strategische zet, een noodgreep tegen klimaatverandering, of een symbool voor een nieuw begin?
In kleine teams krijgen de leerlingen een uitdagend scenario waarin ze een hoofdstad móéten verplaatsen. De keuze voor de nieuwe locatie baseren ze op drie cruciale criteria:
Om het minder moeilijk en meer behapbaar te maken voor alle leerlingen, kan je de criteria vereenvoudigen en gedifferentieerder aanpakken. Zo kunnen leerlingen met verschillende vaardigheden toch tot een sterk resultaat komen. Je kan bijvoorbeeld de drie criteria behouden, maar binnen het opgegeven kader drie sporen aanbieden.
Criteria 1: veiligheid: "Is het hier veilig?"
Spoor 1: Focus op water. "Teken de kustlijn. Als het water stijgt, staat je stad dan onder water? Kies een plek op een heuvel."
Spoor 2: Focus op natuurrampen. "Kijk naar de kaart met vulkanen en rivieren. Blijf uit de buurt van de 'gevarenzones'."
Spoor 3: Focus op de toekomst. "Houd rekening met de zeespiegelstijging van de komende 50 jaar en de stevigheid van de grond (moeras vs. rots)."
Criteria 2: bereikbaarheid: "Kan iedereen er komen?"
In plaats van "centraal" puur geometrisch te bekijken, kijken we naar reistijd en verbinding.
Spoor 1: "Zet een stip in het midden van de kaart. Is dit voor de meeste mensen de kortste weg?"
Spoor 2: "Ligt de stad aan een grote rivier, weg of spoorlijn? Kunnen goederen en mensen de stad makkelijk bereiken?"
Spoor 3: "Ligt de stad centraal ten opzichte van de bevolking (waar de mensen wonen) of alleen centraal op de kaart (het landoppervlak)?"
Criteria 3: symboliek: "Wat vertelt de stad?"
Dit is vaak het lastigste criterium. Maak het visueel door te werken met 'de sfeer'.
Spoor 1: "Kies één woord voor je stad: Nieuw (glas en beton) of Echt (natuur en historie). Hoe zien de gebouwen eruit?"
Spoor 2: "Moet de stad een brug zijn tussen verschillende groepen in het land? Kies een naam en een monument dat iedereen aanspreekt."
Spoor 3: "Hoe straalt de stad macht of juist gelijkheid uit? Denk aan de architectuur: grote paleizen of juist duurzame, groene parken voor iedereen?"
In de middenfase draait alles om het gericht opbouwen van nieuwe kennis en vaardigheden. Het is het hart van je les waarin je de regie voert over het leerproces door een bewuste balans te zoeken tussen sturing en zelfontdekking.
In een wereld vol digitale data blijft de atlas een onmisbaar instrument om ruimtelijke samenhang te begrijpen. In de eerste fase van ons nieuwe lesontwerp rond het verschuiven van hoofdsteden, ligt de focus dan ook op het aanscherpen van de klassieke kaartvaardigheden.
De leerlingen starten niet zomaar met een zoektocht, maar leren eerst de 'code' van de atlas te kraken. Het doel is dat leerlingen de symbolen leren interpreteren.
Caïro is een van de dichtstbevolkte steden ter wereld. De leefbaarheid staat onder enorme druk. Bekijk om dit te kaderen samen met je leerlingen volgende kaart uit de atlas.
Als een hoofdstad overbevolkt raakt of dreigt te raken kan een andere plaats als hoofdstad uitgeroepen worden in de hoop een nieuw economisch centrum te creëren dat de overbevolking van de oude hoofdstad op kan vangen.
De verhuizing van de Egyptische hoofdstad is hierbij het concrete voorbeeld. Laat de leerlingen de atlas en Google Maps gebruiken om het volgende te analyseren:
De eindfase is het sluitstuk van je lesontwerp. Hier controleer je niet alleen of de doelen behaald zijn, maar bereid je de leerling ook voor op het vervolgtraject.
De belangrijkste eis in deze fase is het aantonen van geografisch redeneren. De leerling moet met minstens één argument zijn of haar mening over de nieuwe hoofdstad kunnen beargumenteren tegenover een buur. De focus ligt hierbij op de transfer: kan de leerling de theorie over bevolkingsdichtheid toepassen op de concrete casus van Caïro?




