De toelatingsvoorwaarden tot het kleuteronderwijs
Kleuters vanaf 2,5 tot 3 jaar mogen in het gewoon kleuteronderwijs aanwezig zijn op de volgende instapdagen:
Een kleuter wordt toegelaten tot het kleuteronderwijs vanaf de instapdag volgend op de datum waarop het de leeftijd van 2,5 jaar bereikt heeft en is dan een regelmatige leerling. Vóór de instapdag mag een kleuter tussen 2,5 en 3 jaar niet op school aanwezig zijn.
Kleuters die 2,5 jaar worden op een instapdag, kunnen op die dag in het kleuteronderwijs onmiddellijk toegelaten worden.
Een kleuter die de leeftijd van 3 jaar bereikt heeft, kan elke dag worden ingeschreven en in de school worden toegelaten zonder rekening te houden met de instapdagen.
Een kleuter kan maximum één schooljaar langer in het gewoon kleuteronderwijs blijven.
Een leerling die 6 jaar wordt vóór 1 januari van het lopende schooljaar, kan nog een schooljaar kleuteronderwijs volgen. In dit geval is de leerling onderworpen aan de controle op de leerplicht.
Ook leerlingen met een IAC-verslag, kort voor individueel aangepast curriculum, kunnen maximaal 1 jaar langer in het gewoon kleuteronderwijs blijven.
Er is geen advies van het CLB meer vereist bij een verlengd verblijf in het kleuteronderwijs.
De toelatingsvoorwaarden voor het buitengewoon kleuteronderwijs bestaan uit twee criteria:
Om toegelaten te worden tot het buitengewoon kleuteronderwijs moet de kleuter tenminste 2,5 jaar zijn. De instapdagen die van toepassing zijn in het gewoon kleuteronderwijs gelden niet voor het buitengewoon kleuteronderwijs.
In principe blijft het kind in het kleuteronderwijs tot en met het schooljaar dat aanvangt op de eerste september van het jaar waarin het 5 jaar wordt.
In het buitengewoon kleuteronderwijs kan een kleuter maximum twee schooljaren langer in het kleuteronderwijs blijven.
In het buitengewoon onderwijs kan een leerling die zes jaar wordt vóór 1 januari van het lopende schooljaar toch nog in het kleuteronderwijs toegelaten worden. Deze afwijking kan daarna nog met één schooljaar verlengd worden.
Kinderen met een verlengd verblijf in het kleuteronderwijs zijn voltijds leerplichtig.
Ouders beslissen autonoom of hun kind het tweede en/of het derde jaar van de leerplicht in het buitengewoon kleuteronderwijs blijft. De klassenraad geeft de ouders hierover voorafgaandelijk advies, zodat de ouders geïnformeerd een beslissing kunnen nemen.
Het is noodzakelijk dat de ouders toelichting krijgen bij dit advies (eventueel tijdens een gesprek met de directeur en de betrokken leraar). Nadat de ouders op de hoogte zijn van de voor- en nadelen en de mogelijke gevolgen, nemen zij de uiteindelijke beslissing.
Voor leerplichtige kinderen die nog geen kleuteronderwijs volgden, is er geen advies vereist.