Extern leefmilieu

Extern leefmilieu groepeert een aantal thema’s die te maken hebben met de directe werkomgeving of het ‘leefmilieu’ van jouw werknemers. Wat is de achterliggende wetgeving voor die thema’s? En wat zijn de verplichtingen voor jou als werkgever? Extern leefmilieu valt niet onder de opdracht van de interne dienst preventie en bescherming op het werk.

Afvalstoffen, bodemdecreet en sanering vervuilde bodems

sla link op in klembord

Als schoolbestuur of school krijg je, afhankelijk van de aard van je onderwijsactiviteiten en afhankelijk van de gronden waarop je school zich bevindt, soms te maken met regelgeving rond afvalstoffen, het bodemdecreet en vervuilde bodems.

We denken bijvoorbeeld aan scholen die bepaalde nijverheidstechnische richtingen zoals ‘auto’ organiseren of scholen met gebouwen op gronden waarop vroeger industrie gevestigd was.

Wetgevende basis

sla link op in klembord

De bescherming van het leefmilieu is een Vlaamse bevoegdheid. Door het uitvaardigen van decreten en besluiten wil de minister milieuverontreiniging en veiligheidsrisico’s door hinderlijke inrichtingen of activiteiten voorkomen.

Zo hebben sommige bedrijven of organisaties, afhankelijk van de aard van hun activiteiten, een omgevingsvergunning nodig. De omgevingsvergunning is de samenvoeging van de vroegere milieuvergunning, stedenbouwkundige vergunning en verkavelingsvergunning.

In het omgevingsvergunningsdecreet vind je de wetgeving rond te volgen procedures voor omgevingsvergunningen. De inhoudelijke milieubepalingen vind je in VLAREM II en III. In VLAREM II vind je ook de milieuspecifieke procedures zoals de evaluaties en de afwijkingsprocedure.

De VLAREM-reglementering wordt regelmatig bijgewerkt. Zo leidt nieuwe en gewijzigde Europese milieuregelgeving geregeld tot wijzigingen in de Vlaamse milieuwetgeving. Ook technische evoluties en nieuwe inzichten in mogelijke risico’s kunnen aanleiding geven tot aanpassingen van de technische normering.

Andere belangrijke milieuwetgeving vind je in het Vlaams Reglement voor het duurzaam beheer van materiaalkringlopen en afvalstoffen of het VLAREMA van 1 juni 2012. In dat reglement vind je onder meer gedetailleerde voorschriften over (bijzondere) afvalstoffen, grondstoffen, selectieve inzameling, vervoer en registerplicht.

Het Bodemdecreet van 27 oktober 2006 en het VLAREBO, het vernieuwde uitvoeringsbesluit, van december 2007 gaan zowel over bodemsanering als over bodembescherming.

Wil je duurzaamheidscriteria opnemen in je bestekken? Dan is de handleiding 'Op weg naar een duurzame huisvesting' van de Vlaamse overheid een belangrijke tool.

Een omgevingsvergunning voor jouw school?

sla link op in klembord

Of je als organisatie of school een omgevingsvergunning moet aanvragen, hangt af van de aard van je activiteiten. De wetgeving onderscheidt drie klassen van activiteiten:

  • klasse 1: de meest hinderlijke activiteiten voor mens en milieu;
  • klasse 2: minder hinderlijke activiteiten;
  • klasse 3: de minst hinderlijke activiteiten.

Met de VLAREM-wegwijzer kun je bepalen tot welke klasse de activiteiten van jouw organisatie of school behoren.

Als je onder klasse 3 valt, heb je alleen een meldingsplicht. Als je onder klasse 1 of 2 valt, heb je een omgevingsvergunning nodig.

Meer informatie over de juiste aanvraagprocedure en de beroepsmogelijkheden, vind je op de site van de Vlaamse overheid. Je moet in ieder geval je aanvraag indienen bij het Omgevingsloket. Nadien volgt dan een openbaar onderzoek en een adviesronde.

Afvalinzameling

sla link op in klembord

Als school ben je verplicht om je afval te sorteren. Dat betekent dat je als school 22 verschillende afvalstromen bij de bron moet scheiden met het oog op een maximale recyclage of valorisatie. Scholen met meer dan 300 leerlingen moeten vandaag ook al keukenafval en etensresten apart sorteren. Vanaf 1 januari 2024 geldt die verplichting voor alle scholen. 
Je kunt zelf een contract aangaan met een afvalinzamelaar, of intekenen op het raamcontract via DOKO. Op die manier ben je er zeker van dat je in lijn bent met de geldende afvalwetgeving.

Een goede sortering is belangrijk om verder in de keten de kwaliteit van recyclage te garanderen. Als de inzamelaar toch sorteerfouten opmerkt tijdens een visuele controle bij de ophaling van de restafvalcontainer, kan een non-conformiteit worden gemeld. Als er geregeld non-conformiteiten worden vastgesteld, kan er een bezoek door een handhaver volgen. Bij concrete vragen rond die verplichtingen, kun je rechtstreeks contact opnemen met de OVAM via iksorteer@ovam.be

Voor bepaalde types afval zoals restafval, PMD, papier en karton, KGA enzovoort is de ophaling betalend. Enkele types afval kun je gratis laten ophalen door bedrijven zoals Bebat, RecycaRecupel en Fost Plus. Vergeet niet om je leerlingen te laten participeren bij de inzameling en het sorteren.

Bebat

sla link op in klembord

Bebat haalt de batterijen op je school gratis op. Zij ontwikkelden een spaarprogramma speciaal voor scholen: voor elke ingezamelde kilogram batterijen krijg je als school één punt. De gespaarde punten kun je dan op MyBebat.be inruilen. 

Recyca

sla link op in klembord

Bij Recyca kun je terecht voor de ophaling van ingezamelde cartridges, kabels en klein ICT-materiaal

Cartridges

sla link op in klembord

Lege cartridges mag je het hele jaar door inzamelen. Recyca bezorgt je gratis inzameldozen en haalt die gratis op zodra ze vol zijn. Dat kan al vanaf 20 vergoedbare cartridges
Als je de leerlingen bij de inzameling betrekt, krijg je een hogere vergoeding voor de ingezamelde cartridges. Vermijd wel om cartridges in te zamelen die niet herbruikbaar en dus niet vergoedbaar zijn. Het gaat dan om tonerbussen (plastic tubes van kopieertoestellen) en huismerkcartridges (witte producten). Recycal haalt die wel op, op voorwaarde dat ze ook minimaal twintig vergoedbare cartridges kunnen meenemen. Originele toners en inktjets van de courante merken zoals HP, Brother, Lexmar en Samsung zijn wel herbruikbaar en leveren wel een vergoeding op. Kijk voor meer informatie zeker op de website van Recyca. 

Kabels

sla link op in klembord

Ook kabels kun je het hele schooljaar inzamelen en laten ophalen door Recyca. Voor ingezamelde kabels krijg je van Recyca 0,15 euro per kilogram

Ingezameld klein ICT-materiaal

sla link op in klembord

Voor klein ICT-materiaal mag je als school twee maal per jaar een inzamelweek van zeven opeenvolgende kalenderdagen organiseren. De communicatie errond kun je uiteraard het hele jaar door voeren. Kijk voor meer informatie zeker op de website van Recyca. Wat mag je wel of niet inzamelen? En welke vergoeding krijg je van Recyca?

Wat mag wel?

sla link op in klembord

Zaken zoals tablets, gsm's, computeronderdelen, externe harde schijven, adapters .... vallen onder de categorie 'klein ICT-materiaal'. Voor dergelijk materiaal krijg je van Recyca een vergoeding van 0,15 euro per kilogram. Recyca haalt het materiaal ook gratis op tijdens de twee inzamelweken. 

Zaken zoals muizen, toetsenborden, luidsprekers, kleine huishoudelektro... bevatten weinig elektronica en veel plastic. Je mag ze inzamelen, maar Recyca zal je er geen vergoeding voor geven. Recyca zal ze wel ophalen en verwerken. 

Wat mag niet? 

sla link op in klembord

Groot ICT-materiaal zoals computers, printers, scanners, schermen en projectoren mag je niet actief inzamelen. 

Documenten

sla link op in klembord

Brieven, affiches en andere ondersteunende documenten voor je inzamelacties vind je op de website van Recyca

Recupel

sla link op in klembord

Bij Recupel kun je terecht voor de inzameling van alle oude elektro-apparatuur met een snoer, stekker of batterij én lampen. Als je als school geregistreerd bent en recupel dozen hebt, dan komt Recupel de ingezamelde zaken gratis ophalen. Als je als school nog geen recupel dozen hebt, kun je heel eevoudig registreren via Smartloop.be.  
Smartloop is een online platform voor scholen waar je via enkele eenvoudige stappen de elektro-apparaten die je niet langer gebruikt, aanbiedt aan bedrijven die actief zijn in recyclage. Zij komen de apparaten ter plaatse ophalen. In sommige regio's is de ophaling gratis, in andere niet. 

Fost PLUS

sla link op in klembord

Fost Plus is verantwoordelijk voor de inzameling van verpakkingsmateriaal. Zij bieden gratis PMD-rolcontainers van 120 liter en papierkratten aan. Je kunt bij hen ook terecht voor communicatiemateriaal, workshops en een interactieve module om al spelend te leren sorteren.  Kijk voor meer informatie op hun website 'Succesvol sorteren in uw school'. 

GoodSchool DigiTool

sla link op in klembord

Met de GoodSchool DigiTool van GoodPlanet Belgium verzamel je als school gegevens over afval, energie, water, mobiliteit en/of voeding. Het is ook een innovatief monitoringsplatform, o.a. gekoppeld met EnergieID, het meest gebruikte energie-monitoringsplatform in België. Meet, weet en kom in actie met de klas!

PFAS

sla link op in klembord

Op de website van de overheid vind je heel wat informatie over PFAS. Wij lichten er hier enkele elementen voor je uit.

Wat?

sla link op in klembord

PFAS is de verzamelnaam voor meer dan 6000 chemische stoffen. Wegens hun specifieke eigenschappen (water-, vet-, en vuilafstotend) worden ze veel gebruikt in industriële toepassingen en consumentenproducten.

PFAS kan in het menselijk lichaam terechtkomen via bijvoorbeeld verontreinigd voedsel of water. Uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat een hoge PFAS-blootstelling in verband staat met een aantal gezondheidseffecten waaronder leverschade of verstoring van de schildklier. Als je een verhoogde PFAS waarde in je bloed hebt, betekent dat echter niet noodzakelijk dat je die gezondheidsklachten ook effectief zal krijgen. Over de juiste effecten is er nog heel wat kennis niet of onvolledig aanwezig.

Waar?

sla link op in klembord

Het risico op verontreiniging van de bodem en het grondwater door PFAS bestaat in en rond de sites waar PFAS geproduceerd, gebruikt of verwerkt worden. Het gaat dan meer concreet om:

  • PFAS-producerende bedrijven
  • bedrijven die PFAS gebruiken in hun productieproces
  • stortplaatsen, waterzuiverings- en afvalverbrandingsinstallaties die PFAS-houdende materialen verwerken
  • sites waar fluorhoudend blusschuim werd gebruikt zoals bijvoorbeeld brandweerkazernes, oefenterreinen voor de brandweer (onder meer speelplaatsen van scholen) en plaatsen waar een grote brand werd geblust

Wat nu?

sla link op in klembord

PFAS stond in 2021 volop in de pers. Aanleiding ertoe waren de infrastructuurwerken aan de Oosterweelverbinding waarbij een vervuiling door PFAS vastgesteld werd.

OVAM (de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij) startte vervolgens met de inventarisatie van alle mogelijke risicolocaties.

De uiteindelijke  inventaris bestond uit 800 sites en 4000 andere plaatsen waar OVAM verdere  bodemonderzoeken zou uitvoeren. Een overzicht van de verschillende risicolocaties vind je op de PFAS-kaart Vlaanderen.

Het Agentschap “Zorg & Gezondheid” (AZG) stelde voor al die risicosites  een aantal no regret-maatregelen op. Dat zijn maatregelen die vanuit het voorzorgsprincipe worden aanbevolen rond een medisch milieukundige problematiek waarover nog niet alle wetenschappelijke kennis aanwezig is. Naarmate de onderzoeken vorderden, bleken sommige sites niet verontreinigd. Die hoefden de maatregelen niet meer te volgen. Voor de andere sites blijven de maatregelen wel gelden.

In de PFAS-verkenner vind je de verschillende zones per gemeente terug:

  • rode zones: onderzochte zones waar de no-regret maatregelen blijven gelden
  • gele zones: zones met een lopend of gepland onderzoek waar de no-regret-maatregelen tijdelijk nog gelden
  • groene zones: niet-verontreinigde zones waar de no-regret maatregelen afgeschaft zijn.

Op basis van verdere verkennende bodemonderzoeken op de risicosites nemen OVAM en het Agentschap Zorg & Gezondheid verdere acties.

En wat met jouw school?

sla link op in klembord

Als jouw school in een zone ligt waar no-regret maatregelen gelden, dan brengt de gemeente jou samen met de medisch milieukundige op de hoogte.

De medische milieukundige zal je gerichte en praktische tips en informatie geven om blootstelling aan PFAS te beperken. Voor nog meer informatie kun je altijd contact opnemen met het Agentschap voor Zorg & Gezondheid.

Als je een beschrijvend bodemonderzoek en -sanering moet laten uitvoeren, kun je gebruik maken van het bodemprotocol scholen, afgesloten tussen OVAM en AGION .

Heb je als school of schoolbestuur nog vragen over de no-regret-maatregelen , neem dan contact op met Liesbet Van Rooy en Tim De Winter van het Agentschap Zorg & Gezondheid via het e-mailadres aandachtsgebieden@vlaanderen.be

Energie (EPC, REG, audits)

sla link op in klembord


Als gebruiker van een gebouw heb je er alle belang bij dat het gebouw energiezuinig gebouwd is. Als bestuurder of leidinggevende van een school weet je maar al te goed dat de verwarmings- en elektriciteitskosten een grote hap zijn uit het werkingsbudget. De overheid wil gebruikers stimuleren om zo energiezuinig mogelijk te bouwen of te verbouwen.

Sinds 1 januari 2009 heeft de overheid gebruikers van publieke gebouwen gelegen in het Vlaamse Gewest verplicht om een energieprestatiecertificaat of EPC aan te vragen. Die verplichting geldt ook voor scholen, internaten, centra voor volwassenenonderwijs en voor basiseducatie, centra voor leerlingenbegeleiding, hogescholen en universiteiten. Waar de oppervlaktedrempel voor de verplichting in 2009 vast lag op 1000 m², werd die stelselmatig verlaagd naar 250 m².

Energieprestatiecertificaat of EPC

sla link op in klembord

Het energieprestatiecertificaat of EPC drukt de energetische kwaliteit van het gebouw uit aan de hand van een kerngetal. Dat kerngetal wordt berekend op basis van de bruikbare vloeroppervlakte en de werkelijke jaarlijkse energieverbruiken.

Het EPC vergelijkt de energieprestatie van het gebouw met de referentiewaarde van gelijkaardige bouwen. Ook omvat het EPC een adviesluik met aanbevelingen voor de kosteneffectieve verbetering van de energieprestatie. Als gebruiker ben je niet wettelijk verplicht om ze uit te voeren, maar het zou wel een gemiste kans zijn om ze naast je neer te leggen.

Voor het opstellen van een EPC doe je een beroep op een externe energiedeskundige voor publieke gebouwen.

Wetgevende basis

sla link op in klembord

De verschillende decreten en besluiten die aan de basis liggen van het EPC vind je op de website ‘Welzijn op school’.

Andere interessante informatie vind je in de omzendbrief over rationeel energiegebruik in publieke gebouwen en in de omzendbrief voor technische en energiebeheerders van installaties en gebouwen.

Vervoer en veilige schoolomgeving

sla link op in klembord

Vervoer

sla link op in klembord

Als school krijg je sowieso af en toe te maken met situaties waarbij personeelsleden mee rijden met collega’s, naar bijvoorbeeld een nascholing of stageplaats of waarbij een personeelslid leerlingen meeneemt in de wagen naar bijvoorbeeld een toneelvoorstelling of sportactiviteit.

Mag dit zomaar? Volstaat het ‘gewone’ rijbewijs dan voor de bestuurder? In sommige gevallen volstaat dat niet en heeft de bestuurder een rijgeschiktheidsattest (RGA) nodig.

Rijgeschiktheidsattest nodig?

sla link op in klembord

In de mededeling ‘Het vervoer van leerlingen of collega’s door personeelsleden van de school’ vind je heel uitgebreide informatie over dit thema.

Heel kort samengevat onderscheiden we drie situaties:

  • vervoer van collega-personeelsleden: geen RGA nodig;
  • vervoer van leerlingen op voorwaarde dat er geen vergoeding gevraagd wordt voor het vervoer en op voorwaarde dat het vervoer toevallig of occasioneel is: geen RGA nog;
  • vervoer van leerlingen dat wel vergoed wordt of systematisch plaatsvindt: wel RGA nodig.

Vergoed of systematisch leerlingenvervoer

Als het leerlingenvervoer wel vergoed wordt of systematisch plaatsvindt en tot de opdracht van het personeelslid behoort, dan moet hij wel beschikken over een RGA groep 2. Hij verkrijgt dat attest na een medische keuring door een arbeidsarts. Dat onderzoek wordt wel eens de medische schifting genoemd. Het RGA is in principe vijf jaar geldig tenzij voor personen boven de 70 jaar.

Het is belangrijk om erover te waken dat het personeelslid, indien nodig, over een RGA beschikt. Als hij zonder RGA een vervoersdienst zou vervullen waarvoor hij wettelijk gezien wel over een RGA moet beschikken, dan wordt hij als een bestuurder zonder rijbewijs beschouwd, ook indien hij over een ‘gewoon’ rijbewijs beschikt. Hij stelt zich dus bloot aan strafrechtelijke sancties. Bovendien stelt hij zichzelf (of zijn werkgever) bloot aan het verhaal door de verzekeringsmaatschappij indien hij betrokken is bij een verkeersongeval.

Veilige schoolomgeving

sla link op in klembord

Bij het begin en het einde van de schooldag is het aan de schoolpoorten vaak hectisch. Kinderen worden gebracht of terug opgehaald, ouders parkeren hun wagen vlak voor de schoolpoort, buurtbewoners kunnen niet meer uit hun garage, fietsers, voetgangers en wagens moeten in een zelfde beperkte tijdsmarge door dezelfde straten ...

Zeker schoolomgevingen in stads- of dorpskernen hebben te kampen met verkeersonveilige situaties. Scholen leveren dan ook heel wat inspanningen om de toegang tot hun scholen veiliger te maken. Sommige scholen werken met schoolstraten of organiseren begeleide rijen naar oppikplaatsen in de buurt van de school. Vele scholen werken ook met gemachtigd opzichters.

Schoolstraat

sla link op in klembord

Een schoolstraat is een straat in de buurt van een school waar gemotoriseerd verkeer tijdens bepaalde uren niet toegelaten is. Meestal is dat bij het begin en het einde van de schooldag, gedurende ongeveer een half uur. Leerlingen worden dan niet meer met de auto aan de schoolpoort afgezet, maar op een veilige plaats in de buurt. Het laatste stukje leggen ze veilig te voet af, zelfstandig of onder begeleiding.

In de campagne ‘Paraat voor de schoolstraat’ vind je als school zeker inspiratie om het idee van de schoolstraat eens uit te proberen. De campagne wil in eerste instantie werk maken van een betere luchtkwaliteit in de schoolomgeving. Daarnaast zet ze in op een gezonde en aangename schoolomgeving met kansen voor vergroening, sociaal contact, beweging, duurzame verplaatsingen en verkeersveiligheid. Ze roept basis- en secundaire scholen, leerlingen, ouders en gemeenten op om in de schoolomgeving een schoolstraat uit te testen.

Begeleide rijen

sla link op in klembord

Sommige scholen zorgen voor begeleiding tijdens de verplaatsing van de ‘afzet- of oppik’-plaatsen van en naar de school. Voor begeleiders is dat niet altijd evident. Hoe zorgen zij ervoor dat de leerlingen zich veilig kunnen verplaatsen? Stappen ze best links of rechts van de rijweg? Mogen fietsers naast elkaar fietsen of niet? Wie heeft voorrang bij het oversteken van een rijweg?

Begeleiders van die rijen vinden nuttige tips op de website ‘Veilig op stap’.

Ook voor de begeleiding van grotere groepen gelden specifieke afspraken. Een examen is niet nodig, maar als begeleidend team ken je best wel de belangrijkste verkeersregels voor voetgangers en fietsers. Meer informatie over het verkeersreglement en andere aanbevelingen om veilig met je groep op weg te gaan, vind je op de website ‘Veilig op stap’. Op diezelfde site vind je het ‘Veilig op stap’-spel. Door het regelmatig te spelen met het begeleidend team, blijft de wegcode voor groepen stappers of fietsers fris in het geheugen zitten. Nadien hang je de poster met de belangrijkste regels goed zichtbaar op.

Gemachtigd opzichter

sla link op in klembord

Gemachtigde opzichters zorgen voor een veiligere schoolomgeving voor kinderen. Zij helpen de kinderen de straat over te steken en veilig de schoolpoort te bereiken. Zij volgen een opleiding bij de politie en krijgen hun machtiging van de burgemeester van de stad of de gemeente waar ze zullen werken.

Meer informatie over de voorwaarden om gemachtigd opzichter te worden en de opleiding vind je in de omzendbrief rond gemachtigd opzichters.

Vervoer per autocar

sla link op in klembord

Als school doe je waarschijnlijk regelmatig een beroep op autocarbedrijven om leerlingen te vervoeren in het kader van excursies of één of meerdaagse schooluitstappen. In het merendeel van de gevallen loopt alles op wieltjes: de autocar is immers een van de meest veilige vervoermiddelen. Toch herinneren de zeldzame, maar altijd tragische ongevallen er ons aan dat inspanningen om de veiligheid te verbeteren nodig blijven. Alhoewel de veiligheid in de eerste plaats in handen ligt van de chauffeur, heb je ook als school of schoolbestuur een rol te vervullen.

Meer informatie en zinvolle tips vind je in de brochure ‘Reizen met de autocar. Wij geven voorrang aan veiligheid.’ Handig is ook het overzicht met de minimumeisen die gelden bij de bestelling van een autocar.

Luchtkwaliteit

sla link op in klembord

Als schoolbestuur en werkgever moet je ervoor zorgen dat zowel je werknemers als je leerlingen over een goede binnenluchtkwaliteit beschikken. Welke maatregelen je moet nemen, zal afhangen van de resultaten van de risicoanalyse.

Oorspronkelijk stelde de overheid onhaalbare eisen op het vlak van ventilatie. Een aantal professionelen uit de bouwsector hebben samen met werkgeversorganisaties en onderwijsverstrekkers, waaronder Katholiek Onderwijs Vlaanderen, dat probleem aangekaart. De overheid paste de richtlijnen inzake binnenluchtkwaliteit aan met het KB van 2 mei 2019.

In haar praktijkrichtlijn geeft FOD WASO aanbevelingen voor de praktische toepassing van de principes van dat KB. De richtlijnen zijn gebaseerd op wetenschappelijk inzicht en praktijkervaringen. Zij zullen mee evolueren met evoluties in de wetenschap.

Meer informatie vind je op de website ‘Gezonde scholen’.

Pesticiden

sla link op in klembord

Vroeger gebruikten scholen vaak pesticiden om hun speelplaatsen of sportvelden te onderhouden. Sinds 1 januari 2015 is dit echter verboden.

Alleen land- en tuinbouwscholen mogen ze nog gebruiken voor hun beteelde percelen. Als zij professionele gewasbeschermingsmiddelen willen gebruiken, hebben zij een fytolicentie nodig.

Vanaf 25 november 2015 is die licentie verplicht en dit zowel voor de gebruikers van professionele gewasbeschermingsmiddelen als voor diegenen die les of vorming geven over het gebruik ervan. Meer informatie over de licentie vind je op de website ‘Fytoweb’.

Pesticidenvrij ontwerp

sla link op in klembord

Door een doordacht ontwerp, een goede aanleg en regelmatig onderhoud van de terreinen, kun je voorkomen dat je pesticiden moet gebruiken. De Vlaamse Milieumaatschappij (VMM), samen met een ruime klankbordgroep, bundelde een aantal aanbevelingen om pesticiden-vrije terreinen te ontwerpen. De leidraad die daaruit voortkwam en de bijhorende voorbeelden en technische fiches vind je op de website ‘Zonder is gezonder’.

Is jouw school pesticidenvrij of heb jij een goede oplossing bedacht om minder pesticiden te gebruiken? Laat het dan weten aan de VMM via pesticidenreductie@vmm.be.

Pesticidenvrij beheer

sla link op in klembord

MOS helpt je om van je school een milieuvriendelijke en duurzame leer- en leefomgeving te maken. Als geregistreerde MOS-school kun je een beroep doen op de kennis en expertise van het MOS-team uit jouw regio. Zij kunnen je zeker begeleiden bij de omschakeling naar een pesticidenvrij beheer van je school.

Limburgse scholen kunnen voor advies ook terecht bij het Centrum Duurzaam Groen. Zij hebben al heel wat gemeenten en bedrijven met succes begeleid in een traject tot een nulgebruik.

Alle openbare besturen bouwen al vanaf 2004 hun pesticidengebruik af. Ook je gemeente heeft wellicht heel wat praktische inzichten die je kunnen helpen.

Contact

Franky Wauters
stafmedewerker
02 507 07 99
×
Kijkt als...
Niveau
Regio