Als geschiedenisleraren zijn we niet alleen verantwoordelijk voor het bevorderen van een groeiend historisch bewustzijn, maar ook voor het versterken van de taalvaardigheid van onze leerlingen. Taal is immers onmiskenbaar verbonden met het begrijpen en verwerken van historische informatie.
In dit artikel willen we concrete suggesties geven om de geschiedenislessen taalrijker te maken, met nadruk op het versterken van de taalvaardigheden van leerlingen doorheen verschillende fases van de les. Hierbij baseren we ons op inzichten van Jordi Casteleyn, verbonden aan de Universiteit Antwerpen, die benadrukt hoe belangrijk het is om leerlingen actief te betrekken bij het taalgebruik binnen het vakgebied geschiedenis. Eveneens is de koppeling met de leerfiches opgenomen.
Doel:
De leraar selecteert een tekst gericht op de doelgroep.
Suggestie:
Om expliciet te oefenen op het talige aspect tijdens de geschiedenisles is het essentieel om op zoek te gaan naar lesteksten, die eventueel als bron ingezet kunnen worden, die degelijke historische inhoud combineren met rijke taal. Recent vernieuwde de Taalunie rijketeksten.org waar onder meer leraren geschiedenis terecht kunnen. Via een selectiemenu kunnen tal van teksten rond historisch bewustzijn en burgerschap opgezocht worden, telkens corresponderend met een leeftijdscategorie.
Doel:
Leerlingen vertrouwd maken met het historisch jargon rond een geselecteerd lesthema.
Suggestie:
In plaats van de leerlingen enkel een tekst te laten lezen, kunnen ze elkaar in duo uitleggen waarover de tekst gaat of op welke historische vraag deze tekst een antwoord biedt.
Casteleyn benadrukt dat leerlingen beter leren door taal actief te gebruiken en te verwerken. Dit maakt de les interactiever en helpt hen om woorden in de juiste context te gebruiken. Bijkomend wordt van alle leerlingen een actie gevraagd. Mogelijks kan de tekst thuis gelezen worden en volgt bij aanvang van de les dit uitwisselingsmoment. Als leraar kan je dit ook beperken tot een aantal minuten, dit in het voordeel van het vrijwaren van de lestijd.
Doel:
Leerlingen analyseren en contextualiseren historische fenomenen via kenmerken van samenlevingen.
Suggestie:
Laat leerlingen in groepjes verschillende soorten historische bronnen analyseren, in functie van een historische vraag. Laat hen in hun eigen woorden een samenvatting maken. Voorzie eventueel een sjabloon met enkele begrippen uit het leerplan zoals tijd, ruimte, domein, redeneerwijzen … Dit bevordert zowel historisch bewustzijn als taalvaardigheid.
Doel:
Leerlingen ontwikkelen vaardigheden in het vergelijken en contrasteren van verschillende tijdsperioden en perspectieven.
Suggestie:
Geef leerlingen een schrijfopdracht waarbij ze bijvoorbeeld historische fenomenen uit twee verschillende periodes moeten vergelijken. Laat hen hierbij specifieke historische terminologie gebruiken en benadruk dat ze hun redenering duidelijk moeten formuleren. Afhankelijk van het leerlingeprofiel voorzie je een stappenplan of schrijfkader.
Doel:
Leerlingen versterken hun mondelinge en schriftelijke taalvaardigheden door middel van evaluatie en reflectie.
Suggestie:
Vraag leerlingen aan het einde van de les om te reflecteren over het gebruik van historisch jargon. Dit kan door hen een lijst te laten maken van nieuwe begrippen en zinnen die ze hebben geleerd in deze specifieke historische context.
Doel:
Structureel werken aan de taalvaardigheid van leerlingen binnen het vakgebied.
Suggesties:
Afstemming met de vakgroep: Het is cruciaal om regelmatig te overleggen over hoe je taalrijker kan lesgeven. Het uitwisselen van best practices en het gezamenlijk evalueren van de taalontwikkeling van leerlingen kan waardevol zijn.
Taalcoaching in geschiedenislessen: Een optie is het inzetten van een taalcoach die samen met jou specifieke taaldoelen formuleert voor de leerlingen. Deze coach kan je ondersteunen bij het versterken van vakjargon, tekststructuur en mondelinge presentatievaardigheden van leerlingen. Een samenwerking met de vakgroep Nederlands behoort in deze context ook tot de mogelijkheden.
Conclusie
Het versterken van taalvaardigheid van leerlingen in de geschiedenislessen vereist een bewuste en structurele aanpak. Door taal actief te integreren in alle fasen van de les kunnen we ervoor zorgen dat leerlingen niet alleen de historische fenomenen begrijpen, maar hierover ook effectief kunnen communiceren, zowel mondeling als schriftelijk. De inzichten van Jordi Casteleyn onderstrepen het belang van actief taalgebruik en de gezamenlijke verantwoordelijkheid van leraren om leerlingen continu te ondersteunen in hun taalontwikkeling binnen het vak geschiedenis. Het is essentieel om afspraken te maken met collega’s en regelmatig te evalueren hoe taal rijker kan worden toegepast in de geschiedenislessen, zodat de leerlingen groeien, zowel in vak als in taal.