Afwezigheid op het werk

Ziekte

sla link op in klembord

Personeelsleden die zich ziek voelen of een positieve zelftest afleggen, maar nog geen PCR-test hebben afgelegd, moeten in quarantaine. Zodra je personeelslid een positieve PCR-test heeft afgelegd, gaat het in isolatie.

Het ziekteverlof

  • start vanaf het ogenblik dat je personeelslid thuis bleef omdat het symptomen vertoonde of omdat het een positieve zelftest aflegde;
  • eindigt 7 dagen nadat je personeelslid thuis bleef omdat het symptomen vertoonde of omdat het een positieve zelftest aflegde.
Je personeelslid is de drie daaropvolgende dagen extra waakzaam.

Is het resultaat van de PCR-test negatief, dan kan je personeelslid meteen weer aan de slag. De periode van afwezigheid in afwachting van het resultaat van de test geef je door als ziekte, ook al is er geen ziektebriefje.

Voor afwezigheden wegens ziekte na 6 maart 2022 geldt opnieuw de normale procedure: afwezigheidsattest (PERS 16) naar de school en medisch attesst naar het controleorgaan.

Beide attesten kunnen vervangen worden door het 'getuigschrift van arbeidsongeschiktheid wegens Covid-19'. Het gaat om een niet-getekend attest dat de artsen kunnen uitschrijven bij een coronabesmetting.

Personeelsleden die positief testen, maar thuis blijven werken, hebben geen ziekteattest nodig.

Bestaat er twijfel over de ziekteattesten van de behandelende arts, dan kan de school een controle aanvragen volgens de normale procedure. Ook je personeelslid kan contact opnemen met de arbeidsarts om de situatie te bespreken. De arbeidsarts zal in functie van de specifieke situatie van het personeelslid (gevaccineerd of niet, mate van risico ...) oordelen of je personeelslid al dan niet arbeidsongeschikt is, er aangepaste maatregelen nodig zijn ...

Wie ziek is en een positieve coronatest heeft afgelegd, volgt de regels met betrekking tot isolatie, zoals voorgeschreven door de overheid.

Hoogrisicocontact

sla link op in klembord

Sinds 17 maart 2022 gelden er geen test- en quarantainemaatregelen meer voor personeelsleden die in contact kwamen met een besmet persoon.

Ook wie binnen het huishouden in contact kwam met een besmet persoon moet zich niet meer laten testen en moet niet meer in quarantaine gaan. Het is wel aanbevolen om gedurende 7 dagen na het hoogrisicocontact een mondmasker te dragen bij contacten buiten het huishouden. Als het dragen van een mondmasker niet mogelijk is, doe je best dagelijks een zelftest.

Terugkeer uit het buitenland

sla link op in klembord

Voor personeelsleden die terugkeren uit een rode zone en in quarantaine moeten, bekijk je of afstandsonderwijs mogelijk is. Is dat niet mogelijk, dan neemt je personeelslid een verlofstelsel. De school kan eventueel een quarantaine-attest vragen. Je hebt ook het recht om je personeelslid de toegang tot de school te weigeren tijdens de quarantaineperiode.

Opgelet: deze regels gelden ook voor personeelsleden die in opdracht van de school naar het buitenland reisden (uitwisseling, meerdaagse reis ...).

Personeelsleden die besmet zijn en zich ziek voelen of ziek zijn, worden als ziek beschouwd en nemen dus ziekteverlof. Personeelsleden die besmet zijn en toch kunnen werken, kunnen afstandsonderwijs geven. Indien dit niet mogelijk is, nemen ook zij ziekteverlof.

Personeelsleden die vanuit een rode zone in het buitenland in Vlaanderen komen werken, zijn niet onderworpen aan de regels omtrent testing en quarantaine.

Dienstonderbrekingen

sla link op in klembord

Personeelsleden die omwille van een hoogrisicocontact of omwille van een terugkeer uit een rode zone in quarantaine geplaatst worden, moeten een verlofstelsel nemen. Ook personeelsleden die wensen thuis te blijven om voor hun kind te zorgen, kunnen gebruik van de bestaande dienstonderbrekingen.

Mogelijke dienstonderbrekingen:

De dienstonderbreking 046 (heirkracht) kan sinds 1 april 2022 niet langer ingeroepen worden in het kader van de coronamaatregelen.

Profylactisch verlof

sla link op in klembord

Je personeelslid bezorgt het medisch attest en de verklaring van de behandelende arts van het inwonend zieke familielid aan het controleorgaan. Uit die verklaring moet blijken dat de profylactische maatregelen noodzakelijk zijn. Het controleorgaan gaat immers na of de besmettelijke aandoening van het familielid aanleiding kan geven tot profylactische maatregelen en of de duur van de maatregelen op medische gronden steunt.

Indien de behandelende arts in de verklaring niet expliciet vermeldt dat het om een coronabesmetting gaat, maar bijvoorbeeld enkel de quarantaine noteert, dan zal het controleorgaan een negatief advies geven voor het profylactisch verlof. Correcte en volledige informatie op de verklaring is dus bepalend om de afwezigheid van het personeelslid te kunnen goedkeuren.

Verlof wegens overmacht

sla link op in klembord

Sinds 8 november 2021 - er is niet langer een einddatum bepaald - kan je personeelslid opnieuw een beroep doen op de uitgebreide vorm van het verlof wegens overmacht als:

  • zijn minderjarig kind dat met hem samenwoont niet naar het kinderdagverblijf of naar school kan gaan omdat het kinderdagverblijf, de school of de klas gesloten zijn omwille van een maatregel tegen de verspreiding van het coronavirus;
  • zijn gehandicapt kind dat ten laste is niet naar een centrum voor opvang van gehandicapte personen kan gaan omdat dit centrum gesloten is als gevolg van een maatregel tegen de verspreiding van het coronavirus;
  • zijn minderjarig kind verplicht afstandsonderwijs moet volgen;
  • zijn minderjarig kind in quarantaine moet gaan.

Het recht op bijkomend verlof wegens overmacht geldt alleen voor de periode dat het kind niet naar het kinderdagverblijf, de school of het centrum kan gaan.
Het personeelslid bezorgt aan zijn schoolbestuur

  • een attest van het kinderdagverblijf, de school of het centrum. In dat attest bevestigt de betrokken instelling de periode van sluiting als gevolg van de coronamaatregel.
  • een medisch attest tot bevestiging van quarantaine of isolatie van het kind;
  • een aanbeveling tot quarantaine of isolatie van het kind.
Dit verlof wordt gelijkgesteld met dienstactiviteit.

Het gewone verlof wegens overmacht van maximum 4 dagen per kalenderjaar wordt bezoldigd aan 100%. De opname van dit verlof moet enkel gemeld worden aan het werkstation (code 144) als je personeelslid effectief vervangen wordt.

De extra dagen verlof wegens overmacht moeten altijd aan het werkstation gemeld worden met code 236 (‘uitbreiding verlof wegens overmacht’). Deze dagen worden bezoldigd aan 80% van het brutosalaris op jaarbasis.

Je personeelslid is niet verplicht om eerst zijn gewoon verlof wegens overmacht uit te putten, alvorens hij kan gebruik maken van het extra verlof.

Verlof wegens overmacht kan genomen worden in combinatie met zorgkrediet of loopbaanonderbreking zonder deze verlofstelsels te onderbreken.

Dienstvrijstelling omwille van vaccinatie

sla link op in klembord

Valt de uitnodiging tot vaccinatie samen met de aanwezigheid op school, dan heeft je personeelslid recht op dienstvrijstelling voor de tijd die nodig is om de vaccinatie te krijgen, inclusief de verplaatsing.

Een verplaatsing van of naar een vaccinatiecentrum is geen dienstverplaatsing. Je personeelslid kan dus geen aanspraak maken op de arbeidsongevallenverzekering.

Samenleven met een risicopatiënt

sla link op in klembord

Samenleven met een risicopatiënt is niet langer een reden om afwezig te zijn op school. De school neemt voldoende voorzorgsmaatregelen (afstand houden, mondmasker waar nodig …).

Onderscheid gevaccineerd - niet-gevaccineerd?

sla link op in klembord

De overheid maakt een onderscheid tussen:

  • volledig gevaccineerden: wie zijn boostervaccin heeft ontvangen of minder dan 5 maanden geleden de laatste dosis kreeg van de basisvaccinatie;
  • deels gevaccineerden: wie zijn boostervaccin nog niet ontvangen heeft en langer dan 5 maanden geleden de laatste dosis kreeg van de basisvaccinatie;
  • niet gevaccineerden: al wie geen basisvaccinatie of slechts 1 prik van de basisvaccinatie heeft ontvangen.

Bij hoogrisicocontact moeten

  • niet-gevaccineerden gedurende 10 dagen in quarantaine. Mits dagelijkse negatieve zelftest en strikte toepassing van de preventieve maatregelen tot 10 dagen na het contact, kunnen ze vanaf dag 7 uit quarantaine;
  • deels gevaccineerden gedurende 7 dagen in quarantaine. Mits dagelijkse negatieve zelftesten en strikte toepassing van de preventieve maatregelen tot 10 dagen na het contact, kunnen ze vanaf dag 4 uit quarantaine;
  • gevaccineerden zonder symptomen niet in quarantaine. Zij passen wel strikt de preventieve maatregelen toe tot 10 dagen na het contact;
  • personeelsleden die de laatste 5 maanden een besmetting hebben doorgemaakt niet in quarantaine. Zij passen wel strikt de preventieve maatregelen toe tot 14 dagen na het contact.

Niet-gevaccineerden die om een andere reden een risico willen inroepen, moeten altijd een onbezoldigd verlof nemen (AVP of VVP).

Als school mag je de vaccinatiestatus van je personeelslid niet opvragen. Je kunt dus enkel afgaan op het bewijs dat het personeelslid voorlegt (ziektebriefje, quarantaineattest ...). Kan je personeelslid geen bewijs voorleggen, dan moet het een AVP of VVP nemen.

×
Kijkt als...
Niveau
Regio